Home

Gerechtshof Amsterdam, 19-03-2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:901, 200.218.429/01

Gerechtshof Amsterdam, 19-03-2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:901, 200.218.429/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
19 maart 2019
Datum publicatie
23 april 2019
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2019:901
Zaaknummer
200.218.429/01

Inhoudsindicatie

Overeenkomstenrecht. Uitleg earn out-overeenkomst. Tekortkoming? Samenghang met ECLI:NL:GHAMS:2016:4027, JOR 2017/118.

Uitspraak

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer : 200.218.429/01

zaak-/rolnummer rechtbank Amsterdam : C/13/598954/ HA ZA 15-1110

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 19 maart 2019

inzake

INGENIUM PARTICIPATIES B.V.,

gevestigd te Maarssen,

appellante,

advocaat: mr. J.P.D. van de Klift te Rotterdam,

tegen

1 INTRUM JUSTITIA B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

2. de vennootschap naar het recht van Zweden

INTRUM JUSTITIA AB

gevestigd te Stockholm, Zweden,

3. [geïntimeerde sub 3],

wonende te [woonplaats] , [land] ,

4. [geïntimeerde sub 4],

wonende te [woonplaats] , [land] ,

5. [geïntimeerde sub 5],

wonende te [woonplaats] , [land] ,

6. [geïntimeerde sub 6],

wonende te [woonplaats] , [land] ,

7. [geïntimeerde sub 7],

wonende te [woonplaats] , [land] ,

geïntimeerden,

advocaat: mr. I.S. Oosterhoff te Amsterdam.

1 Het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna Ingenium en Intrum c.s. (in enkelvoud) genoemd. Geïntimeerde sub 1 wordt hierna Intrum Justitia genoemd. Geïntimeerde sub 2 wordt hierna Intrum AB genoemd. Geïntimeerden sub 3 tot en met 7 worden hierna gezamenlijk de commissarissen genoemd.

Ingenium is bij dagvaarding van 21 juni 2017 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de rechtbank Amsterdam van 22 maart 2017, onder bovenvermeld zaak-/rolnummer gewezen tussen Ingenium als eiseres, tevens verweerster in voorwaardelijke reconventie en Intrum Justitia als gedaagde in conventie tevens eiseres in voorwaardelijke reconventie en Intrum AB en de commissarissen als gedaagden in conventie.

Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:

- memorie van grieven, met producties;

- memorie van antwoord, met producties.

Partijen hebben de zaak ter zitting van 3 oktober 2018 doen bepleiten, Ingenium door mr. Van de Klift voornoemd, en Intrum c.s. door mr. Oosterhoff voornoemd en mr. R.J.T. Kamstra, advocaat te Amsterdam, ieder aan de hand van pleitnotities die zijn overgelegd. Van beide zijden zijn nog producties in het geding gebracht.

Ten slotte is arrest gevraagd.

Ingenium heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en – uitvoerbaar bij voorraad – de vorderingen van Ingenium alsnog zal toewijzen, met veroordeling van Intrum c.s. in de kosten van het geding in beide instanties.

Intrum c.s. heeft geconcludeerd tot bekrachtiging van het vonnis, met – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van Ingenium in de kosten van het geding in hoger beroep met rente en nakosten.

Beide partijen hebben in hoger beroep bewijs van hun stellingen aangeboden.

2 Feiten

De rechtbank heeft in het bestreden vonnis onder 2.1-2.15 de feiten weergegeven die zij als vaststaand heeft aangenomen. Deze feiten zijn in hoger beroep niet in geschil en dienen derhalve ook het hof als uitgangspunt. Samengevat en waar nodig aangevuld met andere feiten die als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende betwist zijn komen vast te staan, komen de feiten neer op het volgende.

2.1.

Ingenium is een investerings- en beleggingsmaatschappij.

2.2.

Intrum AB en haar groepsvennootschappen (hierna: de Intrum groep) drijven een incassobureau met vestigingen in twintig landen. De aandelen in Intrum AB zijn genoteerd aan de beurs in Zweden. In de periode 2011-2014 waren [geïntimeerde sub 3] en [geïntimeerde sub 4] CEO, respectievelijk CFO van Intrum AB. Ook [geïntimeerde sub 6] , [geïntimeerde sub 5] en [geïntimeerde sub 7] zijn werkzaam bij de Intrum groep.

2.3.

Ingenium hield tot 31 januari 2012 11,22% van de aandelen in Buckaroo B.V. (hierna: Buckaroo). De overige aandeelhouders in Buckaroo waren oprichter [A] (4,76%), bestuurder [B] (15,87%) en de aan hen gelieerde vennootschappen Dancing Hills B.V. (15,24%), Ingvest 1 B.V. (42,91%) en Erimaxco Groeifonds B.V. (10%) (samen met Ingenium hierna: de voormalig aandeelhouders). Buckaroo legt zich hoofdzakelijk toe op het aanbieden van online betaaldiensten en van geautomatiseerde incassodiensten.

2.4.

Medio 2011 toonde Intrum AB interesse in een overname van Buckaroo. In het najaar 2011 heeft Intrum AB een boekenonderzoek bij Buckaroo verricht. In dat kader heeft Buckaroo ook een prognose voor de periode van 2012 tot en met 2014 aan Intrum AB gepresenteerd.

2.5.

Op 12 januari 2012 zijn de voormalig aandeelhouders met Intrum Justitia, de Nederlandse houdstervennootschap binnen de Intrum groep, een - op 31 januari 2012 nog gewijzigde - share purchase agreement aangegaan, uit hoofde waarvan de voormalig aandeelhouders alle aandelen in Buckaroo verkochten aan Intrum Justitia (hierna: de koopovereenkomst). De koopprijs bestond uit een vaste vergoeding van € 8 miljoen (vermeerderd met bepaalde per de overname in de onderneming aanwezige waarden) en een resultaatsafhankelijke earn out-vergoeding.

2.6.

De afspraken rondom de earn out-vergoeding zijn nader vastgelegd in een aparte overeenkomst die als bijlage bij de koopovereenkomst was gevoegd (hierna: de earn out-overeenkomst). De earn out-vergoeding was, samengevat, afhankelijk van de door Buckaroo over 2012, 2013 en 2014 behaalde resultaten (EBITDA). Om de voormalig aandeelhouders over het betrokken jaar aanspraak te geven op (een deel van) de earn out-vergoeding moest ten minste 70% (2012 en 2014) of 80% (2013) van het voor dat jaar geprognosticeerde resultaat zijn behaald. Het totale bedrag dat de voormalig aandeelhouders uit hoofde van de earn out-overeenkomst toekwam bedroeg – indien voormelde drempels over 2012, 2013 en 2014 steeds zouden worden behaald – minimaal € 14,97 miljoen en maximaal € 32 miljoen. Meer in het bijzonder was in de (op 31 januari 2012 nog gewijzigde) earn out-overeenkomst, voor zover hier van belang het volgende bepaald:

2.1

Pursuant to Article 3.1(v) and Article 3.4 of the (...) SPA, additional consideration payments (the “Earn-Out Payments” (...)) in an amount not exceeding EUR 32,000,000 shall be made in cash by the Purchaser to the Sellers for the financial years ending on 31 December 2012 (“FYE 2012”), 31 December 2013 (“FYE 2013”) and 31 December 2014 (“FYE 2014” and together with FYE 2012 and FYE 2013 the “Earn-Out Period”). calculated in accordance with Article 2.2.

2.2

The Earn-Out Payments for FYE 2012, FYE 2013 and FYE 2014 shall be calculated as set out in this Article 2.2:

(...)

ARTICLE 4 - COVENANT

Nothing contained in this Agreement shall impair or restrict the Purchaser’s ability to conduct its businesses (...) as it deems fit in its sole discretion in accordance with its internal business practices and processes, however, in reasonable consultation with the Company’s management board (...) and taking into account the commercial agreement between the Parties as set forth in Schedule 2. The Purchaser has no obligation to operate the Group in order to achieve any Earn-Out Payment (...). No act, or failure to act, of the Purchaser other than with regard to its obligations as included in the commercial agreement as set forth in Schedule 3 [bedoeld is Schedule 2, hof] shall give rise to a claim by the Sellers against the Purchaser that the Purchaser’s conduct (or lack thereof) caused the Sellers to fail to achieve any Earn-Out Payments hereunder. The Earn-Out Payment is speculative and is subject to numerous factors outside the control of the Purchaser. There is no assurance that the Sellers will receive any Earn-Out Payments and the Purchaser has not promised nor projected any Earn-Out Payment. The Parties solely intend the express provisions of this Agreement to govern their contractual relationship. Accordingly’, the Sellers hereby waive any fiduciary duty of express or implied duty of the Purchaser to the Sellers (...) with respect to the achievement of the Earn-Out Payment(s) hereunder.

Als Schedule 2 bij de earn out-overeenkomst is een zogenaamde commercial letter gevoegd, waarin onder meer het volgende is opgenomen:

SCHEDULE 2 — COMMERCIAL LETTER

Separate Line of Business

Buckaroo will have a separate Profit & Loss, but fully in line with the accountancy and reporting requirements (GAAP/IFRS) of the Intrum Group;

The activities of Buckaroo will be part of the service line Payment Services;

Buckaroo will have a Supervisory Board appointed by Intrum and will be supervised according group governance and group code of conduct.

Intrum will connect its services with Buckaroo’s services

The parties undertake to connect Intrum’s Value added Services i.e. Collection Services, Payment Guarantee and Credit Optimization Services to Buckaroo’s services.

As a joint effort, the provision of these services should first be made in the Netherlands and later for every European Country where the Buckaroo Services are introduced and where Intrum Justitia offers the relevant services.

As long as Intrum’s services are not yet connected, for whatever reason, to Buckaroo, Buckaroo is free to use other suppliers of these services. Moreover, should the parties not be able to connect Intrum’s services, Buckaroo is free to use alternative suppliers until connection is done.

(...)

Intrum will be connected as Payment Guarantee Provider

(...)

European roll out of Buckaroo Services

The parties will prepare the services of Buckaroo for internationalization, within a time schedule to be agreed. The top 3 prioritized countries to be rolled out to, on the basis of business plans, are:

1 Netherlands;

2. Germany;

3. France.

The roll-out business plan will be jointly prepared during 2012, such joint preparation to be initiated no later than 30 day’s from closing.

(...)

Buckaroo’s Business Plan 2012-2014

The Amended and Restated Earn-Out Agreement is based on Buckaroo’s business plan for 2012-2014, as prepared by the Sellers and received (but not endorsed) by the Purchaser. It is agreed that this business plan is based on Buckaroo’s business on a stand-alone basis, primarily in the Netherlands. Intrum Justitia (NL) will offer payment services to her clients, but it’s the decision of her clients to accept whether or not Buckaroo’s offer. The business plan does, however, assume that 10-20 percent of the revenues in 2014 may come from Buckaroo services offered on other markets

(Belgium, Germany and France).

Feasibility

Roll-out to additional markets will always be subject to satisfactory performance on existing markets. The roll-out to new markets and connection of Intrum services to Buckaroo’s services are also subject to:

 the action being commercially sensible;

 legal clearance in relevant markets; and

 the absence of any material adverse event that negatively affects the business case for the roll-out or the connection.

