Gerechtshof Amsterdam, 14-05-2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:1610, 200.220.773/01
Gerechtshof Amsterdam, 14-05-2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:1610, 200.220.773/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 14 mei 2019
- Datum publicatie
- 14 mei 2019
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2019:1610
- Formele relaties
- Cassatie: ECLI:NL:HR:2020:1942, Bekrachtiging/bevestiging
- Zaaknummer
- 200.220.773/01
Inhoudsindicatie
Het Parool heeft artikelen gepubliceerd over de kopers van politiepanden op de Wallen, en hun banden met criminelen.
De betrokken kopers vorderen te verklaren dat publicatie van de artikelen onrechtmatig is.
Tevens vorderen zij de artikelen offline te halen, een rectificatie in de krant te publiceren en immateriële schade te vergoeden.
De rechtbank oordeelde dat publicatie van de artikelen niet onrechtmatig was.
Het hof oordeelt nu dat één bewering in het laatste artikel onrechtmatig was wegens het ontbreken van nuancering en/of wederhoor.
De artikelen worden verder rechtmatig bevonden.
Plaatsing van een rectificatie bij het laatste artikel in het digitale archief volstaat.
De overige vorderingen zijn niet toewijsbaar.
Uitspraak
afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer : 200.220.773/01
zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/614117 / HA ZA 16-846
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 14 mei 2019
inzake
1 [appellant sub 1] ,
2. [appellant sub 2],
beiden wonend te [woonplaats] ,
appellanten,
advocaat: mr. M.Ch. Kaaks te Amsterdam,
tegen
1 HET PAROOL B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. [geïntimeerde sub 2],
domicilie kiezend te [woonplaats] ,
3. [geïntimeerde sub 3],
domicilie kiezend te [woonplaats] ,
4. [geïntimeerde sub 4],
domicilie kiezend te [woonplaats] ,
geïntimeerden,
advocaat: mr. C. Wildeman te Amsterdam.
1 Het geding in hoger beroep
Partijen worden hierna [appellant sub 1] , [appellant sub 2] , Het Parool, [geïntimeerde sub 2] , [geïntimeerde sub 3] en [geïntimeerde sub 4] genoemd. Appellanten gezamenlijk worden ook wel aangeduid als [appellanten] , geïntimeerden gezamenlijk als Het Parool c.s.
[appellanten] zijn bij dagvaarding van 12 juli 2017 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de rechtbank Amsterdam van 7 juni 2017, onder bovenvermeld zaaknummer gewezen tussen [appellanten] als eisers en Het Parool c.s. als gedaagden.
Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:
- memorie van grieven, met producties;
- memorie van antwoord, met producties.
Partijen hebben de zaak ter zitting van 27 juni 2018 doen bepleiten door hun in de aanhef van dit arrest genoemde advocaten, beiden aan de hand van pleitnotities die zijn overgelegd. Van de zijde van [appellanten] zijn bij die gelegenheid nog producties overgelegd.
Ten slotte is arrest gevraagd.
[appellanten] hebben geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen voor zover hun vorderingen in eerste aanleg zijn afgewezen en, uitvoerbaar bij voorraad, alsnog hun in hoger beroep op onderdelen opnieuw geformuleerde vorderingen zal toewijzen, met veroordeling van Het Parool c.s. in de kosten van het geding in beide instanties.
Het Parool c.s. hebben geconcludeerd, zakelijk weergegeven, tot bekrachtiging van het bestreden vonnis, met veroordeling, uitvoerbaar bij voorraad, van [appellanten] in de kosten van het geding in hoger beroep, met nakosten.