Rechtbank Amsterdam, 09-06-2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:3141, C/13/717154 / KG ZA 22-388
Rechtbank Amsterdam, 09-06-2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:3141, C/13/717154 / KG ZA 22-388
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 9 juni 2022
- Datum publicatie
- 9 juni 2022
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2022:3141
- Zaaknummer
- C/13/717154 / KG ZA 22-388
Inhoudsindicatie
Een Russische vennootschap, deel van de Nederlandse Boskalis-groep, werkte aan een LNG-project in Rusland en heeft na de Russische inval in Oekraine het werk gestaakt. EU-sancties (Verordening (EU) nr. 833/2014) van toepassing? De opdrachtgever vindt van niet en verzoekt bank om uitbetaling bankgaranties. Boskalis wil dat tegenhouden in kort geding. Verbod op trekken en uitbetalen bankgaranties toegewezen.
Uitspraak
vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel
zaaknummer / rolnummer: C/13/717154 / KG ZA 22-388 EAM/MAH
Vonnis in kort geding van 9 juni 2022
in de zaak van
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BOSKALIS WESTMINSTER DREDGING B.V.,
gevestigd te Papendrecht,
2. de rechtspersoon (limited liability company) naar Russisch recht
BOSKALIS LLC,
gevestigd te Sint Petersburg, Rusland,
eiseressen bij dagvaarding op verkorte termijn van 9 mei 2022
advocaten mr. A.R.J. Croiset van Uchelen en mr. S.J. van Calker te Amsterdam, tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
SAREN B.V.,
gevestigd te Amsterdam, gedaagde,
advocaten mr. E.C. Netten en mr. F.A. van de Wakker te Amsterdam, en
2. de rechtspersoon naar Frans recht
CRÉDIT AGRICOLE CORPORATE & INVESTMENT BANK S.A., via haar
bijkantoor
CRÉDIT AGRICOLE CORPORATE & INVESTMENT BANK, Belgium
Branch,
gevestigd te Parijs, Frankrijk, mede kantoorhoudende te Brussel, België, gedaagde,
advocaten mr. A.J. Haasjes en mr. A.C. Rozeman te Amsterdam
Partijen zullen hierna ook Boskalis c.s., Saren en CACIB worden genoemd. Eiseressen 1 en 2 zullen afzonderlijk BWD en Boskalis LLC worden genoemd.
1 De procedure
Bij de zitting op 19 mei 2022 waren aanwezig:
- aan de kant van Boskalis c.s.: [naam 1] en [naam 2] , met mr. Croiset van Uchelen, mr. Van Calker, mr. J.W. Krabbendam en mr J. J. Strijder,
- aan de kant van Saren: [naam 3] (contract manager), [naam 4] (dep. contract manager) en [naam 5] (barrister) (alledrie via videoverbinding), [naam 6] (directeur), allen bijgestaan door een tolk Engels, en [naam 7] , met mr. Netten en mr. Van de Wakker,
- aan de kant van CACIB: mr. Haasjes en mr. Rozeman.
Op de zitting heeft Boskalis c.s. de dagvaarding toegelicht. Saren heeft verweer gevoerd, mede aan de hand van een tevoren ingediende conclusie van antwoord. CACIB heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de voorzieningenrechter. Alle partijen hebben een pleitnota in het geding gebracht en Boskalis c.s. en Saren ook producties.
Aan het slot van de zitting heeft de voorzieningenrechter vonnis bepaald op 9 juni 2022 en bij wijze van – direct ingaande – ordemaatregel:
- aan CACIB verboden om enige uitbetaling te doen onder enig verzoek tot uitbetaling onder de bankgaranties, bedoeld in punt 3.9 van de dagvaarding, totdat vonnis is gewezen in dit kort geding, en
- de termijn van vijf werkdagen waarbinnen CACIB dient te beslissen op het op 18 mei 2022 door Saren gedane verzoek tot uitbetaling geschorst met ingang van 19 mei 2022 totdat vonnis is gewezen in dit kort geding.
