Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25-07-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:6291, 200.308.727
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25-07-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:6291, 200.308.727
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 25 juli 2023
- Datum publicatie
- 16 oktober 2023
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2023:6291
- Formele relaties
- Cassatie: ECLI:NL:HR:2025:167
- Zaaknummer
- 200.308.727
Inhoudsindicatie
Woningbouwvereniging vordert onder meer ontruiming huurwoning na sluiten (verlengde) vaststellingsovereenkomst met meerderjarige kinderen van overlijden huurder. Kantonrechter heeft vaststellingsovereenkomst aangemerkt als huurovereenkomst en de verlenging daarvan als verlenging voor onbepaalde tijd. Het hof vernietigt en wijst de gevorderde ontruiming alsnog af.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem, afdeling civiel
zaaknummer gerechtshof 200.308.727
zaaknummer rechtbank Midden-Nederland, locatie Amersfoort 9016206
arrest van 25 juli 2023
in de zaak van
Stichting Portaal
die is gevestigd in Utrecht,
die hoger beroep heeft ingesteld,
en bij de kantonrechter optrad als eiseres,
hierna: Portaal,
advocaat: mr. J.G. van Heertum,
tegen
1 [geïntimeerde1]
2. [geïntimeerde2]
die beiden wonen in [woonplaats1] ,
en bij de kantonrechter optraden als gedaagden,
hierna samen: [geïntimeerden] ,
advocaat: mr. G. Ҫekiҫ.
1 Het verloop van de procedure in hoger beroep
Naar aanleiding van het tussenarrest van 4 april 2023 heeft op 5 juli 2023 een mondelinge behandeling bij het hof plaatsgevonden. Daarvan is een verslag gemaakt dat aan het dossier is toegevoegd (het proces-verbaal). Hierna hebben partijen het hof gevraagd opnieuw arrest te wijzen.
2 De kern van de zaak
Portaal verhuurde een woning gelegen te [adres] in [woonplaats1] (hierna: de woning) aan de inmiddels overleden moeder van [geïntimeerden] De moeder is op 22 augustus 2019 overleden. [geïntimeerden] woonden op dat moment bij haar in. Portaal en [geïntimeerden] hebben op 30 september 2019 schriftelijk een vaststellingsovereenkomst gesloten op grond waarvan het [geïntimeerden] werd toegestaan om tot uiterlijk 31 maart 2020 gebruik te blijven maken van de woning tegen betaling van een vergoeding ter hoogte van de toen geldende huurprijs. Deze overeenkomst is op 17 maart 2020 schriftelijk verlengd tot 30 september 2020. [geïntimeerden] hebben de woning niet verlaten.
Portaal heeft bij de kantonrechter gevorderd dat [geïntimeerden] veroordeeld worden om de woning te ontruimen en een vergoeding te betalen zolang de woning niet zal zijn ontruimd, en een contractuele boete te betalen wegens het niet tijdig ontruimen van de woning.
De kantonrechter heeft deze vorderingen afgewezen. Volgens de kantonrechter verblijven [geïntimeerden] niet zonder recht of titel in de woning, omdat de tussen partijen gesloten overeenkomsten er toe hebben geleid dat er sprake is van een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd. De bedoeling van het hoger beroep is dat de vorderingen van Portaal alsnog worden toegewezen. Portaal heeft haar eis ten aanzien van de boete in hoger beroep verminderd. Zij vorderde in haar memorie van grieven een gemaximeerde boete van € 10.000,-. Ter zitting bij het hof heeft zij de gevorderde boete (deel III van het petitum in hoger beroep) helemaal ingetrokken. Het hof hoeft daarover dus geen beslissing meer te nemen.