Gerechtshof Den Haag, 16-09-2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:1685, 200.343.892/01
Gerechtshof Den Haag, 16-09-2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:1685, 200.343.892/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Den Haag
- Datum uitspraak
- 16 september 2025
- Datum publicatie
- 24 september 2025
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1685
- Zaaknummer
- 200.343.892/01
Inhoudsindicatie
Didamsituatie bij voorgenomen grondverkoop gemeente, vraag of sprake is van 'enige, serieuze gegadigde', beleidsvrijheid gemeente bij vraag óf tot verkoop wordt overgegaan en zo ja ten behoeve van welk beleidsdoel
Uitspraak
Civiel recht
Team Handel
Zaaknummer hof : 200.343.892/01
Zaak- en rolnummer rechtbank : C/09/664294 / KG ZA 24-320
Arrest in kort geding van 16 september 2025
in de zaak van
[appellant] ,
wonend in [woonplaats] ,
appellant,
advocaat: mr. N. van Collem, kantoorhoudend in Zoetermeer,
tegen
Gemeente Leidschendam-Voorburg,
gevestigd in Leidschendam,
geïntimeerde sub 1,
advocaat: mr. H.N.T. Hoogwout, kantoorhoudend in Den Haag,
aan wier zijde zich heeft gevoegd
1828-VIII B.V.,
gevestigd in Amsterdam,
geïntimeerde sub 2,
advocaat: mr. P.E.J.M. Loeffen, kantoorhoudend in Amsterdam.
Het hof noemt partijen hierna [appellant] , de Gemeente en 1828 BV.
1 De zaak in het kort
Het gaat in deze zaak om de vraag of de Gemeente een stuk gemeentegrond mag verkopen aan 1828 BV, zonder eventuele andere gegadigden de gelegenheid te bieden mee te dingen in een openbare selectieprocedure.
De Gemeente meent dat 1828 BV is aan te merken als enige serieuze gegadigde voor de grond, zodat een openbare selectieprocedure niet aan de orde is. [appellant] is het daar niet mee eens en vindt dat hij ook de kans moet krijgen om de grond te kopen.
In navolging van de voorzieningenrechter wijst het hof de vorderingen van [appellant] af.
2 Procesverloop in hoger beroep
Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit de volgende stukken:
- -
-
de dagvaardingen van 11 juli 2024, waarmee [appellant] in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag van 13 juni 2024 (hierna: bestreden vonnis);
- -
-
de anticipatie-exploten van de Gemeente van 22 juli 2024, waarbij [appellant] en 1828 BV zijn aangezegd dat voormelde dagvaardingen bij vervroeging zullen worden aangebracht;
- -
-
de memorie van grieven van [appellant] , met bijlagen;
- -
-
de memorie van antwoord van de Gemeente, met bijlagen;
- -
-
de memorie van antwoord van 1828 BV, met bijlagen.
Op 17 juli 2025 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden. Partijen zijn daarin bijgestaan door hun voornoemde advocaten, de Gemeente tevens door mr. M.C. van Hemert, kantoorgenoot van mr. Hoogwout, en 1828 BV tevens door mr. M. Knipscheer, kantoorgenote van mr. Loeffen. De advocaten hebben de zaak toegelicht aan de hand van pleitaantekeningen die zij hebben overgelegd.
3 Feitelijke achtergrond
[appellant] beheert, ontwikkelt en handelt in vastgoed. Hij is eigenaar van enkele percelen aan de [...straat] in [plaats] . Ten zuiden van die percelen ligt het perceel [adres] ( [plaats] ), dat sinds februari 2023 eigendom is van 1828 BV, een onderneming die zich eveneens bezig houdt met vastgoedontwikkeling. Op het perceel [adres] staat een gebouw waarin voorheen een timmerfabriek werd geëxploiteerd.
Nabij [adres] ligt een stuk grond van 395 m2 dat eigendom is van de Gemeente (in navolging van het vonnis van de voorzieningenrechter hierna: perceel B).
1828 BV heeft op 3 september 2020 een initiatief ingediend bij de Gemeente voor de sloop van de oude timmerfabriek en de realisatie van een wooncomplex op het betreffende perceel (hierna: bouwplan). Het bouwplan voorzag in de bouw van 138 huurappartementen, waarvan 85% sociale huur voor jongeren in de leeftijdscategorie 18 tot 28 jaar. 1828 BV heeft te kennen gegeven daarvoor het naastgelegen perceel B van de Gemeente te willen kopen.
Op 20 juli 2022 hebben 1828 BV en de Gemeente met betrekking tot het bouwplan een intentieovereenkomst en vervolgens een “Anterieure overeenkomst” gesloten. Daarin is onder meer vastgelegd dat de Gemeente in beginsel bereid is planologische medewerking te verlenen aan de door 1828 BV beoogde bouwactiviteit en daarvoor perceel B aan 1828 BV te verkopen.
Omwonenden en ondernemers uit de omgeving (waaronder [appellant] ) hebben bezwaren geuit tegen het bouwplan. Zij hebben zich verenigd in [Actiegroep X] . De bezwaren zien onder meer op de voorgenomen onderhandse verkoop van perceel B aan 1828 BV.
Op 27 september 2022 heeft de advocaat van [Actiegroep X] onder meer aan de Gemeente geschreven:
“Met een beroep op het gelijkheidsbeginsel meldt de heer [appellant] zich hierbij aan als gegadigde voor de aankoop van het desbetreffende stuk grond. De heer [appellant] heeft veel belangstelling voor het stuk grond,, daar hij aan de [...straat] reeds vastgoed verhuurt. Laatstgenoemde kan derhalve worden aangemerkt als serieuze gegadigde. De selectieprocedure hiervoor kunt u bekendmaken aan ondergetekenden.
Wellicht ten overvloede verzoekt de Actiegroep om eventuele onderhandelingen (...) ter zake de grond, voor zover onderhandelingen gaande zijn, op te schorten totdat ook andere gegadigden daartoe in de gelegenheid zijn gesteld.”.
Op 28 februari 2024 heeft de Gemeente het ‘Voornemen tot verkoop van gemeentegrond nabij [adres] te [plaats] ’ (hierna ook: het Voornemen) gepubliceerd in het Gemeenteblad. In de publicatie staat onder meer:
“De Gemeente is voornemens planologische medewerking te verlenen aan een bouwplan van 1828-VIII B.V. Het bouwplan voorziet in (...) de realisatie van een appartementencomplex met 138 huurappartementen en bijbehorende gedeelde voorzieningen, (...), op het perceel gelegen aan de [adres] (dat reeds in eigendom is van 1828-VIII B.V.) en op [perceel B].
(...)
Naar het oordeel van de Gemeente is 1828-VIII B.V. de enige serieuze gegadigde voor de aankoop van dit perceel.
Toelichting en motivering
(...) De ontwikkelaar is volgens de Gemeente de enige serieuze gegadigde voor de aankoop van het perceel, waardoor het de Gemeente vrijstaat tot rechtstreekse verkoop aan de ontwikkelaar over te gaan. Daaraan liggen de volgende objectieve, toetsbare en redelijke criteria en omstandigheden ten grondslag:
-De Gemeente verkoopt de grond aan de eigenaar van de [adres] met als doel om één bouwplan te ontwikkelen voor deze locatie, inclusief het perceel gemeentegrond;
-Verkoop van de gemeentegrond aan een andere partij dan 1828-VIII B.V. is niet wenselijk, omdat een separate ontwikkeling van het perceel gemeentegrond niet kan leiden tot een financieel haalbaar plan met een dergelijke omvang en soortgelijke functie, zoals het aantal (sociale) huurwoningen;
-Verkoop van het perceel maakt de ontwikkeling van een uniek concept mogelijk, gebaseerd op een initiatief van 1828-VIII B.V. dat woonruimte biedt voor jongeren, waaraan de Gemeente met het aangaan van de anterieure overeenkomst in beginsel planologische medewerking verleent en waarin wordt voorzien in woningen voor een specifieke doelgroep waar veel vraag naar is;
-Het te verkopen perceelsgedeelte is niet geschikt voor een separate herontwikkeling vanwege beperkingen als gevolg van de huidige omliggende (bedrijfs)bestemmingen en de beperkte oppervlakte.
Reactietermijn
Indien u zich niet kunt verenigen met dit voornemen, dan dient u dit kenbaar te maken door middel van een gemotiveerd bericht aan (...), uiterlijk op 20 maart (...), gevolgd door het aanhangig maken van een kort geding (...), uiterlijk op 10 april 2024.”
Bij brief van 20 maart 2024 is [appellant] opgekomen tegen de voorgenomen verkoop van de Gemeentelijke percelen aan 1828 BV. Vervolgens heeft hij het onderhavige kort geding aanhangig gemaakt.