Home

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 23-09-2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:3801, HD 200.141.521_01

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 23-09-2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:3801, HD 200.141.521_01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
23 september 2014
Datum publicatie
1 oktober 2014
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2014:3801
Zaaknummer
HD 200.141.521_01
Relevante informatie
Burgerlijk Wetboek Boek 7 [Tekst geldig vanaf 12-02-2025 tot 01-07-2025] art. 290

Inhoudsindicatie

Huur van bedrijfsruimte artikel 7:290 BW; verhuurder zegt huur op omdat hij het verhuurde (een restaurant) persoonlijk in duurzaam gebruik wil nemen en hij daartoe het verhuurde dringend nodig heeft; tegemoetkoming in verhuis- en herinrichtingskosten; bedrag dat verhuurder moet betalen indien later mocht blijken dat de wil in werkelijkheid niet aanwezig is geweest; gezag van gewijsde; behoort de vaste keukeninrichting tot het verhuurde?

Uitspraak

Afdeling civiel recht

zaaknummer HD 200.141.521/01

arrest van 23 september 2014

in de zaak van

1 De Molenwiek B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] ,

2. [appellant 2],wonende te [woonplaats] ,

appellanten,

hierna afzonderlijk aan te duiden als De Molenwiek respectievelijk [appellant 2] sr.,

advocaat: mr. A.W. van Dooren-Korenstra te Vught,

tegen

[geïntimeerde] h.o.d.n. Restaurant [Restaurant] ,

wonende te [woonplaats] ,

geïntimeerde,

hierna aan te duiden als huurder,

advocaat: mr. B. Poort te Eindhoven,

op het bij exploot van dagvaarding van 24 januari 2014 ingeleide hoger beroep van het vonnis van kantonrechter van de rechtbank Oost-Brabant van 31 oktober 2013, gewezen tussen De Molenwiek en [appellant 2] sr. als eisers en huurder als gedaagde.

1 Het geding in eerste aanleg (zaaknummer 869923/CV EXPL 13-1)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2 Het geding in hoger beroep

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding in hoger beroep;

- de memorie van grieven, tevens houdende (deels voorwaardelijke) wijziging van eis, met producties;

- de memorie van antwoord, met producties;

- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd;

- de bij formulier H12 van 15 juli 2014 door De Molenwiek en [appellant 2] sr. toegezonden producties, die zij bij het pleidooi bij akte in het geding hebben gebracht.

Partijen hebben arrest gevraagd. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.

Het hof slaat geen acht op de door De Molenwiek en [appellant 2] sr. aan de pleitnotitie gehechte productie. Tegen het overleggen van deze productie is door huurder bezwaar gemaakt. Uit het oogpunt van de eisen van hoor en wederhoor acht het hof het overleggen van de productie bij het pleidooi te laat.

3 De beoordeling

4 De uitspraak