Home

Rechtbank Amsterdam, 15-11-2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:8236, C/13/614686 / FA RK 16-6051

Rechtbank Amsterdam, 15-11-2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:8236, C/13/614686 / FA RK 16-6051

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
15 november 2017
Datum publicatie
17 november 2017
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2017:8236
Zaaknummer
C/13/614686 / FA RK 16-6051

Inhoudsindicatie

onderwerp: verknochtheid bij gouden sieraden verkregen voor het huwelijk en verknochtheid van DUO-schuld

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer / rekestnummer:

C/13/614686 / FA RK 16-6051 es (HHO TM)

C/13/628241 / FA RK 17/2830 veve

Beschikking van 15 november 2017 betreffende de echtscheiding en nevenvoorzieningen

in de zaak van:

[verzoekster] ,

wonende te [plaats] ,

verzoekende tevens verwerende partij,

hierna mede te noemen de vrouw,

advocaat mr. N.D. 't Zand te Amsterdam,

tegen

[verweerder] ,

ingeschreven te [plaats] , feitelijk verblijvende in de penitentiaire inrichting [plaats] ,

verwerende tevens verzoekende partij,

hierna mede te noemen de man,

advocaat mr. G. Öntas te Amsterdam.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de ingekomen stukken, waaronder het op 15 augustus 2016 ingediende verzoekschrift.

1.2.

De zaak is behandeld ter terechtzitting met gesloten deuren van 3 oktober 2017.

Gehoord zijn de vrouw en haar advocaat en de man en zijn advocaat.

1.3.

De beschikking is bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

Partijen zijn met elkaar gehuwd te [plaats] op [datum] .

2.2.

Partijen hebben de Nederlandse en Turkse nationaliteit.

2.3.

Bij notariële akte van 7 september 2017 is het aandeel van de vrouw in de voormalige echtelijke woning aan de man geleverd, welke akte op 7 september 2017 in de daartoe bestemde openbare registers is ingeschreven.

De man heeft de op de woning rustende hypothecaire schuld geheel op zich genomen en de vrouw is ontslagen uit de hoofdelijke aansprakelijkheid.

2.4.

De vrouw heeft uit hoofde van onderbedeling door deze verdeling van de voormalige echtelijke woning een vordering van € 48.212,= op de man gekregen, welk bedrag aan haar is uitgekeerd na levering van de woning aan de man.

3 Het verzoek en het verweer

3.1.

De vrouw verzoekt de echtscheiding tussen partijen uit te spreken. Zij stelt dat het huwelijk duurzaam is ontwricht.

3.2.

De vrouw verzoekt bij nevenvoorziening:

-

te bepalen dat zij bevoegd is tot het gebruik van de echtelijke woning bij uitsluiting van de andere echtgenoot gedurende een periode van maximaal zes maanden;

-

de verdeling van de tussen partijen bestaande huwelijksgoederengemeenschap aldus te bepalen:

3.2.1.

dat aan de partijen elk wordt toebedeeld de helft van de overwaarde of onderwaarde van de woning;

3.2.2.

dat de man aan de vrouw betaalt of te wel met haar verrekent zijn deel van de vaste eigenaarslasten die door de vrouw zullen worden betaald tot dat de woning is verkocht evenals alle kosten die de vrouw heeft moeten maken om de woning te verkopen;

3.2.3.

dat partijen elk recht hebben op de helft van de sieraden;

3.2.4.

dat de man krijgt toegescheiden zijn deel van de inboedel die hij heeft aangeschaft te weten het bed, grote tv, bankstel, laptop, PlayStation en zijn kledingkast en dat de vrouw wenst toebedeeld te krijgen de meubels in de computerkamer, klerenkast, de kleine tv en de keukenspullen;

3.2.5.

dat zijn studieschuld aan de man wordt toegewezen evenals de overige schulden indien deze bestaan;

3.2.6.

dat partijen over en weer geen aanspraak maken op het tijdens het huwelijk opgebouwde pensioen;

3.2.7.

dat de rechtbank tevens bepaalt dat indien de man weigerachtig is zijn medewerking te verlenen aan de verkoop van de woning de vrouw vervangende toestemming krijgt voor:

- het in de verkoop zetten van eerder genoemde woning waarbij een door u te benoemen makelaar zal optreden als verkopend makelaar van partijen;

- de verkoop en levering van de woning waarbij het vonnis in de plaats treedt voor de toestemming van de man.

3.3.

De man betwist de duurzame ontwrichting niet. Hij stemt in met toewijzing van de verzoeken onder nummer 3.2.3 en 3.2.5. Hij verweert zich tegen de overige verzoeken.

Hij verzoekt bij wijze van zelfstandig verzoek de verdeling conform een door hem gedaan voorstel wordt bepaald en verzoekt de vrouw te gelasten haar pensioengegevens in het geding te brengen.

4 De beoordeling

5 De beslissing