Gerechtshof Amsterdam, 11-07-2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:1633, 200.324.420/01
Gerechtshof Amsterdam, 11-07-2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:1633, 200.324.420/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 11 juli 2023
- Datum publicatie
- 24 juli 2023
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2023:1633
- Zaaknummer
- 200.324.420/01
Inhoudsindicatie
Kort geding appel. AFM heeft, in haar hoedanigheid van toezichthouder in het kader van de Wet handhaving consumentenbescherming (Whc), een persbericht bekend gemaakt over opgelegde maatregelen. AFM is een ter zitting van de bestuursrechter gemaakte afspraak over de publicatiedatum niet nagekomen. Het hof gelast plaatsing van een bericht op de website.
Uitspraak
afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer: 200.324.420/01 SKG
zaak-/ rolnummer rechtbank Amsterdam: C/13/729178 / KG ZA 23-79
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 11 juli 2023
inzake
1 MOMENTUM CAPITAL B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. MOMENTUM ESTATE FUND I B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
appellanten,
advocaat mr. I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam,
tegen
de STICHTING AUTORITEIT FINANCIËLE MARKTEN,
gevestigd te Amsterdam,
geïntimeerde,
advocaat: mr. M.L. Batting te Den Haag.
Appellanten zullen hierna MC en MEFI worden genoemd, en gezamenlijk (in vrouwelijk enkelvoud) MC c.s.; geïntimeerde zal AFM worden genoemd.
1 De zaak in het kort
AFM heeft, in haar hoedanigheid van toezichthouder in het kader van de Wet handhaving consumentenbescherming (Whc), een persbericht bekend gemaakt over door haar aan MC c.s. opgelegde maatregelen. MC c.s. meent dat dit onrechtmatig was en vordert verwijdering dan wel aanpassing. De kort gedingrechter in eerste aanleg heeft de vorderingen afgewezen. Het hof acht één van de grieven gegrond.
2 Het geding in hoger beroep
MC c.s. is bij dagvaarding van 9 maart 2023 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam van 9 februari 2023, onder bovenvermeld rol-/zaaknummer gewezen tussen MC c.s. als eiseres en AFM als gedaagde.
Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:
- memorie van grieven, met producties;
- memorie van antwoord, met producties.
Partijen hebben de zaak ter zitting van 20 april 2023 doen bepleiten, MC c.s. door mr. G.P. Roth en mr. L.B.G. Hillen, advocaten te Amsterdam, en AFM door mr. M.L. Batting, mr. A.J. de Heer en mr. W.J. Poot, advocaten te Den Haag, ieder aan de hand van pleitnotities die zijn overgelegd. Ten slotte is arrest gevraagd.
MC c.s. heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en AFM te bevelen (a) het persbericht uiterlijk één dag na de dagtekening van het arrest, althans uiterlijk één dag na de betekening van het arrest, van de website van AFM en van sociale media te verwijderen, (b) een rectificatie op de website van AFM en Twitter op te nemen en via e-mail aan abonnees op de nieuwsservice van AFM te verzenden, die duidelijk tot uitdrukking brengt dat AFM (i) ten onrechte al was overgegaan tot publicatie en (ii) de inhoud van het persbericht niet juist en niet volledig was, en (c) alsnog een juist en volledig persbericht op de website te plaatsen, althans een andere voorziening te treffen die het hof geraden voorkomt, AFM te voordelen tot betaling van een dwangsom van EUR 5.000 voor iedere dag dat AFM nalaat aan het hiervoor geformuleerde bevel te voldoen, met veroordeling van AFM in de kosten van het geding in beide instanties met nakosten en rente.
AFM heeft geconcludeerd tot bekrachtiging van het bestreden vonnis, inclusief de daarin opgenomen proceskostenveroordeling, zo nodig met verbetering of aanvulling van gronden, met, uitvoerbaar bij voorraad, veroordeling van MC c.s. in de kosten van het geding in hoger beroep met wettelijke rente.