Gerechtshof Den Haag, 11-06-2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:1871, 200.258.803/01
Gerechtshof Den Haag, 11-06-2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:1871, 200.258.803/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Den Haag
- Datum uitspraak
- 11 juni 2019
- Datum publicatie
- 11 juli 2019
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2019:1871
- Zaaknummer
- 200.258.803/01
Inhoudsindicatie
Familierecht. Verhuizing/hoofdverblijfplaats. Verhouding kort geding ex art. 254 Rv en voorlopige voorzieningen op de voet van art. 821 ev. Rv. Spoedeisend belang.
Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Afdeling civiel, team familie
Zaaknummer : 200.258.803/01
Zaaknummer rechtbank : C/10/567707 KG ZA 19-114
arrest d.d. 11 juni 2019
inzake
[de vrouw] ,
voorheen wonende te [Plaatnaam EEN] , thans wonende te [Plaatsnaam TWEE] ,
appellante,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat: mr. H. Dreesmann-Bruijntjes te Den Haag,
tegen
[de man],
voorheen wonende te [Plaatsnaam TWEE] , thans wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde,
hierna te noemen: de man,
advocaat: mr. A. Schellekens te Waddinxveen.
Het geding
De vrouw is op 29 april 2019 in hoger beroep gekomen van het vonnis in kort geding van 4 april 2019 van de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam, team familie, gewezen tussen de man als eisende partij en de vrouw als gedaagde partij, hierna: het bestreden vonnis.
Voor het verloop van de procedure in eerste aanleg verwijst het hof naar het bestreden vonnis.
De vrouw heeft in de dagvaarding zes grieven opgenomen.
De man heeft een memorie van antwoord ingediend.
Op verzoek van de vrouw heeft het hof spoedpleidooi bepaald, dat is gehouden op 24 mei 2019.
Verschenen zijn de vrouw met haar advocaat en de man met zijn advocaat. Van de zitting is proces-verbaal opgemaakt.
Ter pleidooizitting zijn door de vrouw drie aktes genomen:
- het H-formulier van de vrouw van 22 mei 2019, met als bijlage de brief met producties uit de eerste aanleg van de zijde van de vrouw van 8 maart 2019;
- het H-formulier van de vrouw van 23 mei 2019 met producties 10 tot en met 15;
- het proces-verbaal van de behandeling van 14 maar 2019.
Het hof beslist op het procesdossier dat is gedeponeerd voor het pleidooi.