Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-04-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:3124, 200.311.958/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-04-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:3124, 200.311.958/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 6 april 2023
- Datum publicatie
- 17 april 2023
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2023:3124
- Zaaknummer
- 200.311.958/01
Inhoudsindicatie
Verzoek tot het vaststellen van een omgangsregeling wordt afgewezen. Getuige zijn van huiselijk geweld staat qua impact gelijk aan het zijn van slachtoffer daaraan. De veiligheid van het kind is onvoldoende gewaarborgd.
Uitspraak
locatie Leeuwarden
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.311.958/01
(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland 454608)
beschikking van 6 april 2023
inzake
[verzoeker] (de vader),
wonende te [woonplaats1] ,verzoeker in het principaal hoger beroep,
verweerder in het incidenteel hoger beroep,
advocaat voorheen: mr. C. Hofmans te Amsterdam,
huidige advocaat: mr. L.D. Weerkamp te Amsterdam,
en
[verweerster] (de moeder),
wonende op een geheim te houden adres,
verweerster in het principaal hoger beroep,
verzoekster in het incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. S. Flantua te Lelystad.
In zijn toetsende en/of adviserende taak is in de procedure gekend:
de raad voor de kinderbescherming (de raad),
regio Midden Nederland, locatie Lelystad.
1 1. Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikkingen van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Lelystad en locatie Almere, van 27 mei 2019, 23 februari 2021 en 11 maart 2022 (de laatstgenoemde beschikking hierna verder te noemen: de bestreden beschikking) uitgesproken onder voormeld zaaknummer.
2 Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het beroepschrift met bijlage(n), ingekomen op 10 juni 2022;
- een journaalbericht namens de vader van 18 juli 2022 met bijlage(n);
- een journaalbericht namens de vader van 5 augustus 2022 met bijlage(n);
- het verweerschrift tevens incidenteel hoger beroep met bijlage(n);
- een journaalbericht namens de moeder van 27 februari 2023 met bijlage(n).
De mondelinge behandeling heeft op 17 maart 2023 plaatsgevonden. De vader is verschenen, bijgestaan door zijn advocaat. De moeder is eveneens verschenen, bijgestaan door haar advocaat. Namens de raad is [naam1] verschenen. Mr. Weerkamp heeft mede het woord gevoerd aan de hand van een door haar overgelegde pleitnotitie.
Ter mondelinge behandeling heeft mr. Weerkamp, met instemming van de wederpartij, een productie overgelegd, te weten een brief van [naam3] van 29 november 2021.
3 De feiten
Uit de inmiddels geëindigde relatie van de vader en de moeder is [in] 2014 [de minderjarige] geboren.
De vader heeft [de minderjarige] erkend. De moeder oefent alleen het ouderlijk gezag uit over [de minderjarige] . [de minderjarige] woont bij de moeder.