Gerechtshof Amsterdam, 07-11-2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:3179, 200.268.377/02 OK
Gerechtshof Amsterdam, 07-11-2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:3179, 200.268.377/02 OK
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 7 november 2022
- Datum publicatie
- 15 november 2022
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2022:3179
- Zaaknummer
- 200.268.377/02 OK
Inhoudsindicatie
Ondernemingskamer; nadere onmiddellijke voorziening; aanwijzing onafhankelijk bemiddelaar
Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.268.377/02 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 7 november 2022
inzake
1 [A] ,
wonende te [....] ,
2. [B] ,
wonende te [....] ,
VERZOEKERS,
advocaat: mr. S.C.M. van Thiel, kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
BV LANDGOED DEN ALERDINCK II,
gevestigd te Laag Zuthem,
VERWEERSTER,
advocaten: mr. V.R.M. Appelman en mr. T.R. Bosker, kantoorhoudende te Rotterdam,
e n t e g e n
1. de stichting
STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR AANDELEN B.V. LANDGOED DEN ALERDINCK II
gevestigd te Laag Zuthem,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. P.M. Gunning, kantoorhoudende te Arnhem,
e n t e g e n
2 [C] ,
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE.
1 Het verloop van het geding
Hierna zullen partijen (ook) als volgt worden aangeduid:
- -
-
verzoeker sub 1 als [A] ;
- -
-
verzoekster sub 2 als [B] ;
- -
-
verweerster als Den Alerdinck II;
- -
-
belanghebbende sub 1 als STAK; en
- -
-
belanghebbende sub 2 als [C] .
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 23 en 26 oktober 2020.
Bij de beschikking van 23 oktober 2020 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – bepaald dat bij wijze van onmiddellijke voorziening alle door STAK gehouden aandelen in het geplaatste kapitaal van Den Alerdinck II overgedragen worden aan een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon.
Bij beschikking van 26 oktober 2020 heeft de Ondernemingskamer prof. dr. S. Perrick als beheerder aangewezen zoals bedoeld in de beschikking van 23 oktober 2020.
Op 19 juli 2022 hebben [A] en [B] de Ondernemingskamer onder meer verzocht om bij wijze van onmiddellijke voorziening een onafhankelijk bemiddellaar aan te wijzen om alsnog tot een oplossing van de geschillen te kunnen komen. Met instemming van partijen is dit verzoek op 24 oktober 2022 mondeling behandeld ten overstaan van een op de voet van artikel 16, lid 5 Rv door de Ondernemingskamer aangewezen raadsheer-commissaris. Van de mondelinge behandeling is een proces verbaal opgemaakt.