In artikel 7.2 van de earn out-overeenkomst is een entire agreement clause opgenomen die luidt als volgt:

This Agreement (together with any documents referred to herein or executed contemporaneously or at closing by the Parties in connection herewith) constitutes the whole agreement between the Parties and replaces and supersedes any previous agreements, including the Previous Earn-Out Agreement, or arrangements between them relating to the subject matter of this Agreement and it is expressly declared that no variations of this Agreement shall be effective unless made in writing and executed by the Parties.

2.7.

Na de overname is [B] aangebleven als statutair bestuurder en CEO van Buckaroo. Daarnaast zijn [A] (Chief Technology Officer) en [C] RA (CFO) als statutair bestuurders van Buckaroo benoemd. Voorts zijn toen [geïntimeerde sub 3] , [geïntimeerde sub 4] , [geïntimeerde sub 6] , [geïntimeerde sub 5] en [geïntimeerde sub 7] , onder voorbehoud van goedkeuring van DNB (welke goedkeuring later slechts deels is verkregen) aangesteld als commissarissen bij Buckaroo.

2.8.

Op 19 juni 2013 is aan de voormalig aandeelhouders een earn out-vergoeding van € 3.199.239,67 miljoen uitbetaald die betrekking had op het jaar 2012.

2.9.

Op 28 augustus 2013 heeft een bespreking plaatsgevonden tussen [B] en [geïntimeerde sub 3] . In een besprekingsverslag van Intrum AB is het volgende opgetekend:

INTRUM BUCKAROO AND INTRUM

We have serious issues that need to be resolved immediately. On the other hand, we have great market potential (...)

Lets do the following short term actions:

1. Resolve personal relationships, align goals and actions for the next 18 months (...)

2. Establish a monthly meeting, 2 hours (...)

(...)

4. Identify the type of client needs where Buckaroo solutions should be offered to the clients outside the Netherlands, especially where Intrum is market leader and have excellent client relations (...)

5. Define how Buckaroo business unit can best be organised within the Intrum group to maximise sales and ebit (...)

6. Governance and internal routines of Intrum Buckaroo need of course to be top notch (...)

2.10.

Op 12 september 2013 heeft [geïntimeerde sub 7] aan [B] bericht dat besloten is that Buckaroo will be part of lntrum Finance going forward. In reactie daarop heeft [B] op 13 september 2013 aan [geïntimeerde sub 7] per e-mail het volgende bericht:

[geïntimeerde sub 3] did not officially told me this, but I was aware of the discussions and already expected this. I think it’s a wise decision and I look forward to a great and exciting journey with you and Intrum Finance. There is a lot of opportunities and challenges and I feel that we are at a start of a new rollercoaster period! (...) It’s important that we have an agreement with Intrum/ [geïntimeerde sub 3] about the earn out and the underlying targets.

2.11.

[B] heeft in het najaar van 2013 verschillende versies van een ondernemingsplan van Buckaroo voor 2014 gepresenteerd aan de raad van commissarissen van Buckaroo. In dat kader zijn ook voorstellen gedaan voor aanpassing van de earn out-overeenkomst.

2.12.

Op 24 mei 2013 is de politie ingevallen bij Buckaroo. Begin december 2013 is [B] door de politie verhoord op verdenking van witwassen, fraude, illegaal gokken en lidmaatschap van een criminele organisatie. [B] is kort daarop als bestuurder van Buckaroo geschorst en in de loop van 2014 (samen met [A] , die eveneens was aangebleven) ontslagen. Dit hof heeft op 4 oktober 2016 geoordeeld dat [B] en een van de onder 2.3 genoemde gelieerde vennootschappen onrechtmatig hebben gehandeld door het resultaat over 2012 valselijk op te hogen. De voormalig aandeelhouders zijn veroordeeld een bedrag van (afgerond) € 271.000 aan teveel betaalde earn out-vergoeding terug te betalen. (ECLI:NL:GHAMS:2016:4027, JOR 2017/118)

3 Beoordeling

4 Beslissing