Home

Gerechtshof Amsterdam, 06-02-2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:551, 200.331.575/01

Gerechtshof Amsterdam, 06-02-2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:551, 200.331.575/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
6 februari 2024
Datum publicatie
23 april 2024
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2024:551
Zaaknummer
200.331.575/01

Inhoudsindicatie

consumentenkredietovereenkomst; kredietwaardigheidsbeoordeling; ambtshalve toetsing.

Uitspraak

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer : 200.331.575/01

zaak-/rolnummer rechtbank Noord-Holland : 10340432 / CV EXPL 23-790

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 6 februari 2024

inzake

RABO DIRECT FINANCIERING B.V.,

handelend onder de naam Freo,

gevestigd te Eindhoven,

appellante,

advocaat: mr. T.R.B. de Greve te Amsterdam,

tegen

[geïntimeerde],

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde,

niet verschenen.

Partijen worden hierna Freo en [geïntimeerde] genoemd.

1 De zaak in het kort

Freo heeft [geïntimeerde] een bedrag van € 18.500,- ter beschikking gesteld op basis van een tussen Freo en [geïntimeerde] gesloten consumentenkredietovereenkomst. Toen [geïntimeerde] haar betalingsverplichting uit die overeenkomst niet nakwam, heeft Freo haar tevergeefs tot betaling aangemaand. Freo heeft daarna de kredietovereenkomst opgezegd en het openstaande bedrag opgeëist. [geïntimeerde] heeft het openstaande bedrag niet betaald en Freo is een procedure bij de kantonrechter begonnen. Na verstekverlening aan [geïntimeerde] heeft de kantonrechter de vordering van Freo afgewezen. In hoger beroep komt Freo op tegen deze afwijzing.

2 Het geding in hoger beroep

Freo is bij dagvaarding van 7 juni 2023 in hoger beroep gekomen van het verstekvonnis van de kantonrechter in de rechtbank Noord-Holland van 8 maart 2023, onder bovenvermeld zaak-/rolnummer gewezen tussen Freo als eiseres en [geïntimeerde] als gedaagde.

Tegen [geïntimeerde] is verstek verleend.

Freo heeft een memorie van grieven ingediend, met producties 10 t/m 17, en heeft vervolgens arrest gevraagd.

3 Feiten

Het hof gaat uit van de volgende feiten.

3.1.

Op 1 november 2020 heeft [geïntimeerde] een persoonlijke lening aangevraagd bij Freo ter hoogte van € 19.500,-. Freo heeft op 2 november 2020 in dit verband een concept-overeenkomst/offerte opgesteld en aan [geïntimeerde] toegezonden. Dit concept ging uit van een hoofdsom van € 19.500,- met een vaste rente van 4,4% per jaar gedurende de looptijd van 60 maanden.

3.2.

Samen met de offerte heeft Freo onder meer een begeleidende brief, de Algemene Voorwaarden Freo Persoonlijke Lening en het zogenoemde ESIC-formulier meegezonden. In de begeleidende brief is vermeld dat de overeenkomst pas tot stand komt nadat Freo de aanvraag heeft goedgekeurd, en dat [geïntimeerde] daarover bericht ontvangt. In het ESIC-formulier en de algemene voorwaarden is vermeld dat [geïntimeerde] zich binnen veertien dagen na het afsluiten van de lening mag bedenken en de lening mag terugdraaien.

3.3.

In een telefoongesprek met Freo op 2 november 2020 heeft [geïntimeerde] gezegd met de lening een nieuwe auto te willen financieren.

3.4.

In de periode 2 t/m 9 november 2020 is tussen [geïntimeerde] en Freo meermaals (telefonisch) contact geweest waarbij [geïntimeerde] onder meer informatie heeft gegeven over haar inkomen en vaste lasten.

3.5.

Freo heeft een BKR-toets uitgevoerd en de inkomsten en lasten van [geïntimeerde] onder meer getoetst aan de VFN Gedragscode (Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland). Freo heeft in dit verband de leencapaciteit van [geïntimeerde] vastgesteld op een bedrag van € 18.500,-.

3.6.

Freo heeft op 9 november 2020 een aangepaste offerte/overeenkomst opgesteld waarin met name het kredietbedrag en het maandbedrag zijn aangepast. Samen met de offerte heeft Freo meegezonden een begeleidende brief, algemene voorwaarden en ESIC-formulier, die voor het overige gelijkluidend zijn aan de documenten die op 2 november 2020 aan [geïntimeerde] waren gezonden.

3.7.

[geïntimeerde] heeft de overeenkomst op 9 november 2020 voor akkoord getekend. Na ontvangst van de getekende overeenkomst en verstrekking van de ontbrekende documenten heeft Freo de aanvraag beoordeeld en goedgekeurd. Op 13 november 2020 heeft Freo per e-mail aan [geïntimeerde] bevestigd dat de aanvraag is goedgekeurd en dat de financiering wordt verstrekt.

3.8.

[geïntimeerde] heeft een bedrag aan zogenoemde voorlooprente betaald en een maandtermijn. [geïntimeerde] is daarna gestopt met betaling van de verschuldigde maandtermijnen.

3.9.

Freo heeft bij brief van 16 april 2021 aan [geïntimeerde] een ingebrekestelling gestuurd en haar gewezen op de achterstand en de mogelijkheid van beëindiging van de overeenkomst met opeising van de volledige uitstaande schuld als [geïntimeerde] de achterstallige termijnen niet binnen veertien dagen zou betalen. [geïntimeerde] heeft hierop niet gereageerd en de termijnen niet betaald.

3.10.

Freo heeft bij brief van 6 mei 2021 aan [geïntimeerde] het krediet beëindigd en het op dat moment openstaande bedrag van € 18.479,20 opgeëist. Op de sommatie om het openstaande bedrag te betalen, heeft [geïntimeerde] niet gereageerd.

4 Eerste aanleg

5 Beoordeling

6 Beslissing