Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 16-05-2017, ECLI:NL:GHARL:2017:4129, 200.141.151/01

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 16-05-2017, ECLI:NL:GHARL:2017:4129, 200.141.151/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
16 mei 2017
Datum publicatie
18 mei 2017
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2017:4129
Formele relaties
Zaaknummer
200.141.151/01

Inhoudsindicatie

Burengeschil over toegangsweg waarop erfdienstbaarheid rust. Hof wijst bemiddelend arrest. Onderhoudsplicht rust in beginsel op dienend erf. Bewijskracht schets bij verkoop deel tuin.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummers gerechtshof 200.141.151/01, 200.164.392/01 en 200.204.944/01

(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland C/18/133811 / HA ZA 12-173)

arrest van 16 mei 2017

in de gevoegde zaken van

1. zaaknummers 200.141.151/01, 200.164.392/01 (zaak 1, waarbij de afzonderlijke zaaknummers waar nodig zullen worden aangeduid met zaak 1a en zaak 1b)

[appellant] ,

wonende te [woonplaats] ,

appellant,

in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiser in reconventie,

hierna: [appellant],

advocaat: mr. J.M.E. Hamming, kantoorhoudend te Drachten,

tegen

1 [geïntimeerde 1] ,

wonende te [woonplaats] ,

hierna: [geïntimeerde 1],

wonende te [woonplaats] ,

hierna: [geïntimeerde 2],

geïntimeerden,

in eerste aanleg: eisers in conventie en verweerders in reconventie,

hierna gezamenlijk te noemen: [geïntimeerden],

advocaat: mr. J. Bolt, kantoorhoudend te Groningen,

alsmede

2. zaaknummer 200.204.944/01 (zaak 2)

1 [geïntimeerde 1] ,

wonende te [woonplaats] ,

hierna: [geïntimeerde 1],

2. [geïntimeerde 2] ,

wonende te [woonplaats] ,

hierna: [geïntimeerde 2],

appellanten,

in eerste aanleg: eisers in conventie en verweerders in reconventie,

hierna gezamenlijk te noemen: [geïntimeerden],

advocaat: mr. J. Bolt, kantoorhoudend te Groningen.

tegen

[appellant] ,

wonende te [woonplaats] ,

geïntimeerde,

in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiser in reconventie,

hierna: [appellant],

advocaat: mr. J.M.E. Hamming, kantoorhoudend te Drachten.

1 Het geding in eerste aanleg en aanduiding van de verschillende appellen

1.1

In eerste aanleg heeft de rechtbank Groningen op 18 juli 2012 een comparitievonnis gewezen. Vervolgens heeft de rechtbank Noord- Nederland, locatie Groningen, op 16 oktober 2013 een deelvonnis gewezen. Daartegen heeft [appellant] hoger beroep ingesteld (zaak 1a). Vervolgens heeft deze rechtbank het vonnis van 14 januari 2015 gewezen. Ook dit is een deelvonnis. Daartegen heeft [appellant] separaat hoger beroep ingesteld (zaak 1b). Vervolgens heeft de rechtbank op 1 april 2015 een tussenvonnis gewezen (benoeming deskundige). Ten slotte heeft de rechtbank op 28 september 2016 eindvonnis gewezen. Tegen beide laatste vonnissen hebben [geïntimeerden] appel in gesteld (zaak 2).

2 Het (verdere) verloop van het geding in hoger beroep

3 De vaststaande feiten en de beslissing in eerste aanleg

4 De verdere beoordeling van de grieven en de vorderingen

5 De beslissing