Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 10-05-2022, ECLI:NL:GHARL:2022:3670, 200.272.152
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 10-05-2022, ECLI:NL:GHARL:2022:3670, 200.272.152
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 10 mei 2022
- Datum publicatie
- 12 mei 2022
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2022:3670
- Formele relaties
- Cassatie: ECLI:NL:HR:2024:429
- Zaaknummer
- 200.272.152
Inhoudsindicatie
Hoger beroep; vernietigingsvorderingen ex artikel 3:45 BW van bankfinanciering, hypotheken en grondoverdrachten; verplichting tot zekerheidstelling; gevolgen van splitsingen, overdrachten en fusie: ondeelbaar gemaakte verbintenissen, overgang van aansprakelijkheden; (boete-) rente niet Paulianeus noch hier onterecht.
artikelen 2:334t en 2:309; 6:6 BW
artikelen 20 en 30 Algemene Bankvoorwaarden (ABV);
artikelen 11 en 13 van respectievelijk AVZG en AVRC.
Uitspraak
locatie Arnhem
afdeling civiel recht, handel
zaaknummer gerechtshof 200.272.152
(zaaknummer rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo: 131726)
arrest van 10 mei 2022
in de zaak van
de coöperatie
Coöperatieve Rabobank U.A.,
(waarin Rabohypotheekbank N.V. bij fusie is opgegaan),
gevestigd te Amsterdam,
appellante in het principaal hoger beroep,
geïntimeerde in het incidenteel hoger beroep,
in eerste aanleg: medegedaagden 10 en 11,
hierna: Rabobank,
advocaat: mr. R.J. van Galen,
en
mr. Jan van der Hel q.q. als curator in de faillissementen van:
de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
1 NPB Beheer B.V. (waarin Mega Projecten B.V. bij fusie is opgegaan),
2 Megahome.nl Grond B.V.,
3 Megahome.nl Beheer B.V.,
4 NPB Onroerend Goed B.V.,
5 NPB Bouw B.V.,
6 NPB Bouwbedrijf B.V.,
7 Mega Bouwbedrijf B.V.,
8 Megahome.nl B.V. en
9 Megahome.nl Bouw B.V.,
kantoorhoudende te Enschede,
opgeroepen als derde,
in eerste aanleg: medegedaagden 1 – 9,
hierna: de curator respectievelijk de Megahome-vennootschappen,
advocaat: mr. J. van der Hel,
tegen
de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
1 Vesteda Investment Management B.V. en
2 Vesteda Project Development B.V.,
beide gevestigd te Amsterdam,
geïntimeerden in het principaal hoger beroep,
appellanten in het incidenteel hoger beroep,
in eerste aanleg: eiseressen,
hierna tezamen in enkelvoud: Vesteda,
advocaat: mr. S.A. van der Sluijs.
1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 11 mei 2021 hier over. Daarbij werd een mondelinge behandeling bepaald.
Het verdere verloop blijkt uit:
- een brief van mr. Van der Sluis namens Vesteda van 20 oktober 2021 met productie VA8;
- het op aan partijen afgegeven proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 17 november 2021;
- de daarbij overgelegde spreekaantekeningen van mr. Van Galen en zijn kantoorgenoot mr. [naam1] namens Rabobank, van de curator en van mr. Van der Sluijs namens Vesteda.
Vervolgens hebben partijen op de eerder door Rabobank voor de mondelinge behandeling overgelegde stukken arrest gevraagd en heeft het hof arrest bepaald.
2 Waar deze zaak over gaat
Het gaat hier om diverse vorderingen van schuldeiser Vesteda1 tegen (de curator van) de Megahome-vennootschappen en tegen Rabobank, hoofdzakelijk op grond van de Pauliana van artikel 3:45 BW dan wel onrechtmatig handelen, telkens wegens verhaalsbenadeling. Vesteda heeft van drie rechtshandelingen de BW-Pauliana ingeroepen: het verlenen van hypotheekrechten op 15 april 2010 voor € 167,5 miljoen (Pauliana I), het aanvaarden van een financieringsaanbod van 8 april 2010 voor € 125 miljoen (Pauliana II) en het aangaan van een geldleningsovereenkomst van 30 juni 2010 voor hetzelfde bedrag (Pauliana III).
3 De vaststaande feiten
Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.20 van het bestreden vonnis van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 21 augustus 2019 (verder: het vonnis)2.