Home

Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen

Geldig vanaf 1 juli 2024
Geldig vanaf 1 juli 2024

Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-07-2024]

Aanhef

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister voor Rechtsbescherming van 16 oktober 2019, Directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 2725937;

Gelet op de artikelen 493, zesde lid, 6:1:15, 6:2:9, 6:2:14, 6:2:21, 6:3:6, 6:3:13, 6:4:8, 6:4:19, 6:5:3, 6:6:18 en 6:7:8 van het Wetboek van Strafvordering en artikel 74, vijfde lid, van het Wetboek van Strafrecht;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 6 december 2019, nr. W16.19.0327/II);

Gezien het nader rapport van Onze Minister voor Rechtsbescherming van 13 december 2019, Directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 2770068;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1:1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Artikel 1:2

1.

Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de volgorde waarin straffen en maatregelen ten uitvoer worden gelegd.

2.

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over:

  1. een persoonsgerichte invulling van de tenuitvoerlegging;

  2. het geven van een last tot aanhouding;

  3. de vorm van het advies van het openbaar ministerie aan Onze Minister over tijdens de tenuitvoerlegging te nemen besluiten;

  4. de bevoegdheid van Onze Minister, bedoeld in artikel 6:1:11 van de wet.

Hoofdstuk 2. Vrijheidsbenemende sancties

Titel 2.1. Voorwaardelijke invrijheidstelling

Artikel 2:1

Artikel 2:2

Artikel 2:3

Artikel 2:4

Artikel 2:5

Titel 2.2. Schorsing van de voorlopige hechtenis bij jeugdigen

Artikel 2:6

Titel 2.3. Het netwerk- en het trajectberaad voor jeugdigen

Artikel 2:7

Titel 2.4. Plaatsing in een inrichting voor jeugdigen

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 2:8
Artikel 2:9

§ 2. Voorwaardelijke beëindiging door Onze Minister

Artikel 2:10
Artikel 2:11
Artikel 2:12
Artikel 2:13
Artikel 2:14
Artikel 2:15
Artikel 2:16
Artikel 2:17

§ 3. Verlenging van de maatregel

Artikel 2:18
Artikel 2:19

§ 4. Voorwaardelijke beëindiging van rechtswege

Artikel 2:20
Artikel 2:21

§ 5. Omzetting van de maatregel

Artikel 2:22

Titel 2.5. Delegatie

Artikel 2:23

Hoofdstuk 3. Vrijheidsbeperkende sancties en voorwaarden

Titel 3.1. Toezicht op de naleving van voorwaarden

Artikel 3:1

Artikel 3:2

Artikel 3:3

Artikel 3:4

Artikel 3:5

Titel 3.2. Taakstraffen

§ 1. Inhoud van de taakstraf

Artikel 3:6
Artikel 3:7
Artikel 3:8
Artikel 3:9
Artikel 3:10
Artikel 3:11
Artikel 3:12

§ 2. Plaatsing taakgestrafte

Artikel 3:13
Artikel 3:14
Artikel 3:15

§ 3. Uitvoerder taakstraffen

Artikel 3:16
Artikel 3:17
Artikel 3:18
Artikel 3:19
Artikel 3:20

§ 4. Taakgestrafte

Artikel 3:21
Artikel 3:22
Artikel 3:23
Artikel 3:24
Artikel 3:25

Titel 3.3. Gedragsbeïnvloedende maatregel

Artikel 3:26

Titel 3.4. Delegatie

Artikel 3:27

Hoofdstuk 4. Geldelijke sancties en bijkomende straffen

Titel 4.1. Algemene bepalingen

Artikel 4:1

Titel 4.2. Plaats, wijze en termijn van betaling

Artikel 4:2

Artikel 4:3

Artikel 4:4

Artikel 4:5

Artikel 4:6

Artikel 4:7

Titel 4.3. Verantwoording van de gelden

Artikel 4:8

Artikel 4:9

Artikel 4:10

Titel 4.4. Administratiekosten en kosten van verhaal

Artikel 4:11

Artikel 4:12

Titel 4.5. Uitlevering voorwerpen

Artikel 4:13

Titel 4.6. Voorschot schadevergoedingsmaatregel

Artikel 4:14

Titel 4.7. Delegatie

Artikel 4:15

Hoofdstuk 5. Gratie

Artikel 5:1

Artikel 5:2

Artikel 5:3

Artikel 5:4

Artikel 5:5

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen

Artikel 6:1

Artikel 6:2

Artikel 6:3