Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28-04-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:3374, 200.186.790/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28-04-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:3374, 200.186.790/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 28 april 2020
- Datum publicatie
- 30 april 2020
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2020:3374
- Zaaknummer
- 200.186.790/01
Inhoudsindicatie
Aantreffen van een hennepkwekerij in huurwoning rechtvaardigt de ontbinding van de huurovereenkomst. Daarop volgende uitsluiting van een huurwoning voor de duur van vijf jaren in plaats van twee jaren omdat de huurovereenkomst niet op verzoek van verhuurder door huurder is opgezegd, is niet gerechtvaardigd. Het verwerken (opnemen en delen) door verhuurder van een code in een signaleringsmodule ten behoeve van de toewijzing van woningen, welke code erop wijst dat vanwege de aanwezigheid van hennep de huurovereenkomst met deze huurder is ontbonden, moet worden getoetst aan artikel 6 van de Algemene verordening gegevensbescherming en niet aan artikel 10 daarvan. Voor verwerking biedt artikel 6 lid 1 sub f AVG een toereikende grondslag.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Leeuwarden
afdeling civiel recht, handel
zaaknummer gerechtshof 200.186.790/01
(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 4080624)
arrest van 28 april 2020
in de zaak van
[appellante] ,
wonende te [A] ,
appellante in het principaal hoger beroep,
geïntimeerde in het incidenteel hoger beroep,
in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiseres in reconventie,
hierna: [appellante],
advocaat: mr. T.J.J. Bodewes, kantoorhoudend te Groningen,
tegen
Stichting De Huismeesters,
gevestigd te Groningen,
geïntimeerde in het principaal hoger beroep,
appellante in het incidenteel hoger beroep,
in eerste aanleg: eiseres in conventie en verweerster in reconventie,
hierna: De Huismeesters,
advocaat: mr. A.J. Klok, kantoorhoudend te Groningen.
1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 30 oktober 2018 hier over.
Vervolgens zijn de volgende stukken ontvangen:
- -
-
akte uitlaten tevens voorwaardelijke wijziging grondslag reconventionele eis in incidenteel appel d.d. 11 december 2018 van [appellante] ;
- -
-
akte nadere inlichtingen d.d. 11 december 2018 van De Huismeesters;
- -
-
akte uitlaten/toelichting (producties) d.d. 22 januari 2019 van [appellante] ;
- -
-
antwoordakte d.d. 22 januari 2019 van De Huismeesters;
- -
-
akte uitlating producties 18, 19 en 20 bij memorie van antwoord van De Huismeesters;
- -
-
de bij H16-formulier door De Huismeesters ingediende producties d.d. 24 mei 2019.
Op 7 juni 2019 heeft de in het tussenarrest van 6 maart 2018 bevolen comparitie van partijen plaatsgevonden. Van het verhandelde ter zitting is proces-verbaal opgemaakt.
Partijen hebben arrest gevraagd op het voorafgaand aan de op verzoek van partijen geannuleerde zitting van 26 september 2018 toegezonden procesdossier, aangevuld met voormelde stukken.
2 De vaststaande feiten
Het hof gaat in hoger beroep uit van de navolgende feiten:
De Huismeesters verhuurde sinds 1 augustus 2008 aan [appellante] en [B] een
woning aan de [a-straat 1] te [A] (hierna: de woning). [appellante] en [B] woonden daarin samen met hun drie minderjarige kinderen.
Op de huurovereenkomst zijn de Algemene Huurvoorwaarden De Huismeesters (hierna: algemene voorwaarden) van toepassing. De algemene voorwaarden bevatten, voor zover hier relevant, de volgende bepalingen:
“artikel 2 meer dan één huurder
1. (...) Ieder van de huurders is hoofdelijk aansprakelijk voor het gehele bedrag van de huurprijs en servicekosten en voor alle overige verplichtingen die voor hem en voor andere huurder(s) uit deze overeenkomst en de wet voortvloeien.
(...)
artikel 7 de algemene verplichtingen van huurder
(...)
10. Het is huurder niet toegestaan in het gehuurde hennep of soortgelijke gewassen te telen, dan wel andere activiteiten te verrichten die op grond van de opiumwet of Wetboek van Strafboeklees: Strafrecht) strafbaar zijn gesteld. Het handelen in strijd met dit verbod is dermate ernstig dat dit de ontbinding van de huurovereenkomst op kortst mogelijke termijn rechtvaardigt.”
Op grond van de Huisvestingswet 2014 en de Huisvestingsverordening 2015 gemeente Groningen (hierna: Huisvestingsverordening) is het College van B&W van de gemeente Groningen belast met de woonruimteverdeling in de gemeente Groningen. In het kader van die woonruimteverdeling wordt een register van woningzoekenden aangehouden dat nader is geregeld in paragraaf 2 Huisvestingsverordening. Dit register is het systeem van Woningnet. Paragraaf 3 Huisvestingsverordening bevat regels over het aanbieden en toewijzen van de woningen. Artikel 2 Huisvestingsverordening geeft aan het College van B&W de bevoegdheid de woonruimteverdeling te mandateren aan de Groningse corporaties. Van deze mogelijkheid heeft het College van B&W gebruik gemaakt bij besluit van 24 januari 2017, welk besluit met terugwerkende kracht op 1 juli 2015 in werking is getreden.
Aanvragen van woningzoekenden die in aanmerking willen komen voor een voorrangpositie worden behandeld door het samenwerkingsverband van de Groningse corporaties Woonurgentie Groningen, voorheen geheten Selectiecommissie Groninger Corporaties. De Woonurgentie Groningen verricht haar werkzaamheden in het kader van de woonruimteverdeling op basis van ondermandaat van de Groningse woningcorporaties.
De Huismeesters is partij bij het Convenant Aanpak Thuisteelt van Hennep (hierna:
het hennepconvenant). Het betreft een overeenkomst tussen de gemeenten Groningen en
Haren, de Regiopolitie Groningen, het Openbaar Ministerie Groningen, de in Groningen en Haren werkzame woningcorporaties en Essent Netwerk B.V. Het convenant heeft tot doel door een gezamenlijke aanpak de thuisteelt van hennep in het politiedistrict Groningen/Haren tegen te gaan. De artikelen 9, 12 en 13 van het hennepconvenant, vastgesteld in 2006 en gewijzigd in 2012, luiden (deels) als volgt:
“9. Na de ontmanteling van de hennepkwekerij zal de politie, door gebruikmaking van het
BPS-inlichtingenformulier, bij of krachtens het bepaalde van de wet Politieregisters, de
convenantpartners (alsmede het UWV en de Belastingdienst) hierover zonodig onmiddellijk
informeren, zodat deze hun maatregelen treffen, zoals in dit convenant is vastgelegd. (...)
De over te dragen informatie betreft:
Personalia van de verdachte;
Locatie van de kwekerij;
Datum ontmanteling hennepkwekerij;
Aangetroffen aantal hennepplanten/hoeveelheid hennep;
Aangetroffen situatie (...);
Is er sprake van recidiverend gedrag, zo ja dan datum eerdere ontmanteling;
Indicatie over het aantal eerdere oogsten (de duur van de periode waarin de
hennepkwekerij, voorafgaand aan de ontmanteling door de politie, ten minste heeft
gefunctioneerd);
Eventueel risico voor omwonenden;
Dossiernummer / mutatienummer.
(...)
12. Huuropzegging
Als blijkt dat er sprake is van een hennepkwekerij in een huurwoning of aanhorigheden (...)
stelt de woningcorporatie de huurder in de gelegenheid om de huurovereenkomst op te
zeggen. Schade- en herstelkosten alsmede huurdervingkosten zullen worden opgenomen in
de eindafrekening.
De opzegging heeft tot gevolg dat de huurder de komende twee jaar is uitgesloten van het
huren van een woning van één van de woningcorporaties in de gemeente Groningen. De
huurder kan zich inschrijven als woningzoekende, maar kan gedurende deze twee jaar niet
reageren op een woning via Woningnet. (...)
Gerechtelijke procedure
Wanneer huurder de huurovereenkomst niet vrijwillig opzegt, zal de woningcorporatie in een
gerechtelijke procedure ontbinding van de huurovereenkomst en/of ontruiming van de
woning vorderen met veroordeling van de huurder in de procedure- en advocaatkosten.
Tevens wordt de geleden schade gevorderd waaronder herstelkosten en huurderving.
De gerechtelijke procedure heeft tot gevolg dat de huurder de komende vijf jaar is
uitgesloten van het huren van een woning van één van de woningcorporaties in de gemeente
Groningen. De huurder kan zich inschrijven als woningzoekende, maar kan gedurende deze
vijf jaar niet reageren op een woning via Woningnet. (...)
13. Uitgangspunt is dat tegen henneptelers repressieve maatregelen worden getroffen onder
het motto ‘ja, tenzij’. Als er namelijk aanwijzingen zijn dat sprake is van een schrijnend
geval, waardoor bepaalde maatregelen niet geïndiceerd zijn, kan er in overleg tussen de
convenantpartijen voor worden gekozen om bepaalde maatregelen onder voorwaarden op te
schorten.
Er worden in het convenant met opzet geen bindende criteria genoemd ter beantwoording
van de vraag of sprake is van een schrijnend geval. In de praktijk zal per casus in een apart
overleg tussen de partners worden vastgesteld welke gevallen dienen te worden aangemerkt
als een schrijnend geval. Recidivisten zullen echter niet als schrijnend worden aangemerkt.”
In 2016 hebben de Groningse woningcorporaties, waaronder De Huismeesters, vastgesteld het Protocol Tweedekansbeleid en stedelijke registratie Groningen (hierna: Protocol Tweedekansbeleid). In het Protocol Tweedekansbeleid zijn de voorwaarden en afspraken opgenomen waaronder de Woonurgentie Groningen namens de corporaties persoonsgegevens van de huurder registreert. Het Protocol Tweedekansbeleid bevat onder meer een regeling voor uitgezette huishoudens waartoe ook huurders die hun woning wegens hennep hebben ontruimd worden gerekend. In het Protocol Tweedekansbeleid is het onderscheid in het hennepconvenant van 2 jaar bij opzegging door de huurder en 5 jaar bij ontbinding door de rechter vervallen en in beide situaties geldt nu een termijn van drie jaar waarbinnen wegens hennep uitgezette huishoudens niet bij een Groningse corporatie een woning kunnen huren. Voor de registratie van deze categorie huurders is een signaleringsmodule ontwikkeld. Het registratiesysteem houdt in dat de woningcorporatie de wijze van beëindiging aan Woonurgentie Groningen doorgeeft, Woonurgentie Groningen namens de woningcorporatie de gegevens van de beëindiging in de signaleringsmodule in Woningnet registreert waarbij alleen medewerkers van de corporaties toegang hebben tot de registratie, Woonurgentie Groningen wekelijks handmatig controleert of er een match (signalering) is tussen de woningzoekende die zich inschrijft op Woningnet en een registratie in de signaleringsmodule en bij het bereiken van de maximale registratieduur de registratie van de betrokkene in de signaleringsmodule wordt verwijderd. In bijlage 1 bij het Protocol Tweedekansbeleid is opgenomen welke gegevens over het uitgezette huishouden door de woningcorporatie worden verstrekt en gesignaleerd.
Aan het slot van het Protocol Tweedekansbeleid is een hardheidsclausule opgenomen. Een corporatie kan van het Protocol Tweedekansbeleid afwijken en ten behoeve van het te nemen besluit advies inwinnen van de werkgroep Bijzondere Doelgroepen.
Het Protocol Tweedekansbeleid is bij brief van 26 januari 2016 gemeld aan de Autoriteit Persoonsgegevens en in de administratie opgenomen onder nummer m1612690.
Op 6 januari 2015 hebben medewerkers van de Regiopolitie Groningen in de woning een inval gedaan. In het daarvan door de politie opgemaakte mutatierapport is vermeld dat op zolder hennep is gekweekt en dat is aangetroffen 51 potten met plantresten alsmede diverse attributen voor het kweken van hennep zoals 14 assimilatielampen, transformatoren, koolstoffilters, ventilatoren en afzuigers. In dat rapport is verder op de vraag “kwekerij in werking” weergegeven: “Nee. De kwekerij was pas geoogst”. Verder is in dit rapport opgenomen dat de stroomvoorziening niet illegaal werd afgetapt, maar dat er wel ongeveer 2,5 keer zoveel stroom werd verbruikt dan het gemiddelde.
In een brief van 25 februari 2015 heeft De Huismeesters [appellante] en [B] laten
weten dat zij de ontbinding van de huurovereenkomst en de ontruiming van de woning door de rechter nastreeft. In die brief heeft De Huismeesters vervolgens aan [appellante] en [B] de gelegenheid gegeven uiterlijk 6 maart 2015 de huurovereenkomst op te zeggen, zodat zij in plaats van voor vijf jaar, voor drie jaar worden uitgesloten van het huren van woonruimte via de woningcorporaties in Groningen.
De huurovereenkomst met [B] is door opzegging daarvan door [B] per 6 maart 2015 geëindigd.
Na een daartoe verkregen ontruimingstitel bij vonnis van de kantonrechter is [appellante] op 10 december 2015, samen met haar kinderen, uit de woning ontruimd.
[appellante] woont samen met haar kinderen sinds november 2016 in een van een andere woningcorporatie gehuurde sociale huurwoning.
3 Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
De Huismeesters heeft in eerste aanleg (in conventie) - samengevat - gevorderd de ontbinding van de huurovereenkomst en de veroordeling van [appellante] tot ontruiming van de woning, met veroordeling van [appellante] in de proceskosten.
[appellante] heeft in eerste aanleg (in voorwaardelijke reconventie) - samengevat -gevorderd een verbod aan De Huismeesters de (persoons)gegevens van [appellante] als bedoeld in het hennepconvenant aan de in het hennepconvenant genoemde woningcorporaties en Woningnet N.V. te verstrekken, een gebod aan De Huismeesters de al ter zake verstrekte (persoons)gegevens van [appellante] te (laten) verwijderen en verwijderd te (laten) houden en een verbod aan De Huismeesters voor een langere periode dan 24 maanden, ingaande 6 maart 2015, uit te sluiten van het huren van een sociale huurwoning, een en ander op straffe van een dwangsom, met veroordeling van De Huismeesters in de proceskosten.
De kantonrechter heeft in een vonnis van 17 november 2015 de door De Huismeesters in conventie gevorderde ontbinding en ontruiming toegewezen. Eveneens is in reconventie toegewezen de door [appellante] gevorderde verboden tot verstrekking van haar (persoons) gegevens en tot langere uitsluiting van een huurwoning dan 24 maanden, met ingang van
17 november 2015, een en ander op verbeurte van een dwangsom van € 5.000,- voor iedere overtreding daarvan tot een maximum van € 100.000,-. [appellante] is belast met de kosten van de procedure in conventie en de kosten van de procedure in reconventie zijn tussen partijen gecompenseerd. Het meer of anders gevorderde is door de kantonrechter afgewezen.