Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 20-02-2018, ECLI:NL:GHARL:2018:1712, 200.228.042

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 20-02-2018, ECLI:NL:GHARL:2018:1712, 200.228.042

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
20 februari 2018
Datum publicatie
26 februari 2018
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2018:1712
Formele relaties
Zaaknummer
200.228.042

Inhoudsindicatie

Geheimhoudingsbeding. Opdrachtnemer heeft geen verplichting om verantwoording af te leggen over wijze van vernietiging van bedrijfsvertrouwelijke informatie van opdrachtgever.

Opdrachtnemer heeft een aantal opdrachten uitgevoerd voor Transvision c.s. Partijen zijn bij de verschillende opdrachten telkens een geheimhoudingsbeding overeengekomen. In juli 2017 treedt hij in dienst van CTS, een concurrent van Transvision c.s., juist in een periode dat beide ondernemingen inschrijving op de openbare aanbesteding Valys-vervoer voorbereiden. Transvision c.s. sommeren de opdrachtnemer om binnen 24 uur de schriftelijke informatie op hun kantoor af te geven en de digitale informatie te vernietigen en daarvan proces-verbaal op te maken. De opdrachtnemer heeft aangevoerd dat hij als reactie op de brief de schriftelijke informatie heeft vernietigd en de digitale informatie heeft verwijderd van zijn gegevensdrager en cloud-opslag. Transvision c.s. stellen dat de opdrachtnemer daardoor de verdenking op zich heeft geladen dat hij bedrijfsvertrouwelijke informatie heeft achtergehouden. De voorzieningenrechter gaat hierin voor een groot deel mee en legt de opdrachtnemer een aantal bevelen op tot afstaan van gegevens en het afleggen van verantwoording daarover, naast een gebod tot naleving van het geheimhoudingsbeding en een verbod om zich in te laten met de Valys-aanbesteding. Het hof oordeelt dat van een verantwoordingsplicht als door de voorzieningenrechter aangenomen, geen sprake is, mede ook door de strenge sommaties die Transvision c.s. heeft gestuurd. De daarop ziende veroordelingen blijven niet in stand. Het hof stelt verder een lager maximum van de dwangsommen vast.

Uitspraak

locatie Arnhem

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.228.042

(zaaknummer rechtbank Gelderland C/05/326961)

arrest in kort geding van 20 februari 2018

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Ylvas B.V.,

statutair gevestigd te Ede, kantoorhoudende te Wijchen,

2. [de opdrachtnemer],

wonende te Amersfoort,

appellanten,

in eerste aanleg: gedaagden,

hierna: Ylvas en [de opdrachtnemer] en gezamenlijk Ylvas c.s.,

advocaat: mr. T.J.C.M. Broekman,

tegen:

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Transvision B.V.,

statutair gevestigd te Gorinchem, kantoorhoudende te Capelle aan den IJssel,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Trevvel B.V. (voorheen genaamd Lorem Focus B.V.)

gevestigd en kantoorhoudende te Rotterdam,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Cetorhinus Maximus B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te Rotterdam,

geïntimeerden,

in eerste aanleg: eiseressen,

hierna: Transvision, Trevvel en CM en gezamenlijk: Transvision c.s.,

advocaat: mr. J.L.G.M. Verwiel.

1 Het geding in eerste aanleg

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het vonnis van 20 oktober 2017 dat de voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem heeft gewezen.

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

■ de dagvaarding in hoger beroep d.d. 15 november 2017 met grieven en met producties,

■ de memorie van antwoord,

■ de pleidooien overeenkomstig de pleitnotities. Hierbij is akte verleend van de stukken die mr. Broekman bij bericht van 29 januari 2018 namens Ylvas c.s. heeft ingebracht en van de stukken die mr. Verwiel bij bericht van 5 februari 2018 namens Transvision c.s. heeft ingebracht.

2.2

Na afloop van de pleidooien heeft het hof arrest bepaald op één dossier.

