Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 09-01-2024, ECLI:NL:GHARL:2024:191, 200.318.663/01

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 09-01-2024, ECLI:NL:GHARL:2024:191, 200.318.663/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
9 januari 2024
Datum publicatie
16 januari 2024
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2024:191
Formele relaties
Zaaknummer
200.318.663/01

Inhoudsindicatie

Familieruzie. Geldigheid van statutenwijziging van een beheersmaatschappij waarmee de bijzondere aanbiedingsplicht van de aandelen wordt gewijzigd. Bewijskracht notariële akte. Uitleg van de statuten. Afgifte van een legaat is een overdracht ten gevolge van overlijden.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.318.663/01

(zaaknummer rechtbank Overijssel 270119)

arrest van 9 januari 2024

in de zaak van

1 [verzoeker1] ,

die woont in [woonplaats1] ,

hierna: [verzoeker1] ,

die woont in [woonplaats2] ,

hierna: [verzoeker2] ,

die woont in [woonplaats2] ,

hierna: [verzoeker3] ,

die hoger beroep hebben ingesteld,

bij de rechtbank: eisers,

hierna gezamenlijk te noemen: [verzoekers] ,

advocaat: mr. J.W. de Groot, die kantoor houdt in Amsterdam,

tegen

1 Stichting [verweerster1] ,

die gevestigd is in [vestigingsplaats] ,

verweerster in hoger beroep,

bij de rechtbank: gedaagde,

hierna: de Stichting,

2. [verweerder2] ,

die woont in [woonplaats3] ,

verweerder in hoger beroep,

bij de rechtbank: gevoegde partij aan de zijde van de stichting,

hierna: Neef,

hierna gezamenlijk te noemen: de Stichting c.s.,

advocaat: mr. R.G.J. de Haan, die kantoor houdt in Amsterdam.

1 Het verloop van de procedure in hoger beroep

1.1

[verzoekers] hebben hoger beroep ingesteld tegen het vonnis dat de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, op 15 juni 2022 tussen partijen heeft uitgesproken. Het procesverloop in hoger beroep blijkt uit:

-

de dagvaarding in hoger beroep van 15 september 2022;

-

de memorie van grieven van 31 januari 2023;

-

de memorie van antwoord van 14 maart 2023;

-

de memorie van antwoord in het incidenteel hoger beroep;

-

het tussenarrest van 18 april 2023 waarbij een mondelinge behandeling is bepaald;

-

het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling die op

31 oktober 2023 is gehouden (ten onrechte gedateerd op 31 november 2023).

1.2

Hierna hebben partijen het hof gevraagd opnieuw arrest te wijzen.

2 De kern van de zaak

3 De feiten

4 Het oordeel van het hof

5 De beslissing