Gerechtshof Den Haag, 14-10-2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:2091, 200.341.780/01
Gerechtshof Den Haag, 14-10-2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:2091, 200.341.780/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Den Haag
- Datum uitspraak
- 14 oktober 2025
- Datum publicatie
- 21 oktober 2025
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2025:2091
- Zaaknummer
- 200.341.780/01
Inhoudsindicatie
Mag een aandeelhouder gebruik maken van zijn statutaire recht om zijn aanbod tot overdracht van aandelen weer in te trekken binnen een bepaalde tijd nadat het aanbod door een andere aandeelhouder is aanvaard, gelet op de aanvullende afspraken die zijn gemaakt in de aandeelhoudersovereenkomst?
Uitspraak
Civiel recht
Team Handel
Zaaknummer hof : 200.341.780/01
Zaak- en rolnummer rechtbank : C/10/660463 / HA ZA 23-528
Arrest van 14 oktober 2025
in de zaak van
[appellante] B.V.,
gevestigd in Rotterdam,
appellante,
advocaat: mr. B.P.H. Leijnse, kantoorhoudend in Rotterdam,
tegen
[geïntimeerde] ,
wonend in [woonplaats] ,
geïntimeerde,
advocaat: mr. M.W. Renzen, kantoorhoudend in Rotterdam.
Het hof noemt partijen hierna [appellante] en [geïntimeerde] .
1 De zaak in het kort
[appellante] stelt dat tussen haar en [geïntimeerde] een koopovereenkomst tot stand is gekomen voor de koop van aandelen. Zij heeft het aanbod van [geïntimeerde] namelijk in lijn met de aandeelhoudersovereenkomst aanvaard. [geïntimeerde] voert aan dat hij zijn aanbod na aanvaarding door [appellante] heeft ingetrokken op grond van de statuten. [geïntimeerde] krijgt in hoger beroep - net als in eerste aanleg - gelijk. Het hof bekrachtigt het vonnis.
2 Procesverloop in hoger beroep
Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit de volgende stukken:
- -
-
de dagvaarding met daarin de grieven vermeld, van 16 mei 2024, waarmee [appellante] in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 27 maart 2024;
- -
-
het tussenarrest van 18 juni 2024 waarbij een mondelinge behandeling is gelast welke op verzoek van partijen niet is doorgegaan;
- -
-
de memorie van antwoord van [geïntimeerde] , met bijlagen, van 18 oktober 2024;
- -
-
de aanvullende producties E-22 tot en met E-29 die [appellante] op 7 juli 2025 heeft overgelegd ten behoeve van de mondelinge behandeling;
- -
-
de producties G13 en G14 die [geïntimeerde] op 9 juli 2025 heeft overgelegd ten behoeve van de mondelinge behandeling.
Op 18 juli 2025 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden. De advocaten hebben de zaak toegelicht aan de hand van pleitaantekeningen die zij hebben overgelegd. Van de mondelinge behandeling is een proces-verbaal opgemaakt. Ten slotte is arrest gevraagd en is een datum voor arrest bepaald.
3 Feitelijke achtergrond
De rechtbank heeft in het bestreden vonnis de feiten vastgesteld die zij tot uitgangspunt heeft genomen. Voor zover de feiten in hoger beroep zijn betwist, heeft het hof daar in het navolgende rekening mee gehouden. Samengevat en waar nodig aangevuld komen de feiten neer op het volgende.
Century Products - [appellante] - [geïntimeerde]
Century Products B.V. (hierna: Century Products) is een onderneming die zich richt op de handel in voedsel en dranken. Tot 28 maart 2018 hielden de volgende (rechts)personen certificaten van aandelen in Century Products: (i) [naam 1] Holding B.V., met als bestuurder de heer [naam 1] (hierna: [naam 1] ), (ii) de heer [naam 2] , (iii) [appellante] , met als bestuurder [bestuurder appellante] en (iv) Overall Investments B.V., met als bestuurder [geïntimeerde] .
[geïntimeerde] is oprichter van Century Products en was tot 28 maart 2018 (indirect) bestuurder van Century Products. [bestuurder appellante] was - naast (indirect) aandeelhouder - van 24 juli 2006 tot 1 maart 2022 in dienst bij Century Products als werknemer.
