Home

Hoge Raad, 20-01-2017, ECLI:NL:HR:2017:55, 16/02572

Hoge Raad, 20-01-2017, ECLI:NL:HR:2017:55, 16/02572

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20 januari 2017
Datum publicatie
20 januari 2017
ECLI
ECLI:NL:HR:2017:55
Zaaknummer
16/02572

Inhoudsindicatie

HR: 81.1 RO.

Uitspraak

20 januari 2017

Nr. 16/02572

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 29 april 2016, nrs. BK-14/00847 en BK-16/00063 tot en met BK-16/00074, op de hoger beroepen van [X] B.V. te [Z] (hierna: belanghebbende) en het incidenteel hoger beroep van de heffingsambtenaar van de gemeente Rotterdam tegen een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam (nr. ROT 13/774) betreffende de ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikkingen op grond van de Wet waardering onroerende zaken en de aanslagen in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Rotterdam voor het jaar 2012 betreffende dertien onroerende zaken gelegen aan de [a-straat] te [Z].

1 Geding in cassatie

Het College heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.

2 Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing