Home

Rechtbank Amsterdam, 26-07-2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:5360, C/13/607494 / HA ZA 16-468

Rechtbank Amsterdam, 26-07-2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:5360, C/13/607494 / HA ZA 16-468

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
26 juli 2017
Datum publicatie
31 juli 2017
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2017:5360
Zaaknummer
C/13/607494 / HA ZA 16-468
Relevante informatie
Burgerlijk Wetboek Boek 6 [Tekst geldig vanaf 04-02-2025 tot 28-06-2025], Burgerlijk Wetboek Boek 6 [Tekst geldig vanaf 04-02-2025 tot 28-06-2025] art. 101, Burgerlijk Wetboek Boek 6 [Tekst geldig vanaf 04-02-2025 tot 28-06-2025] art. 162

Inhoudsindicatie

Onregelmatigheden op bankrekening, bank wist van potentiële risico’s voor derde maar is onvoldoende voortvarend opgetreden bij haar onderzoek naar mogelijke fraude of witwassen. Aldus heeft de bank haar zorgplicht jegens de derde die daardoor schade heeft geleden geschonden. Eigen schuld aan de zijde van de derde leidt tot verminderen vergoedingsplicht van de bank.

Uitspraak

vonnis

Afdeling privaatrecht

zaaknummer / rolnummer: C/13/607494 / HA ZA 16-468

Vonnis van 26 juli 2017

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

FOOT LOCKER EUROPE B.V.,

gevestigd te Vianen,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

FOOT LOCKER NETHERLANDS B.V.,

gevestigd te Vianen,

eiseressen,

advocaat mr. M.C. Franken-Schoemaker te Houten,

tegen

de naamloze vennootschap

ING BANK N.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaat mr. P.F. Hopman te Amsterdam.

Eiseressen worden hierna gezamenlijk in enkelvoud Foot Locker genoemd en afzonderlijk ook Foot Locker Europe en Foot Locker Netherlands. Gedaagde wordt ING genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

het tussenvonnis van 12 oktober 2016 waarbij een comparitie van partijen is bepaald,

-

het proces-verbaal van comparitie van 2 juni 2017 met de daarin genoemde stukken en proceshandelingen,

-

de brieven van partijen van 19 en 21 juni 2017 met opmerkingen op de inhoud van het proces-verbaal.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Op 11 december 2014 heeft de toen 25-jarige [naam] een eenmanszaak, met de naam Ups Consultancy, (hierna Ups) geregistreerd bij de Kamer van Koophandel. In het uittreksel van de Kamer van Koophandel staat bij activiteiten “studiebegeleiding, vorming en onderwijs” en “geven van motivatietrainingen en coaching en begeleiding”.

2.2.

[naam] heeft in dit verband een zakelijke rekening bij ING geopend. In het aanvraagformulier is bij de vraag “Ontvangt u per maand € 1.000 of meer aan inkomen op uw Betaalrekening” het antwoord “nee” aangevinkt.

2.3.

Foot Locker is een internationaal detailhandelsbedrijf. Zij maakt gebruik van de koeriersdiensten van UPS Parcel Services B.V. (hierna UPS).

2.4.

Op 7 januari 2015 is bij Foot Locker een intern “request of change” ontvangen voor het wijzigen van het rekeningnummer van UPS waarop Foot Locker de rekeningen van UPS betaalde.

2.5.

Tussen 15 januari en 26 februari 2015 heeft Foot Locker Europe in wekelijkse betalingen in totaal € 1.837.405,03 en heeft Foot Locker Netherlands in totaal € 89.175,99 overgemaakt naar de rekening van Ups.

