Wijzigingswet Telecommunicatiewet, enz. (uitvoering EU-verordening elektronische identiteiten en vertrouwensdiensten)
Wijzigingswet Telecommunicatiewet, enz. (uitvoering EU-verordening elektronische identiteiten en vertrouwensdiensten)
Opschrift
Aanhef
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (PbEU 2014, L257) uit te voeren, en dat het wenselijk is de hiervoor noodzakelijke bepalingen aan te passen in de Boeken 3 en 6 van het Burgerlijk Wetboek, de Telecommunicatiewet, de Algemene wet bestuursrecht, alsmede daarmee samenhangende wijzigingen van andere wetten;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: