Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23-10-2018, ECLI:NL:GHARL:2018:9282, 200.206.024
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23-10-2018, ECLI:NL:GHARL:2018:9282, 200.206.024
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 23 oktober 2018
- Datum publicatie
- 2 november 2018
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2018:9282
- Formele relaties
- Eerste aanleg: ECLI:NL:RBMNE:2018:1398
- Cassatie: ECLI:NL:HR:2020:599, (Gedeeltelijke) vernietiging met verwijzen
- Zaaknummer
- 200.206.024
Inhoudsindicatie
Kort geding; afstemmingsregel
Uitspraak
locatie Arnhem
afdeling civiel recht, handel
zaaknummer gerechtshof 200.206.024
(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, 421107)
arrest in kort geding van 23 oktober 2018
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Econocom Nederland B.V.,
gevestigd te Houten,
appellante,
in eerste aanleg: gedaagde in conventie, eiseres in reconventie,
hierna: Econocom,
advocaat: mr. F.E. Vermeulen,
tegen:
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Intralot Leasing Netherlands B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. de vennootschap naar Grieks recht
Intralot S.A. Integrated Lottery Systems and Services,
gevestigd te Athene, Griekenland,
geïntimeerden,
in eerste aanleg: eiseressen in conventie, verweersters in reconventie,
hierna gezamenlijk: Intralot,
advocaat: mr. R.A.W.J. van Eijck.
1 Het geding in eerste aanleg
Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het kort geding vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, van 18 november 2016.
2 Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- dagvaarding in hoger beroep d.d. 16 december 2016, houdende de grieven, met producties,
- memorie van antwoord, met producties,
- proces-verbaal van de op 15 november 2017 gehouden pleidooien,
- akte uitlating vonnis bodemzaak en overlegging productie van Econocom,
- akte uitlating vonnis bodemprocedure van Intralot.
Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest aan het hof overgelegd en heeft het hof arrest bepaald.
3 De vaststaande feiten
Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.14 van het vonnis van 18 november 2016.