2.3

Ylvas c.s. vorderen in het hoger beroep samengevat dat het hof de onderdelen 5.3, 5.4, 5.5, 5.6, 5.7, 5.8, 5.9, 5.10, 5.11, 5.12 en 5.13 van het dictum van het vonnis van de voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland van 20 oktober 2017 vernietigt en (1) opnieuw rechtdoende ten aanzien van onderdeel 5.11 [de opdrachtnemer] gebiedt om zich vanaf 20 oktober 2017 binnen de organisatie van CTS op geen enkele wijze en in geen enkele hoedanigheid in te laten en uit te laten over de Valys-aanbesteding tot het moment dat de inschrijvingen (biedingen) zijn ingediend en (2) voor zover de onderdelen 5.8, 5.9 en 5.10 worden vernietigd, Transvision c.s. hoofdelijk te veroordelen tot vergoeding binnen vier dagen na betekening van het arrest van de kosten die Ylvas c.s. ter uitvoering van die veroordelingen hebben gemaakt, zoals die blijken uit het proces-verbaal van gerechtsdeurwaarder G. Bakker van 4 november 2017, met veroordeling van Transvision c.s. in de kosten van beide instanties, te vermeerderen met wettelijke rente en nakosten, en uitvoerbaar bij voorraad-verklaring van het arrest.

3 De vaststaande feiten

3.0

Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.18 van het bestreden vonnis van 20 oktober 2017, die hieronder worden weergegeven. Het hof voegt daaraan toe de rechtsoverwegingen 2.18 tot en met 2.25 uit het vervolg kort geding van 5 januari 2018, waarin feiten zijn beschreven die zijn voorgevallen na het wijzen van het hier bestreden vonnis van 20 oktober 2017, evenals het dictum van dat kortgedingvonnis.

3.1

Transvision houdt zich bezig met het organiseren en uitvoeren van personenvervoer, onder meer in de vorm van vraagafhankelijke deeltaxisystemen, kleinschalig personenvervoer en aanvullend openbaar vervoer. Trevvel houdt zich bezig met kleinschalig personenvervoer en aanvullend openbaar vervoer. CM houdt zich bezig met kleinschalig personenvervoer, aanvullend openbaar vervoer en ambulancevervoer. Door middel van aandeelhouderschap vormen deze vennootschappen, tezamen met nog enkele andere vennootschappen, de Bios-Groep. Ook CTS is actief op de landelijke markt van het kleinschalige personenvervoer en het ambulancevervoer.

3.2

Ylvas houdt zich volgens het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder meer bezig met het directie voeren over andere ondernemingen alsmede het uitlenen van personeel, een en ander in welke rechtsvorm ook. De bestuurders van Ylvas zijn [de opdrachtnemer] (gedaagde sub 2) en [de medebestuurder] .

3.3

[de opdrachtnemer] is tot 21 juli 2009 aandeelhouder geweest van Transvision. [de opdrachtnemer] heeft bij de verkoop van zijn aandelen een non-concurrentiebeding ondertekend, op basis waarvan het hem gedurende drie jaar niet was toegestaan concurrerende werkzaamheden uit te voeren.

3.4

In 2012 is het contact tussen [de opdrachtnemer] en Transvision herleefd en vanaf die tijd zijn tussen Ylvas en Transvision diverse overeenkomsten van opdracht tot stand gekomen en uitgevoerd. Zo heeft [de opdrachtnemer] namens Ylvas in het kader van die overeenkomsten van opdracht voor Transvision onder meer de functies “Projectleider aanbesteding Valys 2012/13”, “Projectleider implementatie OV Zonetaxi”, “Projectleider Inkoop Vervoer Valys 2013”, “Directeur Transvision ad interim” en “Projectleider Hollenboer” uitgevoerd.

3.5

Ook tussen Ylvas en Trevvel zijn vanaf 2016 verschillende overeenkomsten van opdracht gesloten, welke opdrachten namens Ylvas zijn uitgevoerd door [de opdrachtnemer] . Het ging hierbij (onder andere) om de opdrachten “Projectcoördinator concurrentie gerichte dialoog klantgericht integraal duurzaam doelgroepenvervoer 2017-2024” en “Projectcoördinator inschrijvingsfase integraal klantgericht duurzaam doelgroepenvervoer 2017-2024”.

3.6

[de opdrachtnemer] heeft tevens als projectleider voor het Project Belau gefunctioneerd. Dit project betrof de mogelijke verwerving van het bedrijf Qbuzz door Transvision en liep in de periode van augustus 2016 tot en met april 2017. In het kader van zijn projectleiderschap heeft [de opdrachtnemer] diverse e-mailberichten ontvangen waarin informatie is meegestuurd over onder andere omzetten, marges, inkoopwaardes, tussentijdse cijfers, jaarrekeningen en financiële stromen alsmede overzichten van aanbestedingen waarop Transvision heeft ingeschreven of voornemens is te gaan inschrijven.

3.7

In al deze overeenkomsten van opdracht tussen Ylvas en Transvision en Ylvas en Trevvel is een zogenaamd geheimhoudingsbeding opgenomen. Dit beding vermeldt:

Geheimhouding

Ylvas garandeert geheimhouding met betrekking tot alle informatie, interne analyses, overwegingen, biedingen, etc. die betrekking hebben op dit project. Deze verplichting tot geheimhouding van vertrouwelijke informatie blijft voor Ylvas bestaan, ook na beëindiging van de overeenkomst.”

In sommige overeenkomsten zijn de woorden “die betrekking hebben op dit project” vervangen door de woorden “die betrekking hebben op deze aanbesteding”. In de overeenkomsten is tevens ‘exclusiviteit’ bedongen, omschreven als volgt:

Exclusiviteit

Gedurende de looptijd van deze opdracht zal Ylvas met betrekking tot de opdracht geen conflicterend belang vertegenwoordigen.”

3.8

De overeenkomsten van opdracht tussen Ylvas en Transvision en Ylvas en Trevvel zijn inmiddels door voltooiing van de opdrachten beëindigd.

3.9

De bestuurder van de Bios-Groep, [de bestuurder] , is in maart 2017 in contact getreden met [de opdrachtnemer] over een mogelijke (verderstrekkende) samenwerking tussen hen. In dat verband heeft [de opdrachtnemer] aan [de bestuurder] een voorstel voor de invulling van die samenwerking gemaild, op welk voorstel [de bestuurder] bij e-mailbericht van 31 mei 2017 heeft gereageerd. In dit e-mailbericht heeft [de bestuurder] zijn reactie puntsgewijs weergegeven, waaruit blijkt dat [de bestuurder] 1664 gewerkte uren op jaarbasis verwachtte terwijl [de opdrachtnemer] sprak over 1472 uren op jaarbasis en dat ten aanzien van de daarvoor te betalen vergoeding door [de bestuurder] werd gesproken over € 144.000,00 op jaarbasis en door [de opdrachtnemer] over € 160.000,00 op jaarbasis plus een variabele prestatie-afhankelijke beloning. Tussen (in ieder geval) [de bestuurder] en [de opdrachtnemer] stond voor 12 juli 2017 een dinerafspraak gepland, voor verdere bespreking en het maken van eventuele afspraken over de voorgenomen samenwerking.

3.10

Op 11 juli 2017 heeft [de opdrachtnemer] in een telefoongesprek met [de bestuurder] kenbaar gemaakt dat hij vanaf 15 juli 2017 (fulltime) werkzaamheden voor Transdev/CTS zou gaan verrichten.

3.11

Bij brief van 11 juli 2017 heeft [de algemeen directeur] , algemeen directeur van Transvision, aan [de opdrachtnemer] onder meer het volgende geschreven:

“Vandaag namen wij kennis van het feit dat u een functie heeft aanvaard bij een concurrent. Dit heeft tot gevolg dat u per direct niet meer voor onze organisatie zal worden ingezet. Graag informeren wij u als volgt.

Voor alle zaken Transvision betreffende geldt voor u een geheimhoudingsplicht. Alle IP-rechten van projecten waar u bij betrokken bent geweest danwel waar u kennis van heeft genomen berusten bij Transvision en het is u niet toegestaan deze gebruiken.

Daarnaast verzoeken en zo nodig sommeren wij u alle documenten die u onder zich heeft en die Transvision of projecten van Transvision betreffen waaronder doch niet beperkt tot Valys en Belau, binnen 24 uur na verzending van deze brief per email in te leveren ten kantore van Transvision aan de Rivium Boulevard 22 te Capelle aan den IJssel.

Gegevens welke op een gegevensdrager bevinden dient u te vernietigen en hiervan dient u eveneens binnen de gestelde 24 uur een proces verbaal van vernietiging te overleggen.

Tevens dient u zich te onthouden van het benaderen van personeel of andere voor Transvision werkzame personen.”

