Rechtbank Amsterdam, 22-05-2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:2678, C/13/681442 / KG ZA 20-272
Rechtbank Amsterdam, 22-05-2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:2678, C/13/681442 / KG ZA 20-272
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 22 mei 2020
- Datum publicatie
- 19 juni 2020
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2020:2678
- Zaaknummer
- C/13/681442 / KG ZA 20-272
Inhoudsindicatie
Kort geding, aanbestedingsrecht. Vraag of kerncompetentie duidelijk is omschreven in de aanbestedingsstukken, of eiseres bij de inschrijving heeft aangetoond over die kerncompetentie te beschikken en of de gemeente eiseres terecht heeft uitgesloten.
Uitspraak
vonnis
Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel
zaaknummer / rolnummer: C/13/681442 / KG ZA 20-272 CdK/LO
Vonnis in kort geding van 22 mei 2020
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
REIMERT BOUW- EN INFRASTRUCTUUR B.V.,
gevestigd te Almere,
eiseres bij dagvaarding van 24 maart 2020,
advocaat mr. L.C. van den Berg te 's-Gravenhage,
tegen
de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE AMSTERDAM,
zetelend te Amsterdam,
gedaagde,
advocaat mr. E. van der Hoeven te Amsterdam.
Partijen zullen hierna Reimert en de Gemeente worden genoemd.
1 De procedure
Vanwege de bijzondere omstandigheden door de coronacrisis is overeenkomstig de Tijdelijke afwijkende regeling voor kort gedingen rechtbanken handel/familie een mondelinge behandeling bepaald op 7 mei 2020 via Skype for Business. Op de mondelinge behandeling heeft Reimert de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. De Gemeente heeft verweer gevoerd aan de hand van een op voorhand in het geding gebrachte conclusie van antwoord. Beide partijen hebben producties en een pleitnotitie in het geding gebracht. Reimert en de Gemeente hebben hun standpunten tijdens de mondelinge behandeling nader toegelicht.
Bij de mondelinge behandeling via Skype for Business waren aanwezig:
aan de zijde van Reimert: [naam 1] en [naam 2] , [functie] met mr. Van den Berg; en
aan de zijde van de Gemeente: [naam 3] , [functie] voor het project De Nieuwe Zijde, en [naam 4] , [functie] , in dienst bij GVB Infra met mr. Van der Hoeven.
2 De feiten
De Gemeente heeft een aanbesteding uitgeschreven voor het project ‘De Nieuwe Zijde’ in Amsterdam. Het project betreft werkzaamheden die in opdracht van de Gemeente, Stichting Waternet, Liander N.V. en GVB Infra B.V. worden uitgevoerd, en omvat kort gezegd herinrichting van de weg, inclusief de daar aanwezige trambaan, van de Nieuwezijds Voorburgwal en Singel, tussen de Martelaarsgracht en de Paleisstraat (De Nieuwe Zijde Noord) en tussen de Paleisstraat tot aan het begin van de Leidsestraat (De Nieuwe Zijde Zuid).
De aanbesteding betreft een niet-openbare procedure volgens de Aanbestedingswet 2012, waarop ook het ARW 2016 van toepassing is verklaard.
Onderdeel van de aanbestedingsstukken is de Selectieleidraad van 5 december 2019. Daarin staat onder meer het volgende.

(...)

(...)

(...)
artikel 6.2.

(...)
In de Nota van Inlichtingen die deel uitmaakt van de aanbestedingsstukken staat onder meer het volgende.

Reimert heeft ingeschreven op de aanbesteding. Zij heeft als referentie voor kerncompetentie D opgegeven een werk aan het Stadionplein in Amsterdam. Nadat de Gemeente haar had gevraagd aan te tonen dat bij dat project sprake was van werk aan én in de trambaan, heeft Reimert een zogenoemd BLVC-plan, een inschrijfstaat en tekeningen van dat project aangeleverd.
In het bestek van het werk aan het Stadionplein, dat niet door Reimert bij de Gemeente is aangeleverd bij de inschrijving, staat onder meer het volgende.
(...)
Opbreken niet teerhoudend asfalt (...)
Situering: rijweg
(...)
Opbreken asbesthoudende fundering (...)
Situering: rijweg
(...)
Opbreken fundering ...
Situering: rijweg (...)
Verwijderen funderingslaag (...)
Situering: rijweg
(...)
Kleeflaag (...)
Aanbrengen kunststof oppervlaktebehandeling (beton) (...)
Situering: fietspad/rijweg tpv trambaan
Ondergrond: betonverharding
(...)
Aanbrengen van kantvoorzieningen bij contactvlakken van asfalt tegen verticale vlakken. (...)
Situering: contactvlak asfalt tegen zijkant trambaan
(...)
Bij brief van 28 februari 2020 heeft de Gemeente de inschrijving van Reimert afgewezen. In die brief staat onder meer het volgende.
“(...) Het door u opgegeven referentiewerk Strawinskylaan, bedoeld als bewijsmiddel op de kerncompetentie “Werken aan én in de trambaan” voldoet niet aan de geformuleerde geschiktheidseis. Bij deze werkzaamheden, waarvan de gemeente Amsterdam als opdrachtgever heeft geopereerd, ontbreken de feitelijke werkzaamheden ‘in’ de trambaan (...)”
Reimert heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzingsbeslissing, omdat de Gemeente de beslissing heeft gebaseerd op de beoordeling van het verkeerde referentiewerk en omdat zij wel voldoet aan de geschiktheidseisen.
Bij brief van 3 maart 2020 heeft de Gemeente op het bezwaar van Reimert gereageerd als volgt:
“(...) Wij hebben per abuis in de brief van 28 februari 2020 gerefereerd aan het referentiewerk van een andere partij. Wij bieden hiervoor onze oprechte excuses aan. De beslissing om u niet uit te nodigen in de verdere aanbesteding betreft de onderstaande onderbouwing met verwijzing naar het door u opgegeven referentiewerk.
‘Het door u opgegeven referentiewerk ‘Herinrichting Stadionplein’ , bedoeld als bewijsmiddel op de kerncompetentie “Werken aan én in de trambaan” voldoet niet aan de geformuleerde geschiktheidseis. Bij deze werkzaamheden, waarvan de gemeente Amsterdam als opdrachtgever heeft geopereerd, ontbreken de feitelijke werkzaamheden ‘in’ de trambaan.’ (...)”
Reimert heeft opnieuw bezwaar gemaakt tegen de afwijzing. Kort gezegd stelt Reimert dat in de eerste plaats van te voren niet duidelijk was wat werken ‘aan en in de trambaan’ betekent. Ten tweede spreekt de Gemeente in de laatste zin van genoemde eis in de selectieleidraad over werken ‘in de veiligheidszone’ van de tram en daaraan voldoet haar referentie ruimschoots. Er was geen aanleiding om hier vragen over te stellen, omdat Reimert er niet aan twijfelde dat de genoemde referentie aan de eis voldoet.
De Gemeente heeft bij brief van 11 maart 2020 gereageerd op het bezwaar van Reimert (2.10). In die brief staat onder meer het volgende.
(...) De gemeente houdt vast aan haar opstelling u niet uit te nodigen in de verdere aanbesteding voor dit project (...)
De geschiktheidseis vraagt een referentiewerk waarbij aan en ín de trambaan is gewerkt. In het door u opgegeven referentiewerk ‘Herinrichting Stadionplein’ zijn de werkzaamheden ín de trambaan door KWS Infra B.V. uitgevoerd. U voldoet hierdoor niet aan de eis. (...)
Reimert is onder voorbehoud van de uitkomst van deze procedure toegelaten tot de gunningsfase om vertraging van het aanbestedingstraject te voorkomen.
3 Het geschil
Reimert vordert – samengevat – bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
Primair:
A. Reimert alsnog toe te laten tot de aanbestedingsprocedure en het de Gemeente te verbieden de aanbesteding voort te zetten voordat Reimert weer is toegelaten;
Subsidiair:
De aanmelding van Reimert opnieuw te beoordelen door andere beoordelaars dan diegenen die de eerdere beoordeling hebben gedaan en de Gemeente te verbieden de aanbesteding voort te zetten totdat die beoordeling zal hebben plaatsgevonden en totdat – indien Reimert nog altijd niet zou worden toegelaten – een nadere termijn is gesteld waarbinnen Reimert de hernieuwde beoordeling zo nodig aan de rechter kan voorleggen;
Primair en subsidiair:
een en ander op straffe van een dwangsom;
met veroordeling van de Gemeente in de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.
De Gemeente voert verweer.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.