Home

Gerechtshof Amsterdam, 30-04-2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:1074, 200.325.822/01

Gerechtshof Amsterdam, 30-04-2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:1074, 200.325.822/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
30 april 2024
Datum publicatie
30 april 2024
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2024:1074
Zaaknummer
200.325.822/01

Inhoudsindicatie

Art. 1:88 en 89 en 3:52 lid 1 sub d BW. Verjaring. Aandelenleaseaffaire. Hof gaat om en neemt geen bewijsvermoeden van bekendheid van de gerechtigde met de leaseovereenkomst meer aan op grond van de rekeningafschriften van de en/of-rekening. Hoge Raad 12 januari 2024, ECLI:NL:HR:2024:18 en 19. Voor aanvang verjaring is nodig dat de gerechtigde beschikte over de kennis en het inzicht die nodig waren om zich naar aanleiding van de bekendheid met de leaseovereenkomst te beraden over het nemen van maatregelen.

Uitspraak

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer : 200.325.822/01

zaak- en rolnummer rechtbank Amsterdam : 9786429 EL 22-27

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 30 april 2024

inzake

DEXIA NEDERLAND B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

appellante,

advocaat: mr. I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam,

tegen

[geïntimeerde] ,

wonend te [woonplaats] ,

geïntimeerde,

advocaat: J.B. Maliepaard te Rotterdam.

Partijen worden hierna Dexia en [geïntimeerde] genoemd.

1 De zaak in het kort

De echtgenoot van [geïntimeerde] is een leaseovereenkomst aangegaan met Dexia. [geïntimeerde] heeft deze leaseovereenkomst met een beroep op artikel 1:88/1:89 Burgerlijk Wetboek (BW) vernietigd. In deze procedure vordert [geïntimeerde] onder meer (i) een verklaring voor recht dat de leaseovereenkomst rechtsgeldig is vernietigd en (ii) veroordeling van Dexia tot (terug)betaling van al hetgeen in het kader van deze leaseovereenkomst is betaald. De kantonrechter heeft de vorderingen van [geïntimeerde] toegewezen. In dit hoger beroep behandelt het hof de vraag of [geïntimeerde] de leaseovereenkomst tijdig uit hoofde van artikel 1:88/1:89 BW:89 heeft vernietigd, of dat deze bevoegdheid al was verjaard op het moment dat zij de vernietigingsverklaring uitbracht.

2 Het geding in hoger beroep

Dexia is bij dagvaarding van 4 april 2023 in hoger beroep gekomen van een tussenvonnis van 6 oktober 2022 en een eindvonnis van 9 maart 2023 van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam (hierna: de kantonrechter), onder bovengenoemd zaak- en rolnummer gewezen tussen [geïntimeerde] als eiseres en Dexia als gedaagde.

Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:

- memorie van grieven, met producties;

- memorie van antwoord, met producties;

- akte uitlaten producties;

- antwoordakte.

Dexia heeft in het hoger beroep geconcludeerd dat het hof de bestreden vonnissen zal vernietigen en – uitvoerbaar bij voorraad – de vorderingen van [geïntimeerde] alsnog volledig zal afwijzen en de vorderingen van Dexia alsnog volledig zal toewijzen, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van beide instanties en tot terugbetaling van al hetgeen Dexia op grond van het bestreden eindvonnis heeft betaald, een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente.

[geïntimeerde] heeft in het hoger beroep geconcludeerd dat het hof Dexia in haar hoger beroep niet-ontvankelijk zal verklaren, althans de vorderingen van Dexia zal afwijzen, met veroordeling van Dexia in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente, met nakosten.

Beide partijen hebben in hoger beroep bewijs van hun stellingen aangeboden.

Ten slotte is arrest gevraagd.

3 Feiten

De kantonrechter heeft in het bestreden tussenvonnis onder 2. vastgesteld van welke feiten is uitgegaan. Deze feiten zijn in hoger beroep niet in geschil, zodat ook het hof deze feiten als vaststaand zal aannemen. Samengevat en waar nodig aangevuld met andere feiten, komen de feiten neer op het volgende.

3.1.

[naam], de echtgenoot van [geïntimeerde] (hierna: [naam]), heeft met (een rechtsvoorgangster van) Dexia onderstaande effectenleaseovereenkomst gesloten (hierna: de leaseovereenkomst). De leaseovereenkomst is op enig moment geëindigd, waarna Dexia de eindafrekening heeft opgesteld. De relevante gegevens van de leaseovereenkomst zijn als volgt:

Nr.

Contractnummer

Datum

Naam

Looptijd

Eindafrekening

Resultaat

1.

13005095

30-12-1999

Legio I.B.* Plan

60 mnd.

29-12-2004

-/- € 1.229,51

3.2.

[geïntimeerde], met wie [naam] ten tijde van het aangaan van de leaseovereenkomst was gehuwd, heeft [naam] geen (schriftelijke) toestemming verleend voor het aangaan van de leaseovereenkomst.

3.3.

Bij brief van 8 februari 2006 aan Dexia (hierna: de vernietigingsbrief) heeft [geïntimeerde] met een beroep op artikel 1:89 BW in samenhang met artikel 1:88 BW de leaseovereenkomst vernietigd.

4 Beoordeling

5 Beslissing