Home

Hoge Raad, 13-07-2021, ECLI:NL:HR:2021:1089, 20/01796

Hoge Raad, 13-07-2021, ECLI:NL:HR:2021:1089, 20/01796

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
13 juli 2021
Datum publicatie
13 juli 2021
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1089
Formele relaties
Zaaknummer
20/01796

Inhoudsindicatie

Poging tot nachtelijke woninginbraak, art. 311.1 Sr. Strafmotivering. Was hof gehouden gemotiveerd te beslissen op straftoemetingsverweer inhoudende verzoek om rekening te houden met persoonlijke omstandigheden van verdachte? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 20/01794.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 20/01796

Datum 13 juli 2021

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 9 juni 2020, nummer 23-000081-19, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft W.H. Jebbink, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 juli 2021.