Gerechtshof Amsterdam, 08-03-2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:863, 200.165.483/01
Gerechtshof Amsterdam, 08-03-2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:863, 200.165.483/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 8 maart 2016
- Datum publicatie
- 11 maart 2016
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2016:863
- Zaaknummer
- 200.165.483/01
- Relevante informatie
- Burgerlijk Wetboek Boek 6 [Tekst geldig vanaf 04-02-2025 tot 28-06-2025], Burgerlijk Wetboek Boek 6 [Tekst geldig vanaf 04-02-2025 tot 28-06-2025] art. 162, Burgerlijk Wetboek Boek 7 [Tekst geldig vanaf 12-02-2025 tot 01-07-2025], Burgerlijk Wetboek Boek 7 [Tekst geldig vanaf 12-02-2025 tot 01-07-2025] art. 17, Wet bodembescherming [Tekst geldig vanaf 01-01-2024] [Regeling ingetrokken per 2024-01-01], Wet bodembescherming [Tekst geldig vanaf 01-01-2024] [Regeling ingetrokken per 2024-01-01] art. 29, Wet bodembescherming [Tekst geldig vanaf 01-01-2024] [Regeling ingetrokken per 2024-01-01] art. 37
Inhoudsindicatie
Inhoud: Koop en verkoop van verontreinigde grond waarop (onder meer) ondergrondse parkeergarage zou worden aangelegd. Ontkennende beantwoording van de vraag of de gemeente contractueel of op grond van onrechtmatige daad gehouden is koopster de meerkosten van de afvoer van de verontreinigde grond te voldoen.
Uitspraak
arrest
___________________________________________________________________ _ _
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer: 200.165.483/01
zaak/rolnummer rechtbank Noord-Holland: C/15/209949/HA ZA 14-10
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 8 maart 2016
inzake
1 KANTOORTOREN ZAANSTAD V.O.F.,
gevestigd te Wormerveer, gemeente Zaanstad,
alsmede haar vennoten:
gevestigd te Westknollendam, gemeente Zaanstad,
gevestigd te Wormerveer, gemeente Zaanstad,
gevestigd te Wormerveer, gemeente Zaanstad,
appellanten,
advocaat: mr. J.P. Heering te Den Haag,
t e g e n
GEMEENTE ZAANSTAD,
zetelend te Zaandam, gemeente Zaanstad,
geïntimeerde,
advocaat: mr. H. van Lier te Haarlem.
1 Het geding in hoger beroep
Partijen worden hierna (in enkelvoud) Kantoortoren en de gemeente genoemd.
Kantoortoren is bij dagvaarding van 12 februari 2015 in hoger beroep gekomen van het vonnis van 3 december 2014 van de rechtbank Noord-Holland, voor zover onder boven-staand zaak- en rolnummer gewezen tussen Kantoortoren als eiseres in reconventie en de gemeente als verweerster in reconventie.
Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:
- memorie van grieven, met producties;
- memorie van antwoord.
Ten slotte is arrest gevraagd.
Kantoortoren heeft - kennelijk onder vermeerdering van eis - geconcludeerd dat het hof bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard arrest het bestreden vonnis zal vernietigen en, opnieuw recht doende, de gemeente zal veroordelen tot betaling aan Kantoortoren van een bedrag van € 602.554,=, tot vergoeding van de door Kantoortoren geleden schade, op te maken bij staat, en tot (terug)betaling aan Kantoortoren van al hetgeen zij de gemeente uit hoofde van het bestreden vonnis heeft voldaan, alles met rente, met beslissing over de proceskosten met nakosten en rente.
De gemeente heeft geconcludeerd, zakelijk, dat het hof bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard arrest het bestreden vonnis zal bekrachtigen en de vorderingen van Kantoortoren zal afwijzen, met beslissing over de proceskosten, met nakosten en rente.
Partijen hebben in hoger beroep bewijs van hun stellingen aangeboden.
2 Feiten
De rechtbank heeft in het bestreden vonnis, onder 2.1 tot en met 2.12, een aantal feiten vastgesteld. Deze feiten zijn niet in geschil en dienen derhalve ook het hof als uitgangspunt.