College van Beroep voor het bedrijfsleven, 09-04-2014, ECLI:NL:CBB:2014:142, AWB 12/274
College van Beroep voor het bedrijfsleven, 09-04-2014, ECLI:NL:CBB:2014:142, AWB 12/274
Gegevens
- Instantie
- College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum uitspraak
- 9 april 2014
- Datum publicatie
- 22 april 2014
- ECLI
- ECLI:NL:CBB:2014:142
- Zaaknummer
- AWB 12/274
- Relevante informatie
- Meststoffenwet [Tekst geldig vanaf 01-01-2025 tot 01-01-2030] art. 7
Inhoudsindicatie
Bestuurlijke boete, gebruiksnorm dierlijke meststoffen, stikstofgebruiksnorm, fosfaatgebruiksnorm, forfaitaire waarde
Uitspraak
uitspraak
zaaknummer: 12/274
16005
appellante
en
gemachtigde van appellante: mr. J. van Groningen
gemachtigde van verweerder: mr. B. Raven
Procesverloop in hoger beroep
Appellante heeft bij brief van 28 februari 2012 hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 23 januari 2012.
Verweerder heeft een reactie op het hoger beroepschrift ingediend.
Op 20 november 2013 heeft het onderzoek ter zitting plaatsgehad, waarbij de gemachtigden van partijen en van de zijde van appellante [naam 1] en [naam 2] zijn verschenen.
Grondslag van het geschil
Voor een uitgebreide weergave van het verloop van de procedure en de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden, voor zover niet bestreden, wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. Het College volstaat met het volgende.
De uitvoerende dienst van de staatssecretaris heeft een controle uitgevoerd bij appellante in het kader van de Meststoffenwet. Op basis van dat onderzoek is aan appellante bij primair besluit van 23 september 2010 een boete opgelegd van € 37.910,-- wegens overtreding van artikel 7 van de Meststoffenwet (Msw) in het jaar 2008. Daarbij is uitgegaan van een overschrijding van de gebruiksnorm voor dierlijke meststoffen met 4.046 kg, overschrijding van de stikstofgebruiksnorm met 1.546 kg en overschrijding van de fosfaatgebruiksnorm met 748 kg.
Bij besluit van 23 februari 2011 (besluit 1) heeft de staatssecretaris het tegen dat besluit gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen besluit 1 ongegrond verklaard.
Hangende het hoger beroep heeft de staatssecretaris bij besluit van 8 oktober 2013 opnieuw op het bezwaar beslist (besluit 2). Daarbij is het eerdere besluit van 23 februari 2011 ingetrokken.
De uitspraak van de rechtbank
Voor een weergave van de overwegingen van de rechtbank die tot ongegrondverklaring van het ingestelde beroep hebben geleid verwijst het College naar de aangevallen uitspraak.