2 De feiten
BWD is een Nederlandse vennootschap, dochter van de topholding (Koninklijke Boskalis Westminster N.V.) van de Boskalis-groep. De groep is een grote internationale dienstverlener op het gebied van baggeren, maritieme infrastructuur en maritieme diensten. De groep is wereldwijd actief met ruim 600 schepen en vaartuigen en meer dan l0.000 medewerkers, inclusief deelnemingen. Boskalis LLC is een vennootschap naar Russisch recht binnen de groep. Haar aandelen worden (indirect) voor 100% gehouden door BWD.
Saren is een Nederlandse vennootschap, opgericht in 2018 door Servizi Energia Italia S.p.A., een indirecte dochtermaatschappij van Saipem S.p.A. (Saipem) en RHI Russia B.V., een indirecte dochtermaatschappij van Rönesans Holding A.S. (Renaissance). Saipem is een vennootschap naar Italiaans recht en Renaissance is een Turkse projectontwikkelaar met een grote aanwezigheid in de Russische Federatie (hierna: Rusland) en andere voormalige Sovjetstaten. Saren is een joint venture, opgericht als special purpose vehicle om de functie van aannemer te vervullen voor het na te noemen Arctic LNG 2 Project. Zij opereert via haar geregistreerde branch in Moermansk, Rusland.
De Russische vennootschap LLC Arctic LNG 2 (Arctic) is opdrachtgever van (onder meer) Saren in het Arctic LNG 2 Project (het Project), dat de bouw behelst van een LNG (liquid natural gas) terminal ten zuidoosten van Nova Zembla op het Russische schiereiland Gydan. In de terminal wordt gas uit het Utrenneye- gasveld omgezet in LNG en stabiel gascondensaat en overgeslagen op transportijsbrekers. Als onderdeel van het Project worden drie gravity-based structures (GBS'en) gebouwd waar de transportijsbrekers kunnen aanleggen. Hierop worden zogeheten 'LNG-treinen' geplaatst waarin het gewonnen aardgas kan worden omgezet in LNG, wat daar (tijdelijk) kan worden opgeslagen en vervolgens naar de schepen overgeslagen. Met de transportijsbrekers kan het gas dat op Gydan wordt geproduceerd vrijwel het gehele jaar worden vervoerd in westelijke richting naar Moermansk of in oostelijke richting naar oost-Rusland en Japan.
De GBS'en met daarbovenop de LNG-treinen worden in Moermansk gebouwd en enkele honderden kilometers naar Gydan gesleept om daar op hun definitieve plaats te worden gelegd. Vanwege het arctische klimaat op Gydan zijn er jaarlijks slechts circa acht weken waarin de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd. De drie GBS'en en LNG-treinen zouden daarom één voor één worden geplaatst in de zomers van respectievelijk 2022, 2023 en 2025.
Arctic is een joint venture tussen Novatek (Rusland, 60%), TotalEnergies (Frankrijk, 10%), CNPC (China, 10%), CNOOC (China, 10%) en een consortium bestaande uit Mitsui en Jogmec (Japan, 10%).
Arctic heeft een aanneemovereenkomst gesloten met Saren, die op haar beurt twee onderaanneemovereenkomsten (de Work Contracts) met Boskalis LLC heeft gesloten:
(1) het LNG Train Underbase Foundation, Scour Protection and Backfilling Work Contract van 25 februari 2021 (het Bedding Contract); en
(2) de Bundwall Removal DDG1 and DDG2 Work Contract van 29 december 2021 (het Bundwall Contract).
Op de Work Contracts zijn de algemene voorwaarden van Saren van toepassing met de daarin door Boskalis LLC bedongen aanpassingen (de Work Contract GTC, hierna ook: WCG).
De werkzaamheden van Boskalis LLC binnen het Project zien onder meer op het uitbaggeren van de zeebodem en deze voorzien van een deklaag van stenen die als fundering zullen dienen voor de GBS'en.
