Home

Gerechtshof Den Haag, 20-12-2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:2802, 200.314.806/01

Gerechtshof Den Haag, 20-12-2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:2802, 200.314.806/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
20 december 2023
Datum publicatie
3 april 2024
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2023:2802
Formele relaties
Zaaknummer
200.314.806/01

Inhoudsindicatie

Bekrachtiging. Het hof is van oordeel dat de rechtbank juist heeft beslist door bij de waardering van de echtelijke woning geen rekening te houden met het voorkeursrecht tot koop.

Uitspraak

GERECHTSHOF DEN HAAG

Team Familie

zaaknummer : 200.314.806/01

rekestnummers rechtbank : FA RK 21-1166 (scheiding) en FA RK 21-4414 (verdeling)

zaaknummers rechtbank : C/09/607729 (scheiding) en C/09/614354 (verdeling)

beschikking van de meervoudige kamer van 20 december 2023

inzake

[de vrouw] ,

wonende te [woonplaats] ,

verzoekster in hoger beroep,

hierna te noemen: de vrouw,

advocaat mr. J.G. Schnoor te 's-Gravenhage,

tegen

[de man] ,

wonende te [woonplaats] ,

verweerder in hoger beroep,

hierna te noemen: de man,

advocaat mr. M. Haasjes te Voorburg.

1 Het verloop van het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst voor het verloop van het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Den Haag van 9 juni 2022, uitgesproken onder voormeld zaaknummer, hierna: de bestreden beschikking.

2 Het geding in hoger beroep

2.1

De vrouw is op 22 augustus 2022 in hoger beroep gekomen van de bestreden beschikking.

2.2

De man heeft op 17 oktober 2023 een verweerschrift ingediend.

2.3

Bij het hof zijn voorts ingekomen:

van de zijde van de man:

- een journaalbericht van 28 september 2023, met bijlagen, ingekomen op 29 september 2023;

van de zijde van de vrouw:

- een journaalbericht van 1 oktober 2023, met bijlage, ingekomen op 2 oktober 2023.

2.4

De mondelinge behandeling heeft op 12 oktober 2023 plaatsgevonden. Partijen zijn in persoon verschenen, bijgestaan door hun advocaten. Mr. Schnoor heeft ter zitting een pleitnotitie overgelegd.

3 De feiten

3.1

Het hof gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde feiten voor zover daartegen in hoger beroep niet is opgekomen. Onder meer staat het volgende vast.

3.2

Partijen zijn gehuwd op [datum] 2003 te [plaats] , in gemeenschap van goederen.

4 De omvang van het geschil

5 De motivering van de beslissing

6 De beslissing