Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26-03-2019, ECLI:NL:GHARL:2019:2670, 200.211.917/01

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26-03-2019, ECLI:NL:GHARL:2019:2670, 200.211.917/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
26 maart 2019
Datum publicatie
28 maart 2019
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2019:2670
Zaaknummer
200.211.917/01

Inhoudsindicatie

Uittreding coöperatie. Aantal akkerbouwers voldoen niet aan hun leveringsplicht van ‘fabriekaardappelen’ jegens Avebe, wegens in hun ogen te lage aardappelprijzen. Hof acht geen reden aanwezig om de daarvoor opgelegde statutaire boete te matigen. Zij zeggen voorts hun lidmaatschap op en worden geconfronteerd met een aan Avebe te vergoeden vergoeding van € 681 per door hen gehouden aandeel tenzij zij de aandelen tijdig aan derden overdragen. Hof acht deze regeling niet in strijd met artikel 2:60 BW. Wel is de regeling onduidelijk over de termijn waarbinnen de aandelen moeten worden overgedragen. Strijd met mededingingsrecht?

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.211.917/01

(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland C/18/151790 / HA ZA 14-300)

arrest van 26 maart 2019

in de zaak van

1 Deddens Akkerbouw B.V.,

gevestigd te Nieuw-Dordrecht,

hierna: Deddens,

wonende te [A] ,

hierna: [appellant2],

wonende te [B] ,

hierna: [appellant3],

4. [appellant4] , zowel pro se, als in zijn hoedanigheid van rechtsopvolger onder algemene titel van wijlen [C] ,

wonende te [D] ,

hierna: [appellant4],

wonende te [E] ,

hierna: [appellant5],

wonende te [F] ,

hierna: [appellant6],

appellanten in het principaal hoger beroep,

geïntimeerden in het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep,

in eerste aanleg: eisers in conventie en verweerders in voorwaardelijke reconventie,

hierna gezamenlijk te noemen: Deddens c.s.,

advocaat: mr. A.A. Bos, kantoorhoudend te Zwolle,

tegen

Coöperatie Avebe U.A.,

gevestigd te Veendam,

geïntimeerde in het principaal hoger beroep,

appellante in het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep,

in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiseres in voorwaardelijke reconventie,

hierna: Avebe,

advocaat: mr. W.M. Bijloo, kantoorhoudend te Middelharnis.

1. Het geding in eerste aanleg

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van de vonnissen van 15 april 2015 en van 7 december 2016 die de rechtbank Noord-Nederland, locatie Groningen, heeft gewezen.

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding in hoger beroep van 24 januari 2017, gericht tegen het eindvonnis;

- de memorie van grieven (met producties) van 13 juni 2017;

- de rolbeschikking van 27 juni 2017;

- de memorie van antwoord/tevens van incidenteel hoger beroep van 25 juli 2017;

- de memorie van antwoord in incidenteel hoger beroep van 3 oktober 2017;

- het comparitiearrest van 8 mei 2018;

- het proces-verbaal van de op 7 januari 2019 gehouden comparitie, waarbij Avebe akte is verleend van de door haar op 21 december 2018 toegezonden producties.

2.2

Het hof merkt nog op dat Mr. G.D. te Biesebeek, die zich eerder aan de zaak had onttrokken, ter comparitie namens zijn kantoorgenoot mr. A.A. Bos het woord heeft gevoerd. Onder verwijzing naar overweging 3.10 van de rolbeschikking van 27 juni 2017 en de daar aangehaalde jurisprudentie ziet het hof geen redenen om hieraan thans nog consequenties te verbinden.

2.3

Vervolgens hebben partijen arrest gevraagd en heeft het hof arrest bepaald op het comparitiedossier.

2.4

Deddens c.s. vorderen in het (principaal) hoger beroep - kort samengevat - dat het hof, onder vernietiging van het beroepen vonnis:

1. voor recht verklaart dat de bepalingen in de statuten betreffende de uittreedregeling, de opzegregeling in combinatie met de leveringsverplichting en de boetebepaling, in strijd zijn met artikel 2:60 BW dan wel artikel 101 VWEU, althans met de artikelen 6 en 24 van de Mededingingswet;

2. de ten aanzien van appellanten genomen besluiten met betrekking tot de verschuldigdheid van 681 euro per aandeel wegens opzegging van het lidmaatschap nietig verklaart dan wel vernietigt op grond van artikel 2:15 BW;

3. de ten aanzien van appellanten genomen boetebesluiten van 11 april 2014 vernietigt wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid;

4. Avebe veroordeelt om aan [appellant4] te betalen een bedrag van € 106.000,- te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 2 februari 2015;

danwel

5. Avebe verbiedt de ten opzichte van Deddens c.s. genomen besluiten ten uitvoer te leggen wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid.

Verder vorderen Deddens c.s. dat de reconventionele vordering alsnog wordt afgewezen, dat Avebe in de proceskosten wordt veroordeeld en dat Avebe wordt veroordeeld tot terugbetaling van wat Deddens c.s. op grond van het beroepen vonnis aan Avebe hebben betaald.

2.5

Avebe vordert in het incidenteel hoger beroep - kort samengevat - dat het hof het vonnis in eerste aanleg zo nodig onder verbetering van gronden bekrachtigt, onder veroordeling van Deddens in de kosten van het hoger beroep.

3 De vaststaande feiten

3.1

Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.22 van het bestreden vonnis, met dien verstande dat het hof gelet op grief 1 in principaal appel een kennelijke verschrijving van de rechtbank in rechtsoverweging 2.14 van het vonnis herstelt. Het hof zal de feiten hierna weergeven, voor zover voor de beoordeling van het hoger beroep relevant en aangevuld met enige feiten die in hoger beroep tevens als vaststaand hebben te gelden, waarmee het hof ook de grieven 1 en 2 in principaal appel heeft besproken.

3.2

Deddens c.s. exploiteren allen akkerbouwbedrijven waarop onder meer (zetmeel)aardappelen (ook wel ‘fabrieksaardappelen’ genoemd) worden verbouwd.

3.3

Avebe is een coöperatie van landbouwers die is opgericht op 11 november 1919. Zij heeft ongeveer 2.500 leden en 1.300 medewerkers. Zij wint uit de (zetmeel)aardappelen van haar leden aardappelzetmeel en plantaardige eiwitten en verwerkt in haar fabrieken deze en andere bestanddelen uit de aardappelen tot diverse producten.

3.4

De leden van Avebe bezitten een door henzelf gekozen aantal - doch minimaal zes - aandelen in de coöperatie met een daaraan gekoppeld recht en de plicht om per aandeel dat op hun naam staat tussen de vier en vijf ton aardappelzetmeel aan Avebe te leveren. Aan de aandelen is ook stemrecht verbonden in de ledenvergadering.

3.5

Avebe draagt zorg voor de verwerking en de afzet van de (zetmeel)aardappelen. Het staat de leden vrij om (zetmeel)aardappelen of andere gewassen (zoals fritesaardappelen of tarwe) voor andere leveranciers te telen, mits zij aan hun leveringsverplichting jegens Avebe voldoen.

3.6

Deddens c.s. waren allen lid van Avebe. Deddens Akkerbouw B.V. sinds 2010, [appellant2] sinds 2008, [appellant3] sinds 2008, [appellant4] sinds 2006, [C] sinds 1974, [appellant5] sinds 2004 en [appellant6] sinds 1979, elk laatstelijk voor de navolgende aantallen Avebe-aandelen:

Deddens Akkerbouw B.V. 38

[appellant2] 30

[appellant3] 370

[appellant4] 70

[C] 124

[appellant5] 58

[appellant6] 98

3.7

De rechtsverhouding tussen de leden en de coöperatie is vastgelegd in de statuten.

In artikel 2 van de statuten is onder meer het volgende bepaald:

1. De coöperatie stelt zich ten doel in stoffelijke behoeften van haar leden te voorzien krachtens overeenkomsten met hen gesloten in het bedrijf dat zij te dien einde te hunnen behoeve uitoefent of doet uitoefenen.

2. Zij tracht dit doel te bereiken door de navolgende activiteiten krachtens die overeenkomsten, hetzij op eigen naam, hetzij in naam van de leden, voor rekening en risico, hetzij van de leden, hetzij van haarzelf, te verrichten en/of te doen verrichten:

a. het verwerken van grondstoffen tot zetmeel en andere daaruit te winnen producten;

b. het aangaan van alle transacties die in verband met het vorenstaande wenselijk worden geacht;

(...)

In artikel 5 van de statuten is onder meer het volgende bepaald:

1. Opzegging kan geschieden zowel door het lid als namens de coöperatie door het bestuur.

(...)

Opzegging is alleen mogelijk tegen het einde van een boekjaar met inachtneming van een termijn van ten minste drie maanden in geval van opzegging door het lid (...)

(...)

8. Het bestuur is bevoegd aan een lid, dat in strijd handelt met statuten, reglementen, belangen van de coöperatie of besluiten, genomen door een orgaan van de coöperatie, een boete op te leggen.

Het bedrag der bovenvermelde boete wordt jaarlijks vastgesteld door het bestuur, na voorafgaande goedkeuring van raad van commissarissen, met dien verstande dat een boete nimmer meer zal bedragen dan driehonderd euro (€ 300,00) per ton aardappelzetmeel, welke ingevolge artikel 8 lid 1 en artikel 8 lid 2 in enig jaar geleverd dient te worden.

Als handelen in strijd met statuten, reglementen, belangen van de coöperatie of besluiten, genomen door een orgaan van de coöperatie worden in ieder geval beschouwd (...) het niet voldoen aan de leveringsplicht als bedoeld in artikel 8 lid 3 (...).

9. Naast het opleggen van de boete als bedoeld in lid 8 van dit artikel, is de coöperatie tevens gerechtigd van het lid een schadevergoeding te vorderen.

In artikel 6 van de statuten is het volgende opgenomen:

(...)

8. Indien een lid één of meer zijner aandelen wenst over te dragen aan derden is hij daartoe na voorafgaande goedkeuring van het bestuur bevoegd, (...)

9. Door overdracht van de aandelen aan de coöperatie wordt het lid een bedrag groot zeshonderdeenentachtig Euro (€ 681,-) per aandeel aan de coöperatie verschuldigd. Het ingevolge lid 1 van dit artikel op deze aandelen gestorte bedrag, evenals het op deze aandelen gestorte agio, worden bij een zodanige overdracht niet aan het lid gerestitueerd. In bijzondere gevallen kan het bestuur na voorafgaande goedkeuring van de raad van commissarissen gehele of gedeeltelijke ontheffing verlenen van de uit dit lid voortvloeiende verplichtingen.

Artikel 7 van de statuten luidt - voor zover van belang - als volgt:

1. Indien het lidmaatschap eindig door:

a. overlijden;

b. opzegging door het bestuur alsmede;

c. indien een lid-rechtspersoon ophoudt te bestaan en zijn vermogen onder algemene titel overgaat op een andere rechtspersoon, hebben de rechtverkrijgenden respectievelijk het gewezen lid de bevoegdheid, na voorafgaande toestemming door het bestuur, de aandelen binnen zes maanden na de beëindiging van het lidmaatschap over te dragen aan één of meer leden van de coöperatie of aan derden.

Het bestuur, kan, indien er sprake is van een voorgenomen overdracht aan derden, deze goedkeuring afhankelijk stellen van het voldaan zijn aan door het bestuur te stellen of gestelde voorwaarden, waarbij als permanente voorwaarde geldt, dat deze derden als lid tot de coöperatie toetreden en vervolgens het minimaal in artikel 6 lid la genoemde aantal aandelen in het kapitaal der coöperatie nemen. De verkrijgers der aandelen treden, voorzover het de door hen overgenomen aandelen betreft in de aan deze aandelen verbonden rechten en verplichtingen van het gewezen lid.

2. Indien binnen de daarvoor gestelde termijn geen door het bestuur

goedgekeurde overdracht der aandelen als bedoeld in het vorige lid heeft plaatsgehad, alsook indien een lid zijn lidmaatschap heeft opgezegd onder gelijktijdige overdracht van alle door hem gehouden aandelen, zijn de rechtverkrijgenden of is het gewezen lid verplicht en gerechtigd de aandelen aan de coöperatie over te dragen op door het bestuur vast te stellen voorwaarden, de verplichting tot gehele of gedeeltelijke valstorting van aandelen daaronder begrepen. Artikel 6 lid 9 is op een dergelijke overdracht van toepassing.

3. (...)

2.9.

In artikel 8 van de statuten is - voor zover relevant - het volgende bepaald:

1. Het lid heeft het recht en de plicht voor elk aandeel dat te zijnen name staat jaarlijks aardappelen, belichaamd in tussen de (vier) 4 en (vijf) 5 ton aardappelzetmeel per aandeel (...), aan de coöperatie te leveren.

2. Met inachtneming van het bepaalde in lid 1 worden de precieze hoeveelheid aardappelzetmeel die een lid in een betreffende jaar per aandeel aan de coöperatie zal leveren (...) jaarlijks door het bestuur vastgesteld.

3. Indien een lid in een bepaald jaar minder dan (vier) 4 ton aardappelzetmeel per aandeel dat te zijnen name staat aan de coöperatie levert, is sprake van het niet voldoen aan de leverplicht.

4. Het bestuur kan (...) de leden collectief na afloop van de campagne geheel of gedeeltelijke ontheffing van hun leveringsplicht (...) verlenen, bijvoorbeeld in geval van gehele of gedeeltelijke mislukking van de oogst of andere door het bestuur te bepalen situaties.

5. Het bestuur kan ieder jaar individuele leden al dan niet gedeeltelijke ontheffing verlenen van hun leveringsplicht, mits dezen, dit met redenen omkleed schriftelijk voor één juni van ieder jaar voor de daaropvolgende campagne hebben verzocht. Deze ontheffing wordt door het bestuur voor één campagne verleend uitsluitend in de volgende situatie:

a. (...) op medische gronden (...)

b. in andere door het bestuur vast te stellen situatie, waarbij dat lid een door het bestuur vast te stellen bedrag per aandeel per omgaande voldoet aan de coöperatie.

4. Indien aan de verplichting, bedoeld in lid 2 of lid 3 van dit artikel, binnen een door het bestuur vast te stellen termijn niet wordt voldaan, is het

bestuur onherroepelijk tot overdracht van de aandelen aan de coöperatie gemachtigd. Artikel 6 lid 9 is bij deze overdracht van toepassing.

5. Het bestuur is bevoegd de in lid 1 genoemde termijn van zes maanden te verlengen, indien naar zijn oordeel redenen aanwezig zijn.

3.8

De door Avebe aan de haar leden te betalen prijzen zijn afhankelijk van verschillende factoren, zoals de oogst en de aanvoer van aardappelen, alsmede de kwaliteit daarvan, met name het zetmeelgehalte.

3.9

In april 2013 heeft Avebe Deddens c.s. gevraagd op te geven hoeveel aardappelen zij zouden leveren binnen de bandbreedte van het minimale en maximale gewicht per aandeel. Avebe heeft meerdere malen verzocht de opgave in te dienen. Deddens c.s. hebben dit nagelaten en hebben meegedeeld dat zij niet dan wel te weinig zullen leveren.

3.10

Een aantal landbouwers van Deddens c.s. heeft hun (zetmeel)aardappelen vervolgens aan derden geleverd voor een hogere uitbetalingsprijs dan zij bij Avebe konden realiseren.

3.11

Deddens, [appellant2] en [appellant5] hebben bij brief van 13 december 2013 aan Avebe geschreven dat er door Avebe reeds enkele jaren een prijs voor de (zetmeel)aardappelen wordt uitgekeerd die rond of beneden de kostprijs ligt. Ook staat in de brief vermeld dat de aardappelprijs, de boetes bij het niet voldoen aan de leveringsverplichting en de betaling van een bedrag van € 681,- per aandeel bij overdracht van de aandelen aan de coöperatie, door Deddens, [appellant2] en [appellant5] als knellend wordt ervaren.

3.12

Bij besluiten van 11 april 2014 heeft het bestuur van Avebe Deddens c.s. boetes opgelegd in verband met het niet voldoen aan de leveringsverplichting als bedoeld in artikel 8 lid 3, van de statuten, tijdens de campagne 2013/2014. De boete bedraagt € 125,- per ton te weinig geleverd zetmeel, hetgeen voor Deddens c.s. neerkomt op de hiernavolgende totaalbedragen:

Deddens € 19.000,-

[appellant2] € 15.000,-

[appellant3] € 155.908,75

[appellant4] € 62.000,-

[C] € 35.000,-

[appellant5] € 29.000,-

[appellant6] € 49.000,-

3.13

Deddens, [appellant2] , [appellant3] , [appellant5] en [appellant6] (verder: [Groep F] c.s.) hebben op 22, 25 en 29 april 2014 hun lidmaatschap van Avebe opgezegd. Daarbij hebben [Groep F] c.s. verzocht om ontheffing van de verplichting als bepaald in de artikelen 7 lid 2, en 6 lid 9 van de statuten inhoudende dat tegen betaling van een bedrag van € 681,- per aandeel de aandelen moeten worden overgedragen aan Avebe.

