Home

Besluit EU-verordeningen Wft

Geldig vanaf 15 juli 2025
Geldig vanaf 15 juli 2025

Besluit EU-verordeningen Wft

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 15-07-2025]

Aanhef

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 2 januari 2024, 2023-0000276513, directie Financiële Markten;

Gelet op de artikelen 1:3a, vierde lid, 1:24, derde lid, 1:25, derde lid, 1:25a, tweede lid, 1:25c, 1:50a, 1:79, eerste lid, onderdeel b, 1:80, onderdeel b, 1:81, derde lid, 1:82, tweede lid, 1:87, vierde lid, 1:94, eerste lid, onderdeel h, 1:97, derde lid, onderdeel b, artikel 3:28a, eerste lid, en 4:27a, derde lid, van de Wet op het financieel toezicht, alsmede de in de bijlagen bij dit besluit aangehaalde EU-verordeningen;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 21 februari 2024, nr. W06.24.00002/III;

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 14 maart 2023, 2024-0000203083, directie Financiële Markten;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1. Begripsbepaling

In dit besluit wordt onder wet verstaan: Wet op het financieel toezicht.

Artikel 2. Aanwijzing bevoegde autoriteiten

1.

Als bevoegde autoriteiten, belast met de uitvoering en handhaving van de in de bijlagen bij dit besluit genoemde verordeningen, worden aangewezen de in de desbetreffende bijlagen vermelde bestuursorganen.

2.

De Europese Centrale Bank treedt als bevoegde autoriteit in de plaats van de Nederlandsche Bank, indien dit volgt uit de artikelen 4, 5 en 6 van Verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PbEU 2013, L 287).

3.

Als afwikkelingsautoriteit wordt, in de gevallen vermeld in de bijlagen, aangewezen de Nederlandsche Bank.

Artikel 3. Handhaving

1.

De bevoegde autoriteit kan, ter handhaving van de in de bijlagen aangegeven voorschriften, een last onder dwangsom of een bestuurlijke boete opleggen wegens overtreding van het bij of krachtens die voorschriften bepaalde.

2.

Het opleggen van een bestuurlijke boete geschiedt met inachtneming van de bij het desbetreffende voorschrift vermelde boetecategorie en, indien van toepassing, het krachtens artikel 1:81, derde lid, of 1:82, tweede lid, van de wet geldende boetemaximum of percentage van de netto-omzet. Paragraaf 1 van het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector is van overeenkomstige toepassing.

3.

De bevoegde autoriteit beschikt in de gevallen, geregeld in de bijlagen, tevens over:

  1. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 1:87, vierde lid, van de wet, om natuurlijke personen tijdelijk de bevoegdheid te ontzeggen bepaalde functies uit te oefenen;

  2. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 1:94, eerste lid, aanhef en onderdeel i, van de wet, om overtredingen en de namen van overtreders bekend te maken;

  3. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 1:97, derde lid, aanhef en onderdeel b, van de wet, om besluiten tot het opleggen van een bestuurlijke boete ter zake van een overtreding, gerangschikt in de tweede boetecategorie, zo spoedig mogelijk openbaar te maken.

Artikel 4. Buitengerechtelijke geschillenbeslechting

Artikel 5. Overige bepalingen

Artikel 6. Wijziging Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft

Artikel 7. Wijziging Besluit prudentiële regels Wft

Artikel 8. Wijziging Besluit marktmisbruik Wft

Artikel 9. Wijziging Wijzigingsbesluit financiële markten 2023

Artikel 10. Intrekken besluiten

Artikel 11. Overgangsrecht

Artikel 12. Inwerkingtreding

Artikel 13. Citeertitel

Bijlage 1. Verordening (EG) nr. 1060/2009 (CRA – ratingbureaus)

Bijlage 2. Verordening (EU) nr. 583/2010 (KII – essentiële beleggersinformatie)