Thunder Trading
In 2017 is overeengekomen dat de heer [naam 3] (hierna: [naam 3] ) een meerderheidsbelang in Century Products zou verwerven. In dat kader werd besloten tot decertificering van de aandelen en tot oprichting van Thunder Trading B.V. (hierna: Thunder Trading), welke vennootschap 100% van de aandelen in Century Products verkreeg. De vennootschap van [naam 3] en de oorspronkelijke vier (indirecte) certificaathouders van Century Products verkregen op 28 maart 2018 de aandelen in Thunder Trading. De aandelenverhouding was toen: (i) Lightning Holding B.V., met als bestuurder [naam 3] (57,5%), (ii) [naam 1] Holding B.V. (15%), (iii) [naam 2] (15%), (iv) [appellante] (7,6%), en (v) [geïntimeerde] (4,9%).
[naam 1] en [naam 3] waren (via hun vennootschappen [naam 1] Holding B.V. respectievelijk Rainmaker Management B.V.) vanaf 28 maart 2018 de (indirect) bestuurders van Thunder Trading.
Statuten Thunder Trading
Artikel 12B ('Blokkeringsregeling') van de statuten van Thunder Trading (hierna: Statuten), gedateerd 1 december 2017, luidt voor zover van belang:
Blokkeringsregeling:
Artikel 12B: “1. Een aandeelhouder, die - met inachtneming van het bepaalde in artikel 3B en met inachtneming van het bepaalde in artikel 12A - één of meer aandelen wenst over te dragen, is verplicht van zijn voornemen daartoe bij aangetekende brief, dan wel elektronisch, kennis te geven aan de directie onder opgave van de naam van de voorgestelde verkrijger(s) en van het aantal over te dragen aandelen; deze kennisgeving geldt als aanbieding van het aandeel of de aandelen aan de overige aandeelhouders op de wijze als hierna is omschreven. (...) 8. De aanbieder heeft te allen tijde het recht zijn aanbod in te trekken doch uiterlijk tot een maand nadat hem definitief bekend is aan welke gegadigden hij al de aangeboden aandelen kan verkopen en tegen welke prijs, deze intrekking geschiedt bij aangetekend schrijven, dan wel elektronisch, aan de directie.”
Aandeelhoudersovereenkomst
In verband met de oprichting van Thunder Trading, decertificering en aandelen(ver)koop, is op 6 december 2017 een participatie- en aandeelhoudersovereenkomst (hierna: PAO) gesloten inzake Thunder Trading en Century Products. Naast deze vennootschappen zijn, onder meer, ook de in rov. 3.4 genoemde aandeelhouders van Thunder Trading partij bij deze overeenkomst, en de vennootschap van [geïntimeerde] , Overall Investment B.V. De artikelen 14 (Statutenwijziging) en 20 (‘Right of First Refusal’) luiden voor zover van belang:
Artikel 14 - Statutenwijziging
“(...)
In geval van strijd tussen de bepalingen van deze Overeenkomst en de Statuten en/of de statuten van Century Products prevaleren de bepalingen van deze Overeenkomst.
Voor zover rechtens mogelijk komt iedere Partij overeen alle (directe en indirecte) stemrechten, bevoegdheden en andere rechten aan te wenden om tijdig en volledig uitvoering te geven aan de bepalingen van deze Overeenkomst.”
(...)
Artikel 20 - Right of First Refusal, Drag along en Tag along
“20.1. Partijen komen overeen dat de Aanbiedende Aandeelhouder die van een derde gegadigde een aantoonbaar bod tegen een aannemelijke prijs heeft ontvangen voor al haar Aandelen, of een gedeelte daarvan en voornemens is haar Aandelen aan die derde gegadigde te verkopen, de Andere Aandeelhouders een Kennisgeving zal toezenden van dat voornemen, opdat op één van de in de navolgende leden bepaalde wijzen kan worden bereikt dat:
a. de Aanbiedende Aandeelhouder door de Andere Aandeelhouders kan worden uitgekocht (zoals hieronder nader omschreven onder het opschrift ”Right of first refusal”) of, bij gebreke daarvan;
b. indien Lightning Holding de Aanbiedende Aandeelhouder betreft; de Aanbiedende Aandeelhouder desgewenst kan bewerkstelligen dat alle Aandelen aan de betreffende derde gegadigde worden verkocht (zoals hieronder nader omschreven onder het opschrift “Drag Along”);
of wel dat
c. de Andere Aandeelhouders hun Aandelen kunnen “meeverkopen” met de Aanbiedende Aandeelhouder (zoals hieronder nader omschreven onder het opschrift “Tag Along”);
Right of first refusal
In het geval bedoeld in Artikel 20.1, zijn de Andere Aandeelhouders gerechtigd om aan de Aanbiedende Aandeelhouder binnen een redelijke, door de Aanbiedende Aandeelhouder in de Kennisgeving te vermelden termijn van niet minder dan twintig (20) werkdagen na ontvangst van de Kennisgeving, schriftelijk te laten weten de door de Aanbiedende Aandeelhouder aangeboden Aandelen te kopen tegen dezelfde prijs als waartegen de Aanbiedende Aandeelhouder bereid is door haar aangeboden Aandelen aan de derde gegadigde te verkopen, en overigens onder marktconforme voorwaarden en condities.
Voor de toepassing van dit lid zal de Kennisgeving in dat geval worden geacht een aanbod te zijn, dat op de in dit lid bedoelde wijze alsdan zal zijn aanvaard. Alsdan zijn de Andere Aandeelhouders verplicht te bewerkstelligen dat de door de Aanbiedende Aandeelhouder aangeboden Aandelen binnen dertig (30) werkdagen na aanvaarding van het betreffende aanbod aan hun worden geleverd en is de Aanbiedende Aandeelhouder verplicht de aangeboden Aandelen binnen dertig (30) werkdagen na aanvaarding van het bod aan de Andere Aandeelhouders te leveren. Indien alle Andere Aandeelhouders hebben gereflecteerd op dit aanbod, zullen de aangeboden Aandelen pro rata hun aandelenbelang worden geleverd.”
Verkoop aandelenbelang [geïntimeerde] (4,9%)
Bij e-mail van 23 september 2020 bericht [geïntimeerde] de directie van Thunder Trading als volgt:
“Hierbij deel ik mede dat ik voornemens ben 12250 aandelen Thunder Trading BV (...) over te dragen aan [naam 4] Holding BV (...). Deze overdracht vindt plaats onder de opschortende voorwaarde dat:
De kwaliteitseis, zoals genoemd in artikel 3B lid 1 van de statuten middels een besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders van Thunder Trading BV ten aanzien van [naam 4] Holding BV komt te vervallen; en door de algemene vergadering van aandeelhouders van Thunder Trading BV goedkeuring aan de overdracht wordt verleend, waarmee de Lock-up Periode, zoals genoemd in artikel 12A, ten aanzien van deze overdracht komt te vervallen.
De besluiten van de AVA zie ik graag tegemoet.
Ik verzoek u vervolgens met inachtneming van het bepaalde in artikel 12B lid 2 de overige aandeelhouders van dit aanbod in kennis te stellen.”
Volgens de directie van Thunder Trading was de komst van de heer [naam 4] noodzakelijk voor de continuïteit van de onderneming mede met het oog op het aangekondigde vertrek van [naam 1] . Bij e-mail van 3 oktober 2020 schrijft [naam 3] aan de aandeelhouders onder meer dat [naam 4] en [geïntimeerde] overeenstemming hebben bereikt over de overdracht van het belang van 4,9% van [geïntimeerde] aan [naam 4] . Hierover zou in een aandeelhoudersvergadering van 12 oktober 2020 gestemd worden. Die stemming is uiteindelijk niet doorgegaan.
Op 5 oktober 2020 hebben [geïntimeerde] en [bestuurder appellante] elkaar telefonisch gesproken over de verkoop van het aandelenbelang van [geïntimeerde] . Partijen verschillen van mening over de inhoud van dit gesprek.
Bij e-mail van 6 oktober 2020 schrijft [bestuurder appellante] aan [geïntimeerde] :
“Wil jij met oog op de voorgenomen verkoop van jouw aandelen, de in de PAO onder artikel 20 genoemde kennisgeving delen?”
In reactie hierop schrijft [geïntimeerde] aan [bestuurder appellante] op 7 oktober 2020:
"Van [naam 3] en [naam 1] heb ik begrepen dat het voornemen bestaat met [naam 4] (zijn holding) een management-overeenkomst aan te gaan, teneinde de continuïteit van Century Products te waarborgen. Met [naam 4] heb een enkele gesprekken gevoerd, waarbij hij tevens aangaf mijn aandelen te willen overnemen. [naam 4] is positief op mij overgekomen en lijkt me van waarde voor Century Product mede gezien de voorgenomen geleidelijke afbouw van [naam 1] . Over de prijs van de aandelen hebben we overeenstemming bereikt.
Op 23 september heb ik de directie van Thunder Trading kennis gegeven van mijn voornemen om alle aandelen te verkopen aan [naam 4] Holding B.V. (artikel 12B van de statuten).
Tussen mij en koper is een concept koopovereenkomst opgesteld. Koper heeft aangegeven met de redactie van de overeenkomst akkoord te gaan op voorwaarde dat koper ook partij wordt bij de op 6 december getekende aandeelhoudersovereenkomst (PAO). Hiertoe is een concept toetredingsovereenkomst opgesteld.
Ik ben het met je eens dat artikel 20 van de PAO, in casu 20.1 letter a juncto artikel 20.2, in acht moet worden genomen. Ik deel je mede, dat ik aan [naam 4] Holding B.V. al mijn 12250 aandelen, genummerd 237751 tot en met 250000, in Thunder Trading BV heb aangeboden tegen een koopprijs van € 30.000.
Graag verneem ik uiterlijk 6 november a.s. of je van je recht zoals genoemd in artikel 20 gebruik wenst te maken.
Indien je akkoord ga met de verkoop aan [naam 4] Holding BV dan verneem ik dat graag zo spoedig mogelijk per e-mail.”
Bij e-mail van 20 oktober 2020 schrijft [geïntimeerde] aan [bestuurder appellante] onder meer:
“In mijn mail van 7 oktober heb ik je in kennis gesteld van het aanbod aan [naam 4] Holding BV tot koop van al mijn aandelen Thunder Trading BV tegen een koopprijs van € 30.000. Zoals aangegeven heb ik mijn aanbod gedaan omdat de verwachting bestaat dat met het aantrekken van [naam 4] de continuïteit van Century Products B.V., en daarmee het inlossen van de achtergestelde leningen en de betaling van openstaand dividend aan de oude aandeelhouders, beter zal zijn gewaarborgd. Mijn voornemen is uitdrukkelijk niet verkoop van mijn aandelen (pro-rata) aan de andere aandeelhouders.
(...)
In het geval je inmiddels besloten hebt geen gebruik te maken van je Right of first Refusal zou ik het op prijs stellen indien je mij dit standpunt deze week kenbaar te maken, zodat de benodigde formaliteiten voor de overdracht en voor het toetreden van [naam 4] spoedig kunnen plaats vinden.”
Bij e-mail van 28 oktober 2020 schrijft [bestuurder appellante] aan [geïntimeerde] onder meer:
“Zoals telefonisch toegelicht bevestig ik hierbij gebruik te willen maken van hetgeen overeengekomen in artikel 20 van de PAO (Right of First Refusal). (...) de aandelen zoals hieronder genummerd neemt [appellante] BV graag aan tegen een koopprijs van EUR 30.000,-.
Overige aandeelhouders hebben aangegeven van deze mogelijkheid geen gebruik te willen maken. Indien je dit doorgang wil laten vinden, verneem ik graag welke notaris jouw voorkeur heeft.”
Op 29 oktober 2020 schrijft [geïntimeerde] aan [bestuurder appellante] onder meer:
“Zoals aangegeven in mijn mail van 20 oktober was en is het niet mijn plan de aandelen te verkopen aan mijn huidige mede-aandeelhouders. Onder gebruikmaking van artikel 12B lid 8 van de statuten geef ik hierbij dan ook te kennen mijn aanbod van de aandelen in te trekken.”
Bij e-mail van 16 november 2020 van [bestuurder appellante] aan Thunder Trading en haar aandeelhouders zet [bestuurder appellante] uiteen dat en waarom tussen [geïntimeerde] en [appellante] in zijn visie een koopovereenkomst tot stand is gekomen en dat [geïntimeerde] tot nakoming ervan verplicht is. Dit is vervolgens, bij e-mail van 19 november 2020, door [geïntimeerde] betwist. Bij e-mail van 28 november 2020 aan [geïntimeerde] heeft [appellante] haar recht op nakoming uitdrukkelijk voorbehouden.
Einde arbeidsovereenkomst
Op 29 januari 2021 heeft Century Products bij de kantonrechter in de rechtbank Den Haag een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [bestuurder appellante] ingediend. Bij beschikking van 30 juli 2021 heeft de kantonrechter dit verzoek afgewezen. Bij beschikking van 1 maart 2022 heeft het Hof Den Haag die beschikking vernietigd en bepaald dat de arbeidsovereenkomst per 1 maart 2022 is geëindigd.
Omzettingsverklaring
Op 12 november 2022 heeft [appellante] [geïntimeerde] bericht dat zij niet langer aanspraak maakt op nakoming van de koopovereenkomst met betrekking tot het aandelenbelang van 4,9%, maar op vervangende schadevergoeding.
Levering aandelenbelang [appellante]
Het einde van de arbeidsovereenkomst tussen Century Products en [bestuurder appellante] bracht mee dat [appellante] haar aandelenbelang (7,6%) in Thunder Trading moest aanbieden aan de overige aandeelhouders. Omdat partijen over de waardering van de aandelen geen overeenstemming konden bereiken, is een deskundige ingeschakeld. Over zijn waardering(en) is vervolgens ook verschil van mening ontstaan tussen de betrokken partijen.
Inmiddels heeft de levering van de aandelen van [appellante] in Thunder Trading plaatsgevonden.