Parket bij de Hoge Raad, 09-06-2020, ECLI:NL:PHR:2020:574, 18/04961
Parket bij de Hoge Raad, 09-06-2020, ECLI:NL:PHR:2020:574, 18/04961
Gegevens
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 9 juni 2020
- Datum publicatie
- 11 juni 2020
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2020:574
- Formele relaties
- Arrest gerechtshof: ECLI:NL:GHSHE:2017:4975, Strekt tot bevestiging
- Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2020:1368
- Zaaknummer
- 18/04961
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Het ontgraven en ruimen van een oude stortplaats door een asbestsaneringsbedrijf, op zodanige wijze dat een hoeveelheid asbestvezels in de lucht werd gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de openbare gezondheid te duchten is (art. 173b Sr). Is de bewezenverklaring, v.zv. inhoudend dat het aan verdachtes schuld te wijten was dat gevaar voor de openbare gezondheid te duchten was, toereikend gemotiveerd? CAG stelt de systematiek van art. 173b Sr voorop. Het hof heeft het ‘te duchten gevaar’ gevonden in de mogelijke cumulatie in de longen na inademing van losse asbestvezels, i.c. chrysotiel en crocidoliet, waardoor een kritische waarde kan worden overschreden en asbestgerelateerde ziektes kunnen ontstaan. Dat die niet-hechtgebonden asbestvezels zich door luchtcirculatie konden verplaatsen en een gevaar konden opleveren voor de openbare gezondheid is o.b.v. vaststellingen hof niet onbegrijpelijk. V.zv. het middel klaagt over het ontbreken van de wederrechtelijkheid als onderdeel van de ‘culpa’ omdat grenswaarden niet zijn overschreden, kan het evenmin slagen, nu dat niet kan gelden als uitzonderlijke omstandigheid waardoor de wederrechtelijkheid aan de handelingen van de verdachte kunnen komen te ontvallen, op zodanige wijze dat geen aanmerkelijk onvoorzichtig handelen ontstaat. De conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 18/04961
Zitting 9 juni 2020