Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 09-02-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:1232, 200.306.715/01 en 200.308.331/01

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 09-02-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:1232, 200.306.715/01 en 200.308.331/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
9 februari 2023
Datum publicatie
20 februari 2023
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2023:1232
Zaaknummer
200.306.715/01 en 200.308.331/01

Inhoudsindicatie

Ontvankelijkheid GI in hoger beroep. Het hof merkt de GI - anders dan de rechtbank - aan als belanghebbende, maar wijst het hoger beroep van de GI wegens gebrek aan belang af. Een 12-jarig kind geeft haar vader tips over hoe het contact tussen hen ontspannen kan verlopen.

Uitspraak

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht

zaaknummers gerechtshof 200.306.715/01 en 200.308.331/01

(zaaknummer rechtbank Overijssel 268932)

beschikking van 9 februari 2023

in de zaak 200.306.715/01

[de moeder] (de moeder),

wonende te [woonplaats1] ,

verzoekster in hoger beroep,

advocaat: mr. R.R.J.A. Olie-Hallmans te Meppel,

en

[de vader] (de vader),

wonende te [woonplaats2] ,

verweerder in hoger beroep,

advocaat: mr. J.G.M. ter Avest te Utrecht.

Als belanghebbenden zijn aangemerkt:

1. de gecertificeerde instelling

Stichting Jeugdbescherming Overijssel (GI Overijssel),

gevestigd te Zwolle.

2. de gecertificeerde instelling

Stichting Jeugdbescherming Gelderland (GI Gelderland),

gevestigd te Harderwijk.

in de zaak 200.308.331/01

de gecertificeerde instelling

Stichting Jeugdbescherming Gelderland (GI Gelderland),

gevestigd te Harderwijk.

Als belanghebbenden zijn aangemerkt:

1. [de moeder] (de moeder),

wonende te [woonplaats1] ,

advocaat: mr. R.R.J.A. Olie-Hallmans te Meppel;

2. [de vader] (de vader),

wonende te [woonplaats2] ,

advocaat: mr. J.G.M. ter Avest te Utrecht;

3. de gecertificeerde instelling

Stichting Jeugdbescherming Overijssel (GI Overijssel),

gevestigd te Zwolle.

in beide zaken

In zijn adviserende en/of toetsende taak is gekend:

de raad voor de kinderbescherming, (de raad)

regio Overijssel, locatie Zwolle.

1 Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle van 10 december 2021, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.

2 Het geding in hoger beroep

in de zaak met zaaknummer 200.306.715/01

2.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het beroepschrift met bijlage(n) van de moeder, ingekomen op 31 januari 2022;

- een journaalbericht namens de moeder van 17 februari 2022, met bijlage(n);

- het verweerschrift van de vader, met bijlage(n).

- een journaalbericht namens de vader van 25 april 2022, met bijlage(n);

- een journaalbericht namens de moeder van 23 november 2022, met bijlage(n);

- een journaalbericht namens de moeder van 22 december 2022, met bijlage(n);

- een journaalbericht namens de vader van 30 december 2022, met bijlage(n).

in de zaak met zaaknummer 200.308.331/01

2.2.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het beroepschrift met bijlage(n) van GI Gelderland, ingekomen op 10 maart 2022;

- het verweerschrift van de moeder, met bijlage(n);

- het verweerschrift van de vader, met bijlage(n).

in beide zaken

2.3.

[de minderjarige2] heeft op 10 januari 2023, via een video-verbinding, met raadsheer Keuning gesproken, in het bijzijn van de griffier. Op verzoek van [de minderjarige2] is [naam1] , gezinsvoogd, tijdens het gesprek aanwezig geweest. [de minderjarige1] heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om zijn mening kenbaar te maken.

2.4.

De mondelinge behandeling van beide zaken heeft gelijktijdig plaatsgevonden op 12 januari 2023. Daarbij zijn aanwezig geweest:

- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;

- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;

- [naam2] , namens GI Gelderland;

- [naam1] en [naam3] , namens GI Overijssel;

- [naam4] , namens de raad.

2.5.

De advocaten hebben aan de hand van pleitaantekeningen het woord gevoerd.

3 De feiten

3.1.

Partijen zijn de ouders van:

- [de minderjarige1] , geboren [in] 2006 en

- [de minderjarige2] , geboren [in] 2010, over wie zij het gezamenlijk gezag uitoefenen.

3.2.

Het huwelijk van partijen is [in] 2019 ontbonden door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking van de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle van 9 oktober 2019.

3.3.

In het ouderschapsplan, ondertekend door de ouders op 10 september 2019 en gehecht aan de echtscheidingsbeschikking , hebben de ouders onder andere het volgende vastgelegd:

- [de minderjarige2] heeft haar hoofdverblijfplaats bij de moeder en [de minderjarige1] bij de vader. De kinderen zullen op het adres in het bevolkingsregister van de gemeente ingeschreven staan waar zij het hoofdverblijf hebben. De vader is gerechtigd tot de kinderbijslag voor beide kinderen zolang er een 50-50 regeling is. Hij kan aanspraak maken op het KGB;

- op het moment van ondertekening van het ouderschapsplan is [de minderjarige1] de meeste tijd bij de vader (behoudens elke woensdagmiddag en een weekend in de veertien dagen) en [de minderjarige2] 50% bij de vader en de moeder;

- vanaf januari 2019 zal de moeder aan de vader voldoen als bijdrage in het levensonderhoud van beide kinderen een bedrag van € 400,- per maand bij vooruitbetaling te voldoen.

3.4.

Beide kinderen zijn bij beschikking van de kinderrechter in de rechtbank Gelderland, locatie Zutphen, van 24 september 2019 onder toezicht gesteld van GI Gelderland.

3.5.

De kinderen verblijven sinds juni 2021 volledig bij de moeder.

3.6.

De ondertoezichtstelling van [de minderjarige1] is geëindigd op 24 februari 2022. De ondertoezichtstelling van [de minderjarige2] is op 24 maart 2022 verlengd tot 24 februari 2023.

3.7.

De rechtbank Overijssel, locatie Zwolle, heeft bij beschikking van 14 maart 2022 GI Gelderland vervangen door GI Overijssel.

3.8.

Bij de bestreden beschikking zijn de verzoeken van de moeder om het ouderschapsplan aan te passen afgewezen.

4 De omvang van het geschil

5 De motivering van de beslissing

6 De slotsom

7 De beslissing