3.12

In reactie op deze brief heeft [de opdrachtnemer] namens Ylvas bij brief van 12 juli 2017 aan Transvision onder meer geschreven:

“In antwoord op uw schrijven meld ik u het volgende. Ylvas houdt zich aan de geheimhoudingsclausules zoals opgenomen in de verschillende opdrachtbevestigingen die tussen Transvison en Ylvas zijn getekend.

Daarenboven heeft Ylvas op uw verzoek alle documenten die in haar bezit waren, aangaande de projecten waarvoor Ylvas in het verleden door Transvision is ingehuurd, vernietigd.

Hiermee voldoen wij aan de verplichtingen die wij overeen zijn gekomen.”

3.13

Op 11 juli 2017 is dezelfde brief die namens Transvision op 11 juli 2017 aan [de opdrachtnemer] is gestuurd ook namens Trevvel aan [de opdrachtnemer] gestuurd. In reactie op deze brief heeft [de opdrachtnemer] namens Ylvas bij brief van 12 juli 2017 aan Trevvel onder meer geschreven:

“In antwoord op uw schrijven meld ik u het volgende. Ylvas houdt zich aan de geheimhoudingsclausule zoals opgenomen in de opdrachtbevestigingen van d.d. 14 juni 2016 en d.d. 15 december 2016.

Daarenboven heeft Ylvas op uw verzoek alle documenten, betreffende Trevvel, die in haar bezit waren vernietigd.

Hiermee voldoen wij aan de verplichtingen die wij overeen zijn gekomen.”

3.14

Ook de Bios-Groep heeft op 11 juli 2017 dezelfde brief als Transvision en Trevvel aan [de opdrachtnemer] gestuurd. In reactie op deze brief heeft [de opdrachtnemer] namens Ylvas onder meer het volgende bericht:

“Ylvas heeft naar haar weten geen rechtstreekse overeenkomsten met BIOS Groep/Cetorhinus Maximum B.V. waarin geheimhouding is vastgelegd.

Vanzelfsprekend gaan wij met verkregen vertrouwelijke informatie zorgvuldig om en zijn alle documenten met betrekking tot de in u brief genoemde activiteiten inmiddels vernietigd.”

3.15

Per 15 juli 2017 is [de opdrachtnemer] op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd in dienst bij CTS getreden in de functie van Managing Director.

3.16

Een medewerker van CTS heeft na indiensttreding van [de opdrachtnemer] op enig moment de vennootschap Korton Software B.V. benaderd, welk bedrijf software heeft ontwikkeld voor de uitvoering van de Valys-opdracht. Transvision c.s. maken bij de uitvoering van de Valys-opdracht gebruik van deze software.

3.17

Bij brief van 7 augustus 2017 heeft Transvision vervolgens onder meer het volgende aan Ylvas en [de opdrachtnemer] geschreven:

“Met de brief van 11 juli 2017 heeft Transvision u in relatie met de op 11 juli 2017 door u aangekondigde overstap naar Connexxion (onderdeel van Transdev Nederland Holding B.V.), reeds gewezen op de voor u geldende geheimhoudingsplicht. Wij hebben u inzake o.a. project Belau nadrukkelijk verzocht alle documenten welke u onder zich had te retourneren. Gegevens welke zich op een digitale gegevensdrager bevonden diende u te vernietigen. Tevens hebben wij u verzocht een proces verbaal van vernietiging te overleggen.

Op 12 juli 2017 heeft u (slechtst) bevestigd dat u alle documenten die in het bezit van Ylvas B.V. waren heeft vernietigd. Dit bevreemdt ons gezien de hoeveelheid papieren documenten in uw bezit. Bovendien was dit niet conform onze brief en de door u getekende Confidentiality Agreement die zag op retournering.

Wij verzoeken u alsnog en indien nodig sommeren wij u een bewijs van vernietiging te overleggen van bijvoorbeeld het door u ingeschakelde archiefvernietigingsbedrijf of een door u afgelegde verklaring ten overstaan van een notaris.

(...)

Transvision ontvangt ook graag een bevestiging ten aanzien van vernietiging van digitale gegevens.

Daarnaast verlangt Transvision de bevestiging ook van u (de heer P. [de opdrachtnemer] ) in persoon.

(...)

Eventuele papieren documenten die zich nog bij u persoonlijk bevinden dient u per omgaande te retourneren en digitale gegevens dient u per direct te vernietigen.

