Home

Gerechtshof Amsterdam, 18-02-2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:514, 200.272.286/01

Gerechtshof Amsterdam, 18-02-2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:514, 200.272.286/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
18 februari 2020
Datum publicatie
13 maart 2020
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2020:514
Zaaknummer
200.272.286/01

Inhoudsindicatie

Kort Geding

Vordering van curatoren tot medewerking aan decertificering van in de failliete boedel vallende certificaten.

Toepasselijkheid van art. 2:195 lid 7 BW

Uitspraak

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer : 200.272.286/01

zaak- en rolnummer rechtbank Amsterdam : C/13/675456 / KG ZA 19-1186

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 18 februari 2020

inzake

1 STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR CASTLE INVEST,

gevestigd te Amsterdam,

2. de rechtspersoon naar buitenlands recht

VINCITORE HOLDINGS LTD,

gevestigd te Dubai, Verenigde Arabische Emiraten,

3. [appellant sub 3] ,

wonende te [woonplaats] , [land] ,

4. [appellant sub 4] ,

wonende te [woonplaats] ,

appellanten in de hoofdzaak,

eisers in het incident ex art. 351 Rv.,

advocaat: mr. R.P. de Bruin te Gouda,

tegen

1 MR. PHILIP WILLEM SCHREURS,

kantoorhoudende te [plaats] ,

2. MR. HENRICUS JOHANNES SCHOOL,

kantoorhoudende te [plaats] ,

beiden in hoedanigheid van curator in het faillissement van [X] ,

geïntimeerden in de hoofdzaak,

verweerders in het incident ex art. 351 Rv.,

advocaat: mr. B. Rikkert te Eindhoven.

1 Het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna de Stak c.s. en de curatoren genoemd. Appellanten in de hoofdzaak zullen afzonderlijk worden aangeduid als de Stak, Vincitore, [appellant sub 3] en [appellant sub 4] .

De Stak c.s. zijn bij dagvaarding van 10 januari 2020 in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam van 27 december 2019, onder bovenvermeld zaak- en rolnummer gewezen tussen de curatoren als eisers en de Stak c.s. als gedaagden. De appeldagvaarding bevat tevens de grieven, met producties. De curatoren hebben een memorie van antwoord met een productie ingediend.

Partijen hebben de zaak ter zitting van 5 februari 2020 doen bepleiten, de Stak c.s. door mr. De Bruin, voornoemd, en de curatoren door mr. H.J. School, advocaat te ‘s-Hertogenbosch, ieder aan de hand van pleitnotities waarvan exemplaren zijn overgelegd.

Ten slotte is arrest gevraagd.

In het incident hebben de Stak c.s. gevorderd om de uitvoerbaarheid bij voorraad van het bestreden vonnis voor de duur van de procedure in hoger beroep te schorsen tot het hof arrest heeft gewezen.

De Stak c.s. hebben in de hoofdzaak geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en de vorderingen van de curatoren alsnog zal afwijzen, met veroordeling van de curatoren – uitvoerbaar bij voorraad – in de kosten van het geding in beide instanties, met nakosten en rente. Verder hebben de Stak c.s. geconcludeerd dat het hof, indien het enige vordering van de curatoren zal toewijzen, het arrest niet uitvoerbaar bij voorraad zal verklaren.

De curatoren hebben in de hoofdzaak geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal bekrachtigen en in het incident dat het hof de vordering van de Stak c.s. zal afwijzen, met veroordeling – uitvoerbaar bij voorraad – van de Stak c.s. in de kosten van het geding in hoger beroep.

2 Feiten

3 Beoordeling

4 Beslissing