Bijlage 3. Verordening (EU) nr. 236/2012 (SSR – short selling en kredietverzuimswaps)

Bijlage 4. Verordening (EU) nr. 260/2012 (SEPA – betaaldiensten)

Bijlage 5. Verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR – OTC-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters)

Bijlage 6. Verordening (EU) nr. 345/2013 (EuVECA – Europese durfkapitaalfondsen)

Bijlage 7. Verordening (EU) nr. 346/2013 (EuSEF – Europese sociaalondernemerschapsfondsen)

Bijlage 8. Verordening (EU) nr. 575/2013 (CRR – kapitaalvereisten)

Bijlage 9. Verordening (EU) nr. 596/2014 (MAR – marktmisbruik)

Bijlage 10. Verordening (EU) nr. 600/2014 (MiFIR – markten voor financiële instrumenten)

Bijlage 11. Verordening (EU) nr. 806/2014 (SRMR – gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme)

Bijlage 12. Verordening (EU) nr. 909/2014 (CSDR – centrale effectenbewaarinstellingen)

Bijlage 13. Verordening (EU) nr. 1286/2014 (PRIIPs – beleggingsproducten)

Bijlage 14. Verordening (EU) 2015/35 (Gedelegeerde verordening Solvabiliteit II)

Bijlage 15. Verordening (EU) 2015/63 (RFR – afwikkelingsfonds)

Bijlage 16. Verordening (EU) 2015/751 (MIF – afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties)

Bijlage 17. Verordening (EU) 2015/760 (ELTIF – Europese langetermijnbeleggingsinstellingen)

Bijlage 18. Verordening (EU) 2015/2365 (SFTR – effectenfinancieringstransacties)

Bijlage 19. Verordening (EU) 2016/1011 (Benchmarks)

Bijlage 20. Verordening (EU) 2017/565 (Gedelegeerde verordening markten voor financiële instrumenten 2014 – organisatorische eisen)

Bijlage 21. Verordening (EU) 2017/1129 (Prospectus)

Bijlage 22. Verordening (EU) 2017/1131 (MMFR – geldmarktfondsen)

Bijlage 23. Verordening (EU) 2017/2358 (IDD POG – productontwikkeling en -governance)

Bijlage 24. Verordening (EU) 2017/2359 (IDD COB – verzekeringen met een beleggingscomponent)

Bijlage 25. Verordening (EU) 2017/2402 (SECR – securitisaties)

Bijlage 26. Verordening (EU) 2019/1156 (grensoverschrijdende distributie ICBE’s)

Bijlage 27. Verordening (EU) 2019/1238 (PEPP – pan-Europees persoonlijk pensioenproduct)

Bijlage 28. Verordening (EU) 2019/2033 (IFR -prudentiële vereisten beleggingsondernemingen)

Bijlage 29. Verordening (EU) 2019/2088 (SFDR – informatieverschaffing duurzaamheid)

Bijlage 30. Verordening (EU) 2020/852 (Taxonomie – kader duurzame beleggingen)

Bijlage 31. Verordening (EU) 2020/1503 (CSPR – Crowdfundingdienstverleners voor bedrijven)

Bijlage 32. Verordening (EU) 2021/23 (CCPRRR – herstel en afwikkeling centrale tegenpartijen)

Bijlage 33. Verordening (EU) 2021/1230 (CBPR – grensoverschrijdende betalingen)

Bijlage 34. Verordening (EU) 2022/858 (DLTPRR – DLT pilot regime)

Bijlage 35. Verordening (EU) 2022/2554 (DORA - digitale operationele weerbaarheid)

Bijlage 36. Verordening (EU) 2023/1114 (MiCAR – cryptoactivamarkten)

Bijlage 37. Verordening (EU) 2023/2631 (EuGBR – Europese groene obligaties)

Bijlage 38. Verordening (EU) 2023/2830 (veiling van broeikasgasemissierechten)