Home

Hoge Raad, 23-02-2018, ECLI:NL:HR:2018:285, 17/00044

Hoge Raad, 23-02-2018, ECLI:NL:HR:2018:285, 17/00044

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
23 februari 2018
Datum publicatie
23 februari 2018
ECLI
ECLI:NL:HR:2018:285
Formele relaties
Zaaknummer
17/00044

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Opzegging huurovereenkomst bedrijfsruimte door curator van gefailleerde huurder; geldt deze opzegging ook de medehuurder? Hadden de huurders een gezamenlijke en ondeelbare vordering op de verhuurder? Veroordeling tot betaling van zowel achterstallige huurtermijnen als overeengekomen boete wegens vertraging in de betaling? Art. 6:92 lid 1 BW.

Uitspraak

23 februari 2018

Eerste Kamer

17/00044

TT/AR

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser] ,wonende te [woonplaats] ,

EISER tot cassatie,

advocaten: mr. A.H. Vermeulen en mr. A.H.H. Conradi-Vermeulen,

t e g e n

1. [verweerder 1] ,wonende te [woonplaats] , Zwitserland,

2. [verweerster 2] ,wonende te [woonplaats] ,

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder] c.s.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 2634515\CV EXPL 13-13695 van de kantonrechter te Roermond van 26 maart 2014 en 22 april 2015;

b. het arrest in de zaak 200.174.412/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 27 september 2016.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor [verweerder] c.s. toegelicht door hun advocaat en mede door mr. J.M. Moorman.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

Mr. A.H. Vermeulen heeft bij brief van 4 januari 2018 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing