Gerechtshof Amsterdam, 27-12-2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:3668, 200.287.920/01
Gerechtshof Amsterdam, 27-12-2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:3668, 200.287.920/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 27 december 2022
- Datum publicatie
- 2 november 2023
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2022:3668
- Formele relaties
- Cassatie: ECLI:NL:HR:2024:884
- Zaaknummer
- 200.287.920/01
Inhoudsindicatie
Verkoop percelen bouwgrond aan projectontwikkelaars. Vestiging voorkeursrecht gemeente. Zijn koopovereenkomst en verlengingsovereenkomst geëindigd door verstrijken uiterste datum levering? Schadeplichtigheid o.g.v. afbreken onderhandelingen?
Uitspraak
afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer: 200.287.920/01
zaaknummer/rolnummer rechtbank Amsterdam: C/13/674567 / HA ZA 19-1151
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 27 december 2022
inzake
1 [appellant 1] ,
wonend te [woonplaats 1] ,
2. [appellant 2],
wonend te [woonplaats 1] ,
appellanten,
advocaat: mr. M. Niermeijer te Bussum,
tegen
1 [geïntimeerde 1] ,
wonend te [woonplaats 2] ,
2. [geïntimeerde 2],
wonend te [woonplaats 2] ,
geïntimeerden,
advocaat: mr. J.P.A.M. van Balen te Amsterdam.
Appellanten worden hierna afzonderlijk [appellant 1] en [appellant 2] en gezamenlijk [appellanten] genoemd, terwijl geïntimeerden gezamenlijk als [geïntimeerden] worden aangeduid.
1 Het verloop van het geding in hoger beroep
[appellanten] zijn bij dagvaarding van 28 december 2020 in hoger beroep gekomen van het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 4 november 2020, in deze zaak onder bovengenoemd zaaknummer/rolnummer gewezen tussen [appellanten] als eisers in conventie, verweerders in reconventie en [geïntimeerden] als gedaagden in conventie, eisers in reconventie. De dagvaarding bevat de grieven. [appellanten] hebben geconcludeerd overeenkomstig de eis als vervat in voornoemde dagvaarding.
Bij arrest van 19 januari 2021 heeft het hof een mondelinge behandeling gelast. Van deze mondelinge behandeling is proces-verbaal opgemaakt.
Daarna hebben partijen de volgende stukken overgelegd:
- memorie van antwoord;
- akte wijziging eis van de zijde van [appellanten] ;
- akte bezwaar wijziging eis van de zijde van [geïntimeerden] ;
- antwoordakte bezwaar wijziging eis van de zijde van [appellanten] , met producties;
- akte reactie producties bij akte van de zijde van [geïntimeerden]
- akte inhoudelijke reactie op eiswijziging van de zijde van [geïntimeerden]
Partijen hebben de zaak ter zitting van 18 oktober 2022 doen bepleiten door hun voornoemde advocaten aan de hand van pleitaantekeningen die zij aan het hof hebben overgelegd. Tevens is aan [appellanten] akte verleend van het in het geding brengen van twee aanvullende producties. Partijen en advocaten hebben vragen beantwoord en inlichtingen verstrekt.
Ten slotte is arrest gevraagd.
[appellanten] hebben na wijziging van eis geconcludeerd dat het hof bij arrest, uitvoerbaar bij voorraad, het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en primair a) de op 4 juni 2018 gesloten verlengingsovereenkomst zal vernietigen, b) [geïntimeerden] hoofdelijk zal veroordelen tot betaling aan [appellanten] van een bedrag van € 150.000,00 (met rente) en c) [geïntimeerden] hoofdelijk zal veroordelen tot betaling aan [appellanten] van een (nader gespecificeerde) boete, en primair en subsidiair d) [geïntimeerden] hoofdelijk zal veroordelen tot betaling van de geleden en nog te lijden schade, op te maken bij staat, en e) [geïntimeerden] hoofdelijk bij wege van voorschot zal veroordelen tot betaling aan [geïntimeerden] van een bedrag van € 1.709.000,00, met beslissing over de proceskosten.
[geïntimeerden] hebben geconcludeerd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bekrachtigen, met beslissing over de proceskosten.
Beide partijen hebben in hoger beroep bewijs aangeboden.