Artikel 33 WCG bevat een specifieke regeling voor het geval sancties van toepassing worden op de werkzaamheden onder de Work Contracts. Indien een partij vindt dat door sancties de werkzaamheden onder de Work Contracts illegaal zijn geworden, dient die partij op grond van art. 33.5 de andere partij onmiddellijk te informeren. Artikel 33.5 en – het aangepaste – artikel 33.6 voorzien verder in een regeling op grond waarvan partijen in overleg dienen te treden over aanpassing van de Work Contracts om de werkzaamheden van Boskalis LLC alsnog mogelijk te maken, en zo nodig een vergunning (authorization) aan te vragen om de werkzaamheden toe te staan.
Artikel 33.7 WCG luidt:
"If SUB-CONTRACTOR suffers any delay in the performance of the WORK due to the introduction of SANCTIONS after the EFFECTIVE DATE, SUB-CONTRACTOR shall only be entitled to an extension of time. No compensation or cost relief shall be claimable by SUB-CONTRACTOR in connection with sanctions for any reason whatsoever.”
In – het aangepaste - artikel 33.8 WCG is bepaald dat beide partijen de bevoegdheid hebben om de Work Contracts te beëindigen indien het evident is dat de benodigde vergunning niet zal worden verkregen of als partijen geen overeenstemming over aanpassing van de Work Contracts bereiken:
"If it becomes evident that the PARTIES do not obtain the respective AUTHORIZATIONS or reach an agreement regarding amendment to the WORK CONTRACT to continue performance of the WORK, either PARTY at its sole discretion and before expiry of time periods set out in Clauses 33.5 and 33.6 above, may terminate the WORK CONTRACT by giving notice to the other PARTY 30 days before the date of termination.
(...) "
Op de Work Contracts is Engels recht van toepassing (artikel 35 WCG).
In artikel 37 WCG is een geschillenregeling opgenomen. Lid 2 bevat een arbitraal beding:
“Unless otherwise stated in the WORK CONTRACT, all disputes arising out of or in connection with the WORK CONTRACT DOCUMENTS which are not settled amicably under the preceding paragraph of this Clause within 45 (forty-five) days after receipt of the above-mentioned written request, may be submitted by either PARTY to arbitration in accordance with the Singapore International Arbitration Center (SIAC).
(...)"
CACIB heeft op 26 maart 2021 en 3 februari 2022 aan Saren vijf bankgaranties afgegeven voor in totaal € 39,5 miljoen (de Bankgaranties), ter verzekering van de verplichtingen van Boskalis LLC uit de Work Contracts jegens Saren, de begunstigde van de Bankgaranties.
Op 24 februari 2022 is Rusland Oekraïne binnengevallen.
In verband daarmee zijn op 25 februari 2022 bij (wijzigings)verordening (EU) 2022/328 van de Raad van de Europese Unie de sancties uitgebreid onder Verordening (EU) nr. 833/2014 betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van de acties van Rusland die de situatie in Oekraine destabiliseren (hierna: de Sanctieverordening). Nadien zijn de sancties nog een aantal keer uitgebreid en is de Sanctieverordening dienovereenkomstig aangepast.
Op 4 maart 2022 heeft Boskalis LLC de werkzaamheden gestaakt en de
‘construction site’ in Rusland verlaten.
Nadien heeft telefonisch contact plaatsgevonden tussen Boskalis LLC en Saren.
Bij twee brieven (voor elk van de Work Contracts één) van 22 maart 2022 heeft Boskalis LLC aan Saren het volgende geschreven. Nakomen van de verplichtingen van Boskalis LLC uit de Work Contracts is illegaal geworden door de Sanctieverordening. Boskalis LLC ziet geen mogelijkheid om de Work Contracts zodanig te wijzigen dat het werk in overeenstemming met de Sanctieverordening kan worden voortgezet. