Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 07-04-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:2861, 200.257.822

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 07-04-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:2861, 200.257.822

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
7 april 2020
Datum publicatie
10 april 2020
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2020:2861
Zaaknummer
200.257.822

Inhoudsindicatie

Hoger beroep van ECLI:NL:RBMNE:2018:5864

Aansprakelijkheid OK-functionarissen i.v.m. mislukte verkoop van onderneming? Vennootschap failliet. Aandeelhoudersschade? Valt de OK-bestuurder een ernstig verwijt te maken? Heeft de OK-beheerder gehandeld als redelijk handelend en redelijk bekwame aandelenbeheerder? Omstandigheden van het geval.

Uitspraak

locatie Arnhem

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.257.822

(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, 443929)

arrest van 7 april 2020

in de zaak van

1 [appellante] ,

2. [appellant],

beiden wonende te [A] ,

appellanten in het principaal hoger beroep,

geïntimeerden in het incidenteel hoger beroep,

in eerste aanleg: eisers in conventie, verweerders in reconventie,

hierna: [appellante] respectievelijk [appellant] ,

advocaat: mr. H.M. van Eerten,

tegen:

1 [geïntimeerde1] ,

wonende te [B] ,

advocaat: mr. E.H. Bakker,

2. [geïntimeerde2],

wonende te [C] ,

advocaat: mr. D.J.F.F.M. Duynstee,

geïntimeerden in het principaal hoger beroep,

appellanten in het incidenteel hoger beroep,

in eerste aanleg: gedaagden in conventie, verweersters in reconventie,

hierna: [geïntimeerde1] respectievelijk [geïntimeerde2] .

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

1.1

Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 14 januari 2020 hier over.

1.2

Het verdere verloop blijkt uit hetgeen is voorgevallen op de meervoudige comparitie van partijen van 5 maart 2020. Voorafgaand aan die comparitie heeft de advocaat van [geïntimeerde1] bij brief van 17 februari 2020 een akte indiening producties toegezonden en heeft de advocaat van [geïntimeerde2] bij brief van 18 februari 2020 eveneens een akte overlegging producties toegezonden. Overeenkomstig de ter zitting gemaakte afspraak heeft de advocaat van [appellante] en [appellant] na de comparitie nog de ontbrekende (drie) pleitnota’s uit de eerste aanleg toegezonden aan het hof. Al deze producties maken deel uit van het procesdossier.

1.3

Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest aan het hof overgelegd en heeft het hof arrest bepaald.

2 De vaststaande feiten

3 De motivering van de beslissing in hoger beroep

4 De slotsom

5 De beslissing