3.14

Bij brieven van 8 mei 2014 hebben Deddens c.s. beroep ingesteld tegen de bij besluit van 11 april 2014 opgelegde boetes wegens het niet voldoen aan de leveringsverplichting, overeenkomstig de in de statuten daarvoor opgenomen procedure. Bij besluiten van

19 juni 2014 heeft de Raad van Commissarissen de beroepen van Deddens c.s. afgewezen.

3.15

Bij brieven van 23 juni 2014 heeft Avebe de opzeggingen aan [Groep F] c.s. per

1 augustus 2014 bevestigd en daarbij aan hen meegedeeld dat zij hun aandelen binnen een maand dienen over te dragen aan door de coöperatie goed te keuren derden (artikel 6 lid 8,

van de statuten) of - tegen betaling van € 681,- per aandeel - aan de coöperatie (artikel 7 van de statuten).

3.16

[Groep F] c.s. hebben hun aandelen niet binnen de door Avebe gestelde termijn aan een derde of een goedgekeurde persoon overgedragen. Bij brieven van 31 juli 2014 heeft Avebe

[Groep F] c.s. bericht dat het bestuur van Avebe heeft besloten, om de aandelen, met toepassing van artikel 6 lid 9 van de statuten, aan Avebe over te dragen. Bij ieder afzonderlijke brief is een afschrift van het besluit van het bestuur gevoegd, alsmede een factuur voor de aandelenoverdracht, in totaal neerkomend op de hiernavolgende bedragen:

Deddens € 25.878,-

[appellant2] € 20.430,-

[appellant3] € 251.970,-

[appellant5] € 39.498,-

[appellant6] € 66.738,-

3.17

Bij brief van 17 juli 2014 heeft de advocaat van Deddens c.s. Avebe bericht dat Deddens c.s. zich niet kunnen verenigen met de besluiten ter zake van de boetes en dat [Groep F] c.s. zich niet kunnen verenigen met de facturen voor de aandelenoverdracht.

3.18

De advocaat van Avebe heeft Deddens c.s. bij afzonderlijke brieven van

1 oktober 2014 tot betaling gesommeerd van de boetes en [Groep F] c.s. tot betaling van de facturen voor de aandelenoverdracht.

3.19

Bij brief van 20 april 2015 heeft de advocaat van Deddens c.s. namens [appellant4] en [C] een door hen ondertekende opzeggingsbrief aan Avebe verzonden, waarin zij hun lidmaatschap opzeggen tegen 30 juli 2015. Na bevestiging van de opzegging door Avebe bij brief van 11 mei 2015 hebben [appellant4] en [C] bij brief van

28 mei 2015 gevraagd om opschorting van de door Avebe gestelde termijn voor overdracht van de aandelen aan door de coöperatie goed te keuren derden. De door hen gevraagde termijn is afgewezen. Avebe heeft hen bij brief van 2 juli 2015 voorgesteld dat zij, onder verschuldigdheid van € 681,- per aandeel, de gelegenheid krijgen de door Avebe in te nemen aandelen vóór 1 januari 2016 alsnog aan derden over te laten dragen, waarna Avebe hun voor de aldus over te dragen aandelen met € 681,- crediteert. Dit voorstel is door de heren [appellant 4 en C] afgewezen. Bij brief van 28 juli 2015 heeft Avebe de heren [appellant 4 en C] bericht dat de aandelen, met toepassing van artikel 6 lid 9 van de statuten, aan Avebe moeten worden overgedragen. Aan hen is dienovereenkomstig in rekening gebracht:

[appellant4] € 47.670,-

Harm [appellant4] € 84.444,-.

4 Het geschil en de beslissing in eerste aanleg

5 De beoordeling van de grieven en de vordering in hoger beroep

6 De beslissing