Om aan te kunnen tonen dat aan de verplichtingen jegens Qbuzz en Transvision is voldaan ontvangen wij graag binnen 10 dagen na dagtekening van deze brief:

- een bewijs van vernietiging van papieren documenten, welke u reeds op 12 juli 2017 heeft vernietigd, te overleggen van bijvoorbeeld het door u ingeschakelde archiefvernietigingsbedrijf of een door u afgelegde verklaring ten overstaan van een notaris waaruit de wijze van vernietiging blijkt;

- een bevestiging van een onafhankelijke partij, zoals bijvoorbeeld een onafhankelijke accountant, dat zich geen gegevens meer bij u persoonlijk en bij Ylvas B.V. bevinden, zowel op papier als digitaal.”

3.18

De Uitvoeringsorganisatie Bedrijfsvoering Rijk (hierna: UBR) heeft op 1 september 2017 de Europese openbare aanbesteding “Bovenregionaal vervoer (Valys)” ten behoeve van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bekend gemaakt. Geïnteresseerde marktpartijen konden tot 30 oktober 2017 op de opdracht inschrijven. De opdracht wordt op dit moment uitgevoerd door Transvision in samenwerking met twee andere vennootschappen binnen de Bios-Groep. Met de opdracht is een omzet van circa € 60 miljoen per jaar gemoeid en daarmee is deze opdracht in Nederland de grootste aanbesteding op het gebied van taxivervoer. Transvision (samen met enkele andere vennootschappen binnen de Bios-Groep) en CTS zijn voornemens op de nieuw uitgezette Valys-opdracht in te schrijven. Hiervoor zijn binnen de Bios-Groep en CTS teams samengesteld die al een aantal maanden met de voorbereiding van de inschrijvingen bezig zijn. Vanwege de omvang van de opdracht zijn de Bios-Groep en CTS (nagenoeg) elkaars enige concurrenten.

3.19

Ter uitvoering van het veroordelende vonnis van 20 oktober 2017, dat op dinsdag 24 oktober 2017 aan Ylvas en [de opdrachtnemer] is betekend, heeft [de opdrachtnemer] (door middel van zijn advocaat) Equilibristen gerechtsdeurwaarders en Probatius benaderd om de veroordeling tot het verstrekken van inzage en tot afgifte van alle digitale bedrijfsinformatie van Transvision c.s. na te komen. Op zondag 22 oktober 2017 heeft een bijeenkomst van [de opdrachtnemer] en deze partijen plaatsgevonden. Deurwaarder de heer G. Bakker heeft bij e-mailbericht van 22 oktober 2017 onder meer het volgende aan de advocaat van Ylvas en [de opdrachtnemer] bericht:

“Hierbij bevestigen wij dat wij conform uw instructies vandaag de gegevensdragers (Iphone, Macbook, Ipad van [de opdrachtnemer] / Ylvas en laptop van [de medebestuurder] / Ylvas ) onder ons hebben genomen. Deze gegevensdragers houden wij onder ons tot nader bericht. De aanwezige bestanden zullen worden onderzocht op relevantie en desgewenst worden gekopieerd teneinde deze in kopie af te geven aan Transvision c.s. Ook de externe data, waartoe wij inmiddels volledige toegang hebben verkregen, zullen volledig door ons worden gekopieerd en onder ons worden genomen. Tevens zullen wij tot vernietiging van data overgaan conform hetgeen de voorzieningenrechter heeft bepaald. Door ons zal pas tot restitutie van gegevensdragers worden overgegaan na permanente vernietiging van de data conform vonnis. Ten aanzien van de Iphone, Macbook en Ipad zijn wij overeengekomen dat alle data op deze gegevensdragers permanent zal worden verwijderd.”

3.20

In de daaropvolgende dagen is tussen de advocaten van Transvision c.s. en Ylvas en [de opdrachtnemer] uitvoerig gecorrespondeerd (zie productie 9 bij memorie van grieven). Deze correspondentie zag onder andere op de wijze waarop het onderzoek naar de aanwezigheid van bedrijfsvertrouwelijke informatie van Transvision c.s. op gegevensdragers van Ylvas en [de opdrachtnemer] zou moeten plaatsvinden. Namens Ylvas en [de opdrachtnemer] is daarbij het standpunt ingenomen dat het onderzoek in ieder geval in aanwezigheid van (een vertegenwoordiger van) Transvision c.s. zou moeten plaatsvinden.

