Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-10-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:8021, 200.244.721
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-10-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:8021, 200.244.721
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 6 oktober 2020
- Datum publicatie
- 8 oktober 2020
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2020:8021
- Zaaknummer
- 200.244.721
Inhoudsindicatie
6:162 BW bestuurdersaansprakelijkheid; Ontvanger-Roelofsen.
Langdurige samenwerking tussen aannemers. Hoofdaannemer verkeert in financieel zwaar weer. Externe financier trekt zich op allerlaatste moment terug. Vennootschappen gaan failliet.
Bestuurders wisten niet en hoefden ook niet te begrijpen ten tijde van de gemaakte afspraken dat de vennootschap geen verhaal zou bieden voor de schade als gevolg van het niet afgeven van een bankgarantie.
Uitspraak
locatie Arnhem
afdeling civiel recht, handel
zaaknummer gerechtshof 200.244.721
(zaaknummer rechtbank Gelderland, locatie Zutphen:323327)
arrest van 6 oktober 2020
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Dusseldorp Infra, Sloop en Milieutechniek B.V.,
gevestigd te Lichtenvoorde,
appellante,
in eerste aanleg: eiseres,
hierna: Dusseldorp,
advocaat: mr. E. Poelenije,
tegen:
1 [bestuurder1] ,
wonende te [A] ,
2. [bestuurder2] ,
wonende te [A] ,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
H3 Holding B.V.,
gevestigd te Winterswijk,
4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[geïntimeerde4] Holding B.V.,
gevestigd te Winterswijk,
geïntimeerden,
in eerste aanleg: gedaagden,
hierna: (gezamenlijk) de bestuurders,
advocaat: mr. J.T. Stekelenburg.
1 Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep
Het verloop van de procedure tot dan toe blijkt uit het tussenarrest in deze zaak van 19 november 2019. Bij dat arrest is een comparitie van partijen bepaald.
Deze comparitie heeft plaatsgevonden op 27 augustus 2020. Partijen hebben hun standpunten toegelicht en vragen van het hof beantwoord. Mr. Poeleneije heeft namens Dusseldorp spreekaantekeningen overgelegd.
Aan het slot van de comparitie heeft het hof op verzoek van partijen arrest bepaald.
2 De vaststaande feiten
Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.7 van het (bestreden) vonnis van 28 maart 2018.