Home

Rechtbank Amsterdam, 06-10-2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:4896, C/13/686370 / KG ZA 20-587

Rechtbank Amsterdam, 06-10-2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:4896, C/13/686370 / KG ZA 20-587

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
6 oktober 2020
Datum publicatie
22 oktober 2020
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2020:4896
Zaaknummer
C/13/686370 / KG ZA 20-587

Inhoudsindicatie

Kort geding, aanbestedingsrecht, kwalitatieve gunningscriteria, motivering. Vordering herbeoordeling toegewezen. Motivering gebrekkig; uiterst summier, bevat onjuistheden en geen kenmerken en relatieve voordelen van winnende inschrijving genoemd.

Uitspraak

vonnis

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/686370 / KG ZA 20-587 MDVH/LO

Vonnis in kort geding van 6 oktober 2020

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ICS GROEP B.V.,

gevestigd te Eindhoven,

eiseres bij dagvaarding van 2 juli 2020,

advocaat mr. B. Nijhof te Eindhoven,

tegen

de stichting

STICHTING ORION,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaat mr. S.C. Brackmann te Rotterdam.

Partijen zullen hierna ICS en Orion worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Tijdens de mondelinge behandeling van 11 september 2020 heeft ICS de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. Orion heeft verweer gevoerd. ICS heeft producties ingediend en Orion een akte feitenschets. Beide partijen hebben het woord gevoerd aan de hand van door hen overgelegde pleitnota’s.

Ter zitting waren aanwezig:

aan de kant van ICS: [betrokkene eiseres] , [functie] , en [betrokkene eiseres sub 2] , [functie] , met mr. Nijhof en mr. N.M. Strous;

aan de kant van Orion: [betrokkene gedaagde] , [functie] , [betrokkene gedaagde sub 2] , [functie] , en [betrokkene gedaagde sub 3] van Yellow Way Consultancy, het begeleidende adviesbureau, met mr. Brackmann.

1.2.

Vervolgens is de behandeling van de zaak aangehouden teneinde partijen in de gelegenheid te stellen een minnelijke oplossing te bereiken. Bij e-mail van 22 september 2020 heeft mr. Nijhof laten weten dat het overleg tussen partijen niet tot overeenstemming heeft geleid en heeft hij namens ICS verzocht vonnis te wijzen. Vonnis is bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

ICS is een bedrijf dat schoonmaakdiensten verleent.

2.2.

Orion is een stichting voor openbaar speciaal primair en voortgezet onderwijs in de regio Amsterdam en biedt onderwijs aan kinderen met ernstige verstandelijke en/of lichamelijke beperkingen.

2.3.

Op 1 april 2020 heeft Orion een aanbesteding uitgeschreven voor de schoonmaak van acht van haar locaties. ICS verzorgt die schoonmaak momenteel.

2.4.

Orion heeft de aanbestedingsprocedure aangekondigd op Tenderned. Het betreft een openbare procedure waarbij Orion als gunningcriterium de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitverhouding hanteert. De wegingsfactor is 30% voor prijs en 70% voor kwaliteit.

2.5.

De gunningssystematiek die Orion hanteert is dat de inschrijver met de laagste prijs het maximale aantal van 100 punten krijgt (wat vermenigvuldigd met de wegingsfactor leidt tot een gewogen puntenaantal van 30 in de totaalscore). De prijzen van de andere inschrijvers worden gerelateerd aan de laagste prijs.

2.6.

Het gunningscriterium kwaliteit is onderverdeeld in vijf subgunningscriteria: aanbodscope, risicodossier, kansendossier, casus en interview, aan welke criteria de volgende weging is toegekend:

2.7.

Bij het subgunningscriterium ‘aanbodscope’ wordt de volgende toelichting gegeven:

2.8.

Voor ieder subgunningscriterium kan de inschrijver 0, 25, 50, 75 of 100 punten behalen. Die score wordt vervolgens gekoppeld aan de wegingsfactor die voor het desbetreffende gunningscriterium geldt.

2.9.

ICS heeft tijdig ingeschreven.

2.10.

Op 12 juni 2020 heeft Orion de voorlopige gunningsbeslissing aan ICS gestuurd. Daarin ten aanzien van de beoordeling het volgende vermeld:

2.11.

ICS heeft bezwaar gemaakt tegen de voorlopige gunningsbeslissing. Door Orion is in eerste instantie een evaluatiegesprek gepland op 22 juni 2020, maar dit gesprek is later verplaatst naar 10 september 2020, omdat er meer inschrijvers waren die een evaluatiegesprek wilden plannen en Orion die gesprekken tegelijk wilde laten plaatsvinden.

2.12.

Bij brief van 25 juni 2020 heeft ICS schriftelijk haar bezwaren aan Orion kenbaar gemaakt. ICS concludeert in haar brief dat de gegeven onderbouwing volstrekt ontoereikend en op sommige punten zelfs evident onjuist is, zodat de onderbouwing de beslissing van Orion niet kan dragen, en dat de mededeling van de gunningsbeslissing niet voldoet aan de eisen die in de Aw zijn voorgeschreven. ICS verzoekt Orion dan ook om tot een herbeoordeling van de ontvangen inschrijvingen, althans van die van ICS, over te gaan.

2.13.

In een brief van 29 juni 2020 heeft Orion aan ICS laten weten niet tot herbeoordeling te zullen overgaan. In de brief staat, voor zover van belang, het volgende:

“(...)

Aanbodscope

(...)

In de gunningsbrief van 19 juni 2020 is bij de aanbodscope aangegeven dat schoonmaakpersoneel bij niet goed uitvoeren direct van de taak wordt gehaald. U geeft aan dat dit argument van het beoordelingsteam niet in uw aanbesteding wordt genoemd en daarom nergens op gebaseerd is. Hierin heeft u gelijk. Dit argument is per abuis opgenomen in de gunningsbrief van 12 juni 2020 en heeft geen betrekking op uw inschrijving.

(...)

Risicodossier

(...)

Bij risico 3, “Klachten door onwetendheid over wat resultaatgerichte schoonmaak inhoudt”, wordt aangegeven dat het resultaatgericht schoonmaken tot oneigenlijke klachten kan leiden. Binnen resultaatgerichte schoonmaak wordt de Opdrachtnemer niet afgerekend op het wel of niet uitvoeren van bepaalde taken, maar op het resultaat hiervan. Als aan het gewenste resultaat wordt voldaan, verwacht het beoordelingsteam überhaupt geen klachten. Het doel van de schoonmaak is immers het resultaat, en niet het afvinken van een bepaalde taak.

(...)

Kansendossier

Op het kansendossier heeft uw inschrijving 50 punten gescoord. U geeft aan dat dit een maximale score van 100 punten dient te zijn, gezien er enkel een positief element wordt genoemd door het beoordelingsteam. Wij wijzen u erop dat nergens binnen de aanbestedingsprocedure is beschreven dat een bepaald aantal punten direct correspondeert met de hoeveelheid negatieve of positieve elementen die het beoordelingsteam signaleert. Het beoordelingsteam erkent in uw kansendossier weliswaar een positief element, maar acht dit element niet toepasbaar genoeg om hier een hogere score aan te verbinden.

(...)”.

3 Het geschil

3.1.

ICS vordert – samengevat – bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

primair:

I. Orion te gebieden om het gunningsvoornemen aan CSU in te trekken;

II. Orion te gebieden om een nieuwe beoordeling van de inschrijving van ICS te verrichten voor wat betreft de gunningscriteria die verband houden met kwaliteit, een en ander met inachtneming van het in dit vonnis bepaalde;

subsidiair:

III. Orion te gebieden om het gunningsvoornemen aan CSU in te trekken;

IV. Orion te verbieden om de opdracht op basis van deze aanbestedingsprocedure aan CSU te gunnen;

V. Orion te gebieden om de aanbestedingsprocedure te staken en gestaakt te houden;

VI. Orion te gebieden om de opdracht, voor zover zij die nog wenst te gunnen, opnieuw aan te besteden;

zowel primair als subsidiair:

VII. alles op straffe van een dwangsom;

VIII. met veroordeling van Orion in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.2.

ICS heeft ter toelichting van haar vorderingen – samengevat en voor zover van belang – het volgende gesteld. De motivering van de voorlopige gunningsbeslissing voldoet niet aan de wettelijke vereisten, is op meerdere punten aantoonbaar onjuist en voor één subgunningscriterium ontbreekt de motivering in het geheel. ICS is ervan overtuigd dat de beoordeling van haar inschrijving onjuist is geweest en dat om die reden de motivering niet steekhoudend is. In het bijzonder, zo is tijdens de mondelinge behandeling gebleken, is het ICS niet duidelijk waarom zij op kwaliteit zoveel slechter dan CSU heeft gescoord dat zij, terwijl zij de beste score voor prijs had (28,76) waar CSU op prijs in het geheel geen punten scoorde, toch lager is geëindigd dan CSU. Orion moet daarom overgaan tot herbeoordeling van haar inschrijving.

3.3.

Orion voert verweer.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing