Gerechtshof Amsterdam, 10-03-2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:744, 200.230.866/01
Gerechtshof Amsterdam, 10-03-2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:744, 200.230.866/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 10 maart 2020
- Datum publicatie
- 1 december 2020
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2020:744
- Formele relaties
- Herstelarrest: ECLI:NL:GHAMS:2020:3234
- Zaaknummer
- 200.230.866/01
Inhoudsindicatie
Merkenrecht. Vordering tot nakoming contractuele verplichting tot overdracht van Benelux merken niet toewijsbaar nu deze door contractuele wederpartij/(oorspronkelijk)rechthebbende aan een derde zijn overgedragen. Door eisende partij gelegde beslag tot levering (alleen betekend aan het BBIE) maakt laatstbedoelde overdracht niet ongeldig. Positie gevoegde partij.
Uitspraak
afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer : 200.230.866/01
zaak-/rolnummer rechtbank Amsterdam : C/13/625255 / HA ZA 14-717
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 10 maart 2020
inzake
EARTH CONCEPTS B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
appellante,
advocaat: mr. W.J.A. Lansing te Utrecht,
tegen
UPSTREAM ADVERTISING B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
mede kantoorhoudende te Amsterdam,
geïntimeerde,
niet verschenen,
en
1 de vennootschap naar vreemd recht EARTH WATER INTERNATIONAL LTD,
2. de vennootschap naar vreemd recht EARTH GROUP HOLDINGS LTD,
beide gevestigd te Edmonton, Alberta, Canada
gevoegde partijen aan de zijde van geïntimeerde,
advocaat: mr. J.A.K. van den Berg te Amsterdam.
1 Het geding in hoger beroep
Partijen worden hierna Earth Concepts, Upstream en EWI c.s. genoemd. De gevoegde partijen zullen ook afzonderlijk worden aangeduid als EWI en Earth Group Holdings.
In deze zaak is op 1 mei 2018 een tussenarrest gewezen. Voor het verloop van het geding tot die datum wordt naar dat tussenarrest verwezen.
In bedoeld tussenarrest is EWI c.s. toegestaan zich te voegen aan de zijde van Upstream.
De verschenen partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:
- memorie van grieven, tevens houdende wijziging van eis, met producties;
- memorie van antwoord van de zijde van de gevoegde partijen, met producties.
Vervolgens hebben zij ter zitting van het hof van 13 juni 2019 hun zaak doen bepleiten, Earth Concepts door mr. Lansing voornoemd alsmede door mr. W.R.M.M.J. Dingemans, advocaat te Utrecht en EWI c.s. door mr. Van den Berg voornoemd. Van de zijde van Earth Concepts zijn nadere producties in het geding gebracht.
Earth Concepts heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en de vorderingen van Earth Concepts zoals in de memorie van grieven verwoord alsnog zal toewijzen, met beslissing over de proceskosten met nakosten en rente.
EWI c.s. hebben geconcludeerd tot bekrachtiging van het vonnis waarvan beroep alsmede tot het alsnog toewijzen van de reconventionele vordering sub I, met beslissing over de aan de zijde van EWI c.s. gevallen proceskosten, die van het incident daaronder begrepen.
Zowel door Earth Concepts als door EWI c.s. zijn bewijsaanbiedingen gedaan.
2 Feiten
De rechtbank heeft in het bestreden vonnis onder 2.1 tot en met 2.25 de vaststaande feiten vermeld die zij bij de beoordeling van het geschil van partijen tot uitgangspunt heeft genomen. Met haar eerste grief betoogt Earth Concepts dat de rechtbank de feiten onvolledig en qua tijd en context onjuist heeft weergegeven. Dat enig door de rechtbank vermeld feit op zichzelf onjuist weergegeven zou zijn wordt door Earth Concepts niet betoogd, reden waarom deze feiten ook in appel tot uitgangpunt dienen. Wel zal het hof bij de beoordeling van het geschil - voor zover relevant - rekening houden met de bezwaren die Earth Concepts tegen de feitenweergave heeft geuit.