3.21

Equilibristen Gerechtsdeurwaarders heeft vervolgens tezamen met Probatius een onderzoek uitgevoerd. Op 4 november 2017 heeft deurwaarder G. Bakker een “proces-verbaal van vastlegging werkzaamheden inzake Ylvas c.s. / Transvision c.s.” aan de advocaat van Transvision c.s. betekend. Dit proces-verbaal (productie 7 bij memorie van grieven) vermeldt voor zover thans van belang:

“Op de volgende wijze is uitvoering aan het vonnis gegeven: ... 14. Vanaf zondag 20 oktober 2017 zijn de volgende werkzaamheden uitgevoerd:

a. alle aanwezige data van de gegevensdragers en vanuit de cloud/dropbox en andere externe opslagplaatsen en servers zijn gekopieerd naar de server van Probatius

b. de ICT-deskundige en ik hebben de diverse data verzameld en ondergebracht in één onderzoeksserver met daarop de onderzoek software AccessDataFTK

c. Bij de dataseparatie ten behoeven van de oplevering in het kader van de veroordeling 5.8 e.v. van het vonnis is de dataset binnen de onderzoek omgeving doorzocht met diverse relevante zoektermen. Deze zijn gebaseerd op de zoektermenlijst verstrekt door [de opdrachtnemer] en de zoektermenlijst verstrekt door mr. Verwiel (e-mail 27 oktober 2017 (Bijlage 3) De zoektermen zijn door ons geselecteerd op bruikbaarheid en op toegevoegde waarde ten opzichte van de andere reeds gebruikte zoektermen. Met name het gebruik van een aantal zeer korte zoektermen (zoals cm, usg, nvi, pwc en zcn) heeft heel veel nutteloze en niet relevante data opgeleverd (waaronder veel grafische en technische bestanden). De uiteindelijke termen zijn opgenomen in het overzicht zoektermen – Bijlagen 8 en C). De gecreëerde datasets tot stand gekomen met AccesDataFTK zijn vervolgens op aanwijzing van [de opdrachtnemer] door mij visueel gecontroleerd op de aanwezigheid van confidentiële correspondentie en vertrouwelijke bedrijfsinformatie van andere ondernemingen. Deze data zijn gelabeld en separaat opgeslagen.

d. op zaterdag 28 oktober is door mij bij mr Verwiel een CD-rom met bestandslijst van alle bedrijfsinformatie ter inzage gegeven en een USB-stick met een kopie van alle bedrijfsinformatie zelf overhandigd (Bijlagen 4 en I); deze resultaten waren gebaseerd op de zoektermen die door [de opdrachtnemer] waren geformuleerd.

e. op donderdag 2 november is door mij wederom bij mr Verwiel een CD-rom met bestandslijst van alle bedrijfsinformatie ter inzage gegeven en een USB-stick met een kopie van alle bedrijfsinformatie overhandigd (Bijlagen 9 en I); deze resultaten waren gebaseerd op extra zoektermen die door mr Verwiel waren aangereikt.

15. Een uitgebreid verslag van de diverse handelingen die zijn uitgevoerd door de ingeschakelde ICT-deskundigen is opgenomen in het logboek (Bijlage B).

16. Met onze werkzaamheden hebben de ICT-deskundige en ik naar onze beste vermogen grondig onderzoek gedaan naar alle bedrijfsinformatie en is voldaan aan de eisen van het vonnis ten aanzien van inzage geven in de bedrijfsinformatie en afgifte doen van een kopie van die bedrijfsinformatie.”

3.22

De advocaat van Transvision c.s. heeft de aan hem door Equilibristen Gerechtsdeurwaarders verstrekte gegevens (nog) niet bekeken. Wel is namens Transvision c.s. aan Ylvas en [de opdrachtnemer] kenbaar gemaakt dat zij het niet eens zijn met de wijze waarop het onderzoek is uitgevoerd, omdat zij daarbij niet aanwezig mochten zijn en dat Ylvas en [de opdrachtnemer] daardoor niet op juiste wijze aan de veroordelingen uit het kort gedingvonnis van 20 oktober 2017 hebben voldaan.

3.23

Op 7 november 2017 heeft tussen partijen een tweede kort geding plaatsgevonden bij de rechtbank Rotterdam. De inzet in dit kort geding waren de aanspraken die Transvision c.s. jegens Ylvas en [de opdrachtnemer] maakten op uitvoering van het kort gedingvonnis van 20 oktober 2017 en op het verbeurd zijn van dwangsommen, welke aanspraken volgens laatstgenoemden verder gingen dan waartoe zij waren veroordeeld. Ylvas en [de opdrachtnemer] hebben in die procedure onder meer gevorderd dat de voorzieningenrechter zal oordelen dat Ylvas en [de opdrachtnemer] op juiste en volledige wijze uitvoering hebben gegeven aan de (bedoeling van) de veroordelingen 5.8 tot en met 5.10 van het kort gedingvonnis van 20 oktober 2017 en de dwangsommen die daarop zijn gesteld op te schorten, althans te matigen tot nihil. Deze vorderingen zijn bij kort gedingvonnis van 14 november 2017 van de voorzieningenrechter te Rotterdam afgewezen. In dat kader is onder meer overwogen dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat Ylvas en [de opdrachtnemer] inzage hebben gegeven in en een kopie hebben afgegeven van alle zich op gegevensdragers van Ylvas en [de opdrachtnemer] bevindende digitale bedrijfsinformatie van Transvision c.s. en dat op de voet van artikel 611d Rv enkel de rechter die een dwangsom heeft opgelegd op vordering van de veroordeelde de dwangsom kan opheffen, zodat enkel de voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland daartoe zou kunnen overgaan.

3.24

De hierop volgende dagen hebben partijen getracht in onderling overleg tot een voor Transvision c.s. aanvaardbare oplossing met betrekking tot het uitgevoerde onderzoek te komen. Dit is partijen niet gelukt.

3.25

Bij e-mailbericht van 29 november 2017 heeft de advocaat van Transvision c.s. aan de advocaat van Ylvas en [de opdrachtnemer] onder meer het volgende geschreven:

“Cliënten hebben begrepen dat er 2 november 2017 een bijeenkomst bij Transdev/ Connexxion heeft plaatsgevonden, waarbij aanwezig waren vertegenwoordigers van KNV en vertegenwoordigers van de Staat. Tijdens dit werkbezoek is zowel door uw client als door [de directeur van CTS] een presentatie gehouden.

Cliënten hebben belang om te verifiëren in hoeverre bovenregionaal vervoer (Valysvervoer) hier aan de orde is geweest. Ik wil uw cliënt derhalve vragen en voor zover nodig sommeren, om mij uiterlijk aanstaande vrijdag voor 17.00 uur toe te zenden, de agenda voor het werkbezoek en een kopie van de beide presentaties die op 2 november 2017 zijn gegeven.”

3.26

[de opdrachtnemer] heeft niet aan bovengenoemde sommatie voldaan en heeft de agenda voor het werkbezoek en de gehouden presentaties niet aan Transvision c.s. afgegeven.

3.27

Op 12 december 2017 heeft tussen partijen een derde kort geding plaatsgevonden bij de rechtbank Gelderland. De voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland heeft bij vonnis van 5 januari 2018 Ylvas c.s. geboden te gedogen en Transvision c.s. toe te staan dat een door Transvision c.s. aangewezen ICT-deskundige van Fox-IT, gevestigd in Delft, onderzoek zal verrichten en maatregelen zal nemen ter lokalisering van de laptop van het merk Apple, zoals die in eigendom toebehoorde aan Ylvas en [de opdrachtnemer] , en daarbij volledige medewerking te geven aan dat onderzoek, een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 50.000,00 per overtreding en per dag dat deze overtreding voortduurt, ingaande vier dagen na betekening van dit vonnis, tot een maximum van € 2.000.000,00 is bereikt.

3.28

De inschrijving voor de in 3.18 genoemde Europese openbare aanbesteding is gesloten op 15 januari 2018. Ten tijde van het pleidooi bij het hof was het de verwachting van partijen dat de UBR de gunningsbeslissing op 16 februari 2018 bekend zou maken.

4 Het geschil en de beslissing in eerste aanleg

5 De beoordeling van de grieven en de vordering

6 Slotsom

7 De beslissing