Rechtbank Amsterdam, 01-02-2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:464, 13/684601-14 (tul bijz vw)
Rechtbank Amsterdam, 01-02-2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:464, 13/684601-14 (tul bijz vw)
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 1 februari 2016
- Datum publicatie
- 12 februari 2016
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2016:464
- Zaaknummer
- 13/684601-14 (tul bijz vw)
Inhoudsindicatie
Vordering TUL (bijzondere voorwaarden). Bijzondere voorwaarden waren dadelijk uitvoerbaar verklaard. Tussen moment indienen vordering door OM en beslissing rechtbank heeft het gerechtshof in hoger beroep arrest gewezen: geen bijzondere voorwaarden meer opgelegd.
Ex-nunc toetsing: OM niet-ontvankelijk in vordering na het arrest van het gerechtshof.
Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Parketnummer: 13/684601-14 (tul bijzondere voorwaarden)
BESLISSING NA VEROORDELING
TOT VOORWAARDELIJKE STRAF
Beslissing op de vordering van de officier van justitie in het arrondissement Amsterdam van 20 oktober 2015, betreffende een vonnis van 3 maart 2015, in de strafzaak tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedatum] 1995,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres [adres] , [te plaats] en aldaar feitelijk verblijvende.
Bij voormeld vonnis is [verdachte] voornoemd veroordeeld tot een jeugddetentie voor de duur van 14 (veertien) maanden, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht, met bevel dat een gedeelte van 8 (acht) maanden van die straf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van de daarbij op twee jaren vastgestelde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, dan wel niet heeft nageleefd de bij dat vonnis gestelde bijzondere voorwaarden, dat veroordeelde zich moet houden aan de aanwijzingen van de reclassering en moet deelnemen aan een CoVa-training. Deze voorwaarden zijn bij voornoemd vonnis dadelijk uitvoerbaar verklaard.
De inhoud van de vordering
De vordering van de officier van justitie strekt er toe dat die niet ten uitvoer gelegde straf alsnog zal worden ten uitvoer gelegd.
De procesgang
De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken in de zaak met bovenvermeld parketnummer, waaronder:
- -
-
voormeld vonnis;
- -
-
een advies van Reclassering Nederland te Amsterdam van 11 september 2015 aan de officier van justitie, waarin wordt geadviseerd om het voorwaardelijke strafdeel ten uitvoer te leggen.
- -
-
een voortgangsverslag van Reclassering Nederland te Amsterdam van 16 oktober 2015.
Op de openbare terechtzitting van 18 november 2015 heeft de rechtbank, gehoord de officier van justitie, veroordeelde en zijn raadsvrouw, mr. M.H. Aalmoes, advocaat te Amsterdam, het onderzoek ter terechtzitting voor onbepaalde tijd geschorst, omdat de behandeling in hoger beroep tegen voormeld vonnis reeds had plaatsgevonden en het gerechtshof op 1 december 2015 arrest zou wijzen.
Het gerechtshof heeft het vonnis van de rechtbank ten aanzien van de strafoplegging vernietigd en aan veroordeelde onder andere opgelegd een jeugddetentie voor de duur van veertien maanden, waarvan acht maanden voorwaardelijk. Aan dit voorwaardelijk strafdeel zijn geen bijzondere voorwaarden verbonden. Tegen voornoemd arrest is door de verdediging cassatie ingesteld.
De rechtbank heeft op de openbare terechtzitting van 1 februari 2016 gehoord de officier van justitie, de veroordeelde en zijn raadsvrouw.