Gerechtshof Amsterdam, 26-04-2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1642, 200.185.484/02 en 200.186.052/02
Gerechtshof Amsterdam, 26-04-2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1642, 200.185.484/02 en 200.186.052/02
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 26 april 2016
- Datum publicatie
- 3 mei 2016
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2016:1642
- Zaaknummer
- 200.185.484/02 en 200.186.052/02
- Relevante informatie
- Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering [Tekst geldig vanaf 08-03-2025 tot 01-07-2025] art. 223, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering [Tekst geldig vanaf 08-03-2025 tot 01-07-2025] art. 821, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering [Tekst geldig vanaf 08-03-2025 tot 01-07-2025] art. 822, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering [Tekst geldig vanaf 08-03-2025 tot 01-07-2025] art. 823, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering [Tekst geldig vanaf 08-03-2025 tot 01-07-2025] art. 824, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering [Tekst geldig vanaf 08-03-2025 tot 01-07-2025] art. 825, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering [Tekst geldig vanaf 08-03-2025 tot 01-07-2025] art. 826
Inhoudsindicatie
223 Rv, 821-826 Rv
Verzoek schorsing tenuitvoerlegging gezagsbeschikking afgewezen.
Ambtshalve toets ontvankelijkheid verzoek voorlopige voorziening 223 Rv in het kader van echtscheidingsprocedure. In echtscheidingsprocedure is geen verzoek op basis van artikel 223 Rv mogelijk.
Geldigheidsduur van voorlopige voorzieningen met betrekking tot minderjarigen. Uitleg van artikel 826 lid 1 Rv.
Voorlopige voorzieningen ex artikel 821-826 Rv blijven gelden en kunnen worden verzocht totdat in het echtscheidingsgeding op de desbetreffende nevenvoorziening is beslist.
Uitspraak
Afdeling civiel recht en belastingrecht
Team III (familie- en jeugdrecht)
Uitspraak: 26 april 2016
Zaaknummers: 200.185.484/02 en 200.186.052/02
Zaaknummer eerste aanleg: C/15/225284/ FA RK 15-2344 en C/15/207885/ FA RK 13-3709
in de zaak in hoger beroep van:
[de man] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker,
advocaat: mr. W.N. Sardjoe te 's-Gravenhage,
tegen
[de vrouw] ,
wonende te [woonplaats] ,
verweerster,
advocaat: mr. T.M. Coppes te Aerdenhout.
1 Het geding
Partijen worden hierna respectievelijk de man en de vrouw genoemd.
De man is op 10 februari 2016 in hoger beroep gekomen van de beschikking van 13 januari 2016 van de rechtbank Noord-Holland, met kenmerk C/15/225284/ FA RK 15-2344 (zaaknummer: 200.185.484/01). Hij heeft daarbij tevens een verzoek tot schorsing van de werking van die beschikking ingediend (zaaknummer: 200.185.484/02).
De man is op 22 februari 2016 in hoger beroep gekomen van de beschikking van 13 januari 2016 van de rechtbank Noord-Holland, met kenmerk C/15/207885/ FA RK 13-3709 (zaaknummer: 200.186.052/01). Hij heeft daarbij tevens een verzoek voorlopige voorzieningen ex artikel 223 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) ingediend (zaaknummer: 200.186.052/02).
In de zaak betreffende het schorsingsverzoek heeft de vrouw op 9 maart 2016 een verweerschrift ingediend.
In de zaak betreffende het verzoek voorlopige voorzieningen heeft de vrouw op 11 maart 2016 een verweerschrift ingediend.
De man heeft op 11 maart 2016 in beide zaken nadere stukken ingediend. De vrouw heeft op 14 maart 2016 in beide zaken nadere stukken ingediend.
De verzoeken tot schorsing en om een voorlopige voorziening, met zaaknummers 200.185.484/02 en 200.186.052/02, zijn op 14 maart 2016 gelijktijdig ter terechtzitting behandeld.
Ter terechtzitting zijn verschenen:
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- namens Jeugdbescherming Regio Amsterdam (hierna: de GI): de gezinsmanagers;
- mevrouw M. Dik, vertegenwoordiger van de Raad voor de Kinderbescherming, regio Noord-Holland, locatie Haarlem (hierna: de Raad).
De man heeft zoals afgesproken ter zitting op 22 maart 2016 een dvd ingezonden.
2 De feiten
Partijen zijn [in] 2003 gehuwd. Hun huwelijk is op 12 november 2014 ontbonden door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking van 16 juli 2014 in de registers van de burgerlijke stand. Uit hun huwelijk zijn geboren [kind a] (hierna: [kind a] ) [in] 2007 en [kind b] (hierna: [kind b] ) [in] 2011 (hierna tezamen: de kinderen). De kinderen verblijven bij de vrouw.
Bij beschikking van de kinderrechter in de rechtbank Noord-Holland van 6 augustus 2015 zijn de kinderen onder toezicht gesteld van de GI voor de duur van een jaar tot 6 augustus 2016. Deze beschikking is bij beschikking van dit hof van 26 januari 2016 bekrachtigd. De GI heeft op 8 januari 2016 een verzoek tot verlening van een machtiging tot uithuisplaatsing van de kinderen ingediend. Zij heeft dit verzoek bij bericht van 21 januari 2016 aan de kinderrechter ingetrokken.
Bij beschikking van de rechtbank Noord-Holland van 8 mei 2015 is, voor zover thans van belang, het verzoek van de vrouw te bepalen dat haar het eenhoofdig gezag over de kinderen wordt toegekend, aangehouden en is de Raad verzocht onderzoek te verrichten naar de vraag of de belangen van de kinderen zich tegen het eenhoofdig gezag bij de moeder verzetten.
Bij beschikking van de rechtbank Noord-Holland van 19 augustus 2015 is de zaak aangehouden in afwachting van de uitkomst van een ouderschapsonderzoek en de inspanningen in het kader van de ondertoezichtstelling van de kinderen.
Bij beschikking van de rechtbank Noord-Holland van 25 februari 2014 in een voorlopige voorzieningenprocedure als bedoeld in artikel 821 Rv is, op verzoek van de man een zorgregeling vast te stellen, de Raad verzocht een onderzoek in te stellen naar de verdeling van zorg- en opvoedingstaken. Daarbij is voorts bepaald dat partijen zich dienen te wenden tot het Omgangshuis. Bij latere beschikking is het verzoek van de man om bij wege van voorlopige voorzieningen een omgangsregeling vast te stellen, afgewezen.
Bij de echtscheidingsbeschikking van 16 juli 2014 is het nevenverzoek van de man tot vaststelling van een zorgregeling tussen hem en de kinderen aangehouden in afwachting van de uitkomst van de inmiddels in de voorlopige voorzieningenprocedure gelaste onderzoeken.
Bij beschikking van de rechtbank Noord-Holland van 25 maart 2015 is een voorlopige verdeling van de zorg- en opvoedingstaken vastgesteld aldus dat, verkort weergegeven, de man en de kinderen eenmaal per week op vrijdagmiddag om 17:30 uur dan wel op een in onderling overleg te bepalen tijdstip contact met elkaar hebben via Face-time, en is de zaak aangehouden in verband met een (beschermings)onderzoek door de Raad.
Bij de stukken bevinden zich rapporten van de Raad van 28 april 2014 en van 22 juni 2015, een rapport van het Omgangshuis van 7 oktober 2014 en plannen van aanpak ondertoezichtstelling van 17 november 2015, 7 januari 2016 en 18 februari 2016.
3 Het geschil
Bij de bestreden beschikking van 13 januari 2016 met kenmerk C/15/225284/ FA RK 15-2344 (hierna: de gezagsbeschikking) is op verzoek van de vrouw het gezamenlijk gezag over de kinderen beëindigd en is bepaald dat het eenhoofdig gezag over hen toekomt aan de vrouw. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
In de zaak met zaaknummer 200.185.484/02 verzoekt de man de werking van de gezagsbeschikking te schorsen voor de duur van het geding.
De vrouw verzoekt het schorsingsverzoek af te wijzen, met veroordeling van de man in de kosten van deze procedure.
Bij de bestreden beschikking van 13 januari 2016 met kenmerk C/15/207885/ FA RK 13-3709 (hierna: de omgangsbeschikking) is het nevenverzoek van de man tot vaststelling van een verdeling van de zorg- en opvoedingstaken tussen hem en de kinderen afgewezen.
In de zaak met zaaknummer 200.186.052/02 verzoekt de man op de voet van artikel 223 Rv bij wege van voorlopige voorziening voor de duur van de procedure in hoger beroep een voorlopige omgangsregeling vast te stellen aldus dat de man en de kinderen omgang met elkaar hebben gedurende één dag(deel) per week, waarbij de vrouw de kinderen bij de man brengt en de man de kinderen bij de vrouw terugbrengt, dan wel waarbij de vrouw de kinderen naar een neutrale plek brengt, bijvoorbeeld het kantoor van de GI, en de man de kinderen daar terugbrengt.
De vrouw verzoekt het verzoek voorlopige voorzieningen af te wijzen, met veroordeling van de man in de kosten van deze procedure.