Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25-02-2014, ECLI:NL:GHARL:2014:1423, 200.107.979

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25-02-2014, ECLI:NL:GHARL:2014:1423, 200.107.979

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
25 februari 2014
Datum publicatie
14 maart 2014
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2014:1423
Zaaknummer
200.107.979
Relevante informatie
Faillissementswet [Tekst geldig vanaf 01-01-2025 tot 15-11-2025], Faillissementswet [Tekst geldig vanaf 01-01-2025 tot 15-11-2025] art. 37

Inhoudsindicatie

GIW-garantieregeling. Aannemingssom betaalbaar in termijnen afhankelijk van de voortgang van bouw woning. Depot van bedrag gelijk aan laatste termijn, 10% van de aannemingssom, onder notaris. Aannemer (Avabouw B.V.) gaat tijdens de bouw failliet. Curator doet de overeenkomst niet gestand. Opdrachtgever laat de woning door een andere aannemer afbouwen.

Uitspraak

locatie Arnhem

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.107.979

(zaaknummer rechtbank Almelo 118811)

arrest van de eerste kamer van 25 februari 2014

in de zaak van

1. de naamloze vennootschap

Woningborg N.V.,

gevestigd te Gouda,

hierna: Woningborg,

2. [appellante sub 2],

en

3. [appellante sub 3],

beiden wonende te [woonplaats appellanten],

hierna tezamen (in enkelvoud): [appellanten],

appellanten in het principaal hoger beroep,

geïntimeerde(n) in het incidenteel hoger beroep,

gezamenlijk: [appellanten gezamenlijk],

advocaat: mr. R. van Veen,

tegen:

mr. J.A.D.M. Daniëls,

in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[failliet bedrijf],

kantoor houdende te Almelo,

geïntimeerde in het principaal hoger beroep,

appellant in het incidenteel hoger beroep,

hierna: de curator,

advocaat: mr. G. Beekman.

1 Het geding in eerste aanleg

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het vonnis van 4 april 2012 dat de rechtbank Almelo tussen [appellanten gezamenlijk] als eisers in conventie/verweerders in reconventie en de curator als gedaagde in conventie/eiser in reconventie heeft gewezen. Het vonnis is gepubliceerd onder nummer LJN BW2517.

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de appeldagvaarding van 30 mei 2012,

- de memorie van grieven,

- de memorie van antwoord/tevens van grieven in het incidenteel hoger beroep,

- de memorie van antwoord in het incidenteel hoger beroep met een productie;

- de akte uitlating van de curator.

2.2

Vervolgens hebben partijen de stukken overgelegd voor het wijzen van arrest.

3 De vaststaande feiten

Het hof gaat uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 1 tot en met 9 van het vonnis van 4 april 2012.

4 De motivering van de beslissing in hoger beroep

5 Slotsom

6 De beslissing