Home

Hoge Raad, 20-12-2013, ECLI:NL:HR:2013:2072, 12/05393

Hoge Raad, 20-12-2013, ECLI:NL:HR:2013:2072, 12/05393

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20 december 2013
Datum publicatie
20 december 2013
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:2072
Formele relaties
Zaaknummer
12/05393

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Samenhang met HR 2 november 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX8122. Vrijheid van meningsuiting. Onrechtmatige publicatie op internet. Onrechtmatige registratie domeinnaam en bevel tot overdracht. Belangenafweging. Art. 10 lid 2 EVRM. Executie dwangsom.

Uitspraak

20 december 2013

Eerste Kamer

nr. 12/05393

RM/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [eiseres 1],wonende te [woonplaats],

2. STICHTING SLACHTOFFERS IATROGENE NALATIGHEID-NEDERLAND,gevestigd te Utrecht,

EISERESSEN tot cassatie,

advocaat: mr. N.C. van Steijn,

t e g e n

[verweerder],wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. R.F. Thunnissen.

Eiseressen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres 1] en de Stichting en verweerder als [verweerder].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 300029 / KG ZA 11-33 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Utrecht van 15 juni 2011;

b. het arrest in de zaak 200.091.157 van het gerechtshof te Arnhem van 18 september 2012.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [eiseres 1] en de Stichting beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor [verweerder] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing