Home

Uitvoeringsbesluit Algemene wet inzake rijksbelastingen 1964

Geldig van 1 januari 2026 tot 1 januari 2032
Geldig van 1 januari 2026 tot 1 januari 2032

Uitvoeringsbesluit Algemene wet inzake rijksbelastingen 1964

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-01-2026 tot 01-01-2032]

Aanhef

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Financiën van 4 december 1964, nr. B 4/16765, Directie Wetgeving directe belastingen;

Gelet op de artikelen 61 en 70 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Stb. 1959, 301);

De Raad van State gehoord (advies van 9 december 1964, nr. 37);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Financiën van 17 december 1964, nr. B 4/17303, Directie Wetgeving directe belastingen;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel a1

1.

Dit besluit geeft uitvoering aan de artikelen 21a, 61, 66a en 70 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

2.

Dit besluit verstaat onder inzagerecht: het recht op inzage in de stukken die betrekking hebben op een belastingaanslag of een voor bezwaar vatbare beschikking jegens een belastingplichtige of inhoudingsplichtige, bedoeld in artikel 66a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

Hoofdstuk 2. Belastingheffing en invordering bij ontbreken vaste woonplaats of plaats van vestiging

Artikel 1

Artikel 2

Artikel 3

Artikel 4

Artikel 5

Hoofdstuk 3. Authentieke gegevens uit andere basisregistraties

Artikel 5a

Hoofdstuk 4. Inzage in de belastingplichtige of inhoudingsplichtige betreffende gegevens

Artikel 5b [Nog niet in werking]

Hoofdstuk 5. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 6