Home

Gerechtshof Amsterdam, 22-02-2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:550, 200.274.501/01

Gerechtshof Amsterdam, 22-02-2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:550, 200.274.501/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
22 februari 2022
Datum publicatie
7 maart 2022
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2022:550
Zaaknummer
200.274.501/01

Inhoudsindicatie

Bestuurdersaansprakelijkheid. HR 5 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2627, NJ 2015/22 (RCI). Onvoldoende gesteld waaruit volgt dat ten tijde van het aangaan van de overeenkomst voor de bestuurders voorzienbaar was dat de vennootschap geen verhaal zou bieden voor (mogelijke) schade als gevolg van niet-nakoming van de overeenkomst. Geen persoonlijk ernstig verwijt.

Uitspraak

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer: 200.274.501/01

zaak- en rolnummer rechtbank Amsterdam: C/13/654684 / HA ZA 18-982

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 februari 2022

inzake

[appellante] ,als rechtsopvolgster onder bijzondere titel van Principle Group B.V.

wonende te [woonplaats] ,

appellante,

advocaat: mr. P.P. Bergers te Barendrecht,

tegen

1 KASTOR HOLDING B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

2. [geïntimeerde sub 2] ,

wonende te [woonplaats]

geïntimeerden,

advocaat: mr. I.M.C.A. Reinders Folmers te Amsterdam.

Partijen worden [appellante] en Kastor c.s. genoemd. Geïntimeerden worden ieder afzonderlijk aangeduid als Kastor en [geïntimeerde sub 2] .

1 De zaak in het kort

[appellante] heeft (eventuele) vorderingen van Principle Group op Kastor c.s. uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid overgenomen van de curator van Principle Group. Principle Group heeft van Scope Group een op maat gemaakt software systeem gekocht en heeft vervolgens met een beroep op de koopovereenkomst levering van de software inclusief de broncode gevorderd. Scope Group stelt dat zij geen rechthebbende op de broncode is en deze dus niet kan leveren en dat de overeenkomst haar daartoe ook niet verplicht. In deze procedure draait het om de vraag of Kastor c.s. als bestuurders van Scope Group persoonlijk aansprakelijk zijn jegens [appellante] omdat zij hebben meegewerkt aan de totstandkoming van de koopovereenkomst.

2 Het geding in hoger beroep

Principle Group B.V. (hierna: Principle Group) als rechtsvoorganger van [appellante] is bij dagvaarding van 29 januari 2020 in hoger beroep gekomen van

-

i) een vonnis van de rechtbank Amsterdam, van 30 oktober 2019, gewezen onder zaak-/rolnummer C/13/654684 / HA ZA 18-982 tussen de gedeeltelijke rechtsvoorganger van [appellante] , Principle Group als eiseres in conventie, tevens verweerster in reconventie en Scope Group B.V. (hierna: Scope Group) en Kastor c.s. als gedaagden in conventie tevens eiseressen in reconventie, en onder zaak-/rolnummer C/13/662274 / HA ZA 19-221, tussen [curator] (hierna: [curator] ) in zijn hoedanigheid van curator van Principle Vastgoed B.V. als eiser in conventie, tevens verweerder in reconventie en Principle Group als gedaagde in conventie tevens eiseres in reconventie; en

-

ii) een incidenteel vonnis (tot voeging) van 15 mei 2019 van de rechtbank Amsterdam, gewezen onder zaak-/rolnummer C/13/662274 / HA ZA 19-221, gewezen tussen [curator] in zijn hoedanigheid van curator van Principle Vastgoed B.V. als eiser in conventie, tevens verweerder in reconventie en Principle Group als gedaagde in conventie tevens eiseres in reconventie.

Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:

- memorie van grieven, tevens wijziging van eis, met producties;

- memorie van antwoord, met producties.

Partijen hebben de zaak ter zitting van 29 november 2021 doen bepleiten, [appellante] door mr. Bergers voornoemd, en Kastor c.s. door mr. L.E. van Leeuwen, advocaat te Amsterdam, ieder aan de hand van pleitnotities die zijn overgelegd.

Ten slotte is arrest gevraagd.

In de memorie van grieven heeft [appellante] toegelicht dat zij als gedeeltelijke rechtsopvolgster van Principle Group alleen het hoger beroep tegen het bestreden vonnis voortzet voor zover dit ziet op de zaak met zaak-/rolnummer C/13/654684 / HA ZA 18-982. Het hoger beroep tegen het bestreden vonnis voor zover dat ziet op de zaak met zaak-/rolnummer C/13/662274 / HA ZA 19-221 valt daarmee buiten de reikwijdte van het onderhavige hoger beroep van [appellante] .

[appellante] heeft, na eiswijziging bij memorie van grieven, geconcludeerd (samengevat) dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en - uitvoerbaar bij voorraad - alsnog haar in hoger beroep gewijzigde eis zal toewijzen, met veroordeling in de proceskosten in beide instanties.

Kastor c.s. hebben geconcludeerd tot bekrachtiging, met - uitvoerbaar bij voorraad - veroordeling van [appellante] in de kosten van het geding in hoger beroep.

Beide partijen hebben in hoger beroep bewijs van hun stellingen aangeboden.

3 Feiten

3 3 BIJKOMENDE KOSTEN/MEDEWERKING OVERDRACHT(...)

4 Beoordeling

5 Beslissing