Gerechtshof Leeuwarden, 04-03-2011, BP6924, 24-002181-09
Gerechtshof Leeuwarden, 04-03-2011, BP6924, 24-002181-09
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 4 maart 2011
- Datum publicatie
- 7 maart 2011
- ECLI
- ECLI:NL:GHLEE:2011:BP6924
- Zaaknummer
- 24-002181-09
Inhoudsindicatie
Het hof heeft een verdachte vrijgesproken van een overtreding van inzake het Besluit gebruik meststoffen. Nu door de beide ambtenaren van de Algemene Inspectiedienst geen monster is genomen van het uitgereden materiaal en ook niet van het materiaal dat zich in de kelder bevond en het materiaal derhalve niet is onderzocht en het thans ook niet meer kan worden onderzocht, kan - nu het dossier, c.q. het verhandelde ter terechtzitting ook overigens geen uitsluitsel biedt - niet met voldoende zekerheid worden vastgesteld dat verdachte destijds dierlijke meststoffen en/of zuiveringsslib, dan wel een mengsel met één van deze stoffen, heeft uitgereden.
Uitspraak
Parketnummer: 24-002181-09
Parketnummer eerste aanleg: 19-994611-09
Arrest van 4 maart 2011 van het gerechtshof te Leeuwarden, economische kamer,
op het hoger beroep tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Assen van 1 september 2009 in de strafzaak tegen:
[verdachte],
geboren op [1969] te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats], [adres],
verschenen in persoon.
Het vonnis waarvan beroep
De economische politierechter in de rechtbank Assen heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.
Gebruik van het rechtsmiddel
De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.
Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
De vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het aan verdachte ten laste gelegde bewezen zal verklaren en hem ter zake zal veroordelen tot een geldboete van
€ 790,-, subsidiair 15 dagen hechtenis.
De beslissing op het hoger beroep
Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:
hij op of omstreeks 4 februari 2009 te [plaats], al dan niet opzettelijk, dierlijke meststoffen en/of zuiveringsslib en/of een mengsel met dierlijke meststoffen en zuiveringsslib heeft gebruikt op een perceel bouwland, gelegen aan of nabij [adres] te [plaats], terwijl die dierlijke meststoffen en/of dat zuiveringsslib en/of dat mengsel niet emissiearm werd(en) aangewend.
Vrijspraak
Verdachte heeft ter zitting betoogd dat hetgeen hij op 4 februari 2009 niet emissiearm heeft uitgereden geen van de in de tenlastelegging genoemde stoffen bevatte en dat hij moet worden vrijgesproken.
Nu door de beide ambtenaren van de Algemene Inspectiedienst geen monster is genomen van het uitgereden materiaal en ook niet van het materiaal dat zich in de kelder bevond en het materiaal derhalve niet is onderzocht en het thans ook niet meer kan worden onderzocht, kan - nu het dossier, c.q. het verhandelde ter terechtzitting ook overigens geen uitsluitsel biedt - niet met voldoende zekerheid worden vastgesteld dat verdachte destijds dierlijke meststoffen en/of zuiveringsslib, dan wel een mengsel met één van deze stoffen, heeft uitgereden.
Het hof is derhalve van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte het aan hem ten laste gelegde feit heeft begaan. Het hof zal verdachte daarom vrijspreken.
De uitspraak
HET HOF,
RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:
vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:
verklaart het verdachte ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij.
Dit arrest is aldus gewezen door mr. G.M. Meijer-Campfens , voorzitter, mr. O. Anjewierden en mr. W. Foppen, in tegenwoordigheid van H. Pool als griffier.