De betalingen van Foot Locker Europe vonden als volgt plaat:

15 januari 2015 € 150.996,59

22 januari 2015 € 673.150,13

29 januari 2015 € 162.053,26

5 februari 2015 € 231.195,77

12 februari 2015 € 225.423,35

19 februari 2015 € 200.386,78

26 februari 2015 € 194.199,15

De betalingen van Foot Locker Netherlands vonden als volgt plaats:

15 januari 2015 € 7.842,54

22 januari 2015 € 3.076,00

29 januari 2015 € 1.209,17

5 februari 2015 € 1.269,73

12 februari 2015 € 2.368,57

19 februari 2015 € 3.934,74

26 februari 2015 € 69.475,24

2.6.

Vanaf de rekening van Ups is op 9 januari 2015 een bedrag van € 4.500 contant opgenomen en zijn op 15, 16, 17, 20 en 29 januari en op 2 en 14 februari 2015 contante opnames van € 10.000 gedaan. Daarnaast zijn vanaf de rekening van Ups de volgende overboekingen van in totaal € 1.637.767,50 gedaan naar de bankrekening van GFI SA, die zij aanhield bij ING België:

16 januari 2015

€35.060,--

16 januari 2015

€ 35.060,--

16 januari 2015

€35.060,--

23 januari 2015

€ 37.200,--

23 januari 2015

€37.200,--

23 januari 2015

€ 37.200,--

23 januari 2015

€37.200,--

23 januari 2015

€ 37.200,--

23 januari 2015

€37.200,--

23 januari 2015

€ 18.600,--

26 januari 2015

€ 18.610,--

26 januari 2015

€ 37.220,--

26 januari 2015

€ 37.220,--

26 januari 2015

€ 37.220,--

26 januari 2015

€ 37.220,--

26 januari 2015

€ 37.220,--

26 januari 2015

€ 37.220,--

29 januari 2015

€ 36.420,--

29 januari 2015

€ 36.420,--

29 januari 2015

€ 36.420,--

29 januari 2015

€ 36.420,--

29 januari 2015

€ 18.260,--

06 februari 2015

€ 35.800,--

06 februari 2015

€ 35.800,--

06 februari 2015

€ 35.800,--

06 februari 2015

€ 35.800,--

06 februari 2015

€ 35.800,--

06 februari 2015

€ 35.800,--

06 februari 2015

€ 17.955,--

12 februari 2015

€ 35.000,--

12 februari 2015

€ 35.000,--

12 februari 2015

€ 35.000,--

12 februari 2015

€ 35.000,--

12 februari 2015

€ 35.000,--

12 februari 2015

€ 35.000,--

19 februari 2015

€ 34.630,--

19 februari 2015

€ 34.630,--

19 februari 2015

€ 34.630,--

19 februari 2015

€ 34.630,--

19 februari 2015

€ 25.972,50

26 februari 2015

€ 34.720,--

26 februari 2015

€ 34.720,--

26 februari 2015

€ 34.720,--

26 februari 2015

€ 34.720,--

26 februari 2015

€ 34.720,--

26 februari 2015

€ 34.720,--

Op 27 januari 2015 is vanaf de rekening van Ups in vier deelbetalingen € 172.396,20 overgeboekt naar Exchange AG Deutschland.

2.7.

Op 25 en 28 januari en 3 februari 2015 is bij ING ten aanzien van transacties op de rekening van Ups een “alert” gegeven. Op 4 februari 2015 heeft ING naar aanleiding daarvan een onderzoek geopend.

2.8.

Op 5 februari 2015 heeft ING een melding van verdachte transacties gedaan bij de FIU, de Financial Intelligence Unit van de politie waar meldingen over mogelijk witwassen worden gedaan. De registratie van de melding bij de FIU luidt, voor zover hier van belang:

“Registratie (...) FIU (...)

(...)

Betreft een eenmanszaak h.o.d.n. Ups Consultancy, sinds december 2014 geregistreerd in de KvK met als activiteiten: geven van motivatietrainingen en coaching/begeleiding. De eigenaar, dhr. [naam] , geboortedatum: [datum] heeft in oktober 2014 een ING rekening geopend. Via kantoor wordt er melding gemaakt van contante opnamen.

Vanaf 9 januari 2014 ( de rechtbank leest “2015”) worden diverse bedragen opgenomen, tot nu toe in totaal: E 54.500,-. Geld is afkomstig van Footlocker. In januari in totaal: E 998.327,- van ontvangen. Hiervan wordt ook E 752.850,- overgeboekt naar Belgische rekening t.n.v. GFI SA. Dit betreft een holding met een scala van bedrijven, o.a. actief in de mijnbouw, openbare werken en civiele techniek. Besloten door te melden., transacties passen niet in klantbeeld van een coaching bureau, in januari grote omzet, terwijl rekening pas in december wordt gebruikt. (...)”

2.9.

Bij brief van 5 februari 2015 heeft ING aan [naam] meegedeeld dat zij vragen heeft over transacties in de periode van 9 februari tot en met 2 februari 2015 op zijn rekening en dat zij graag vóór 19 februari 2015 het bijgevoegde antwoordformulier ingevuld retour ontvangt.

2.10.

Bij brief van 11 februari 2015 heeft [naam] geantwoord dat hij het verzoek van ING vanwege verblijf in het buitenland verlaat heeft gezien en dat zijn antwoord uiterlijk op 28 februari 2015 bij ING zal arriveren. In de brief verklaart [naam] onder meer dat hij agent is van Foot Locker in Europa en dat hij daarom commissie ontvangt.

2.11.

Bij brief van 2 maart 2015 heeft ING [naam] nogmaals verzocht om de gevraagde informatie.

2.12.

Naar aanleiding van een fraudemelding van Foot Locker heeft ING de rekening van Ups op 3 maart 2015 geblokkeerd.

2.13.

Op 23 maart 2015 heeft Foot Locker aangifte gedaan tegen [naam] ter zake van onder meer oplichting, verduistering en witwassen.

2.14.

Bij brief van 12 november 2015 heeft de raadsman van Foot Locker ING aansprakelijk gesteld voor de door haar geleden schade.

2.15.

Bij vonnis van deze rechtbank van 21 april 2016 is [naam] vanwege schuldwitwassen veroordeeld tot onder meer betaling van ruim € 1,8 miljoen aan Foot Locker als benadeelde partij.

3 Het geschil

3.1.

Foot Locker vordert, kort weergegeven, dat ING bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad wordt veroordeeld tot betaling van primair € 1.695.568,57 en subsidiair € 863.332,76 aan Foot Locker Europe en primair € 81.333,45 en subsidiair € 77.048,28 aan Foot Locker Netherlands, vermeerderd met een bedrag dat op GFI verhaald zou zijn als ING de rekeningen van GFI had geblokkeerd en vermeerderd met rente en kosten.

3.2.

Foot Locker grondt haar vordering op de op ING rustende bancaire zorgplicht en heeft in dit verband een beroep gedaan op het Safe Haven arrest (HR 23 december 2005, NJ 2006, 286). Zij verwijt ING dat zij niet heeft ingegrepen. Dit had zij op 25 januari 2015 moeten doen, toen de eerste alert werd afgegeven en duidelijk werd dat sprake was van ongebruikelijke transacties, maar uiterlijk op 4 dan wel 5 februari 2015 toen een MOT-melding bij de FIU werd gedaan. Zij stelt dat ING aldus de Wwft heeft geschonden en zich schuldig heeft gemaakt aan schuldwitwassen ex artikel 420 quater van het Wetboek van Strafrecht (Sr). De normen die ING heeft geschonden strekken mede ter bescherming van de benadeelde, in dit geval Foot Locker. Daarnaast heeft Foot Locker gewezen op de in artikel 37 lid 2 van ING’s algemene voorwaarden opgenomen mogelijkheid om op vermoeden van onregelmatigheden opdrachten te weigeren. De schade van het niet ingrijpen van ING bedraagt € 1.776.902,02.

3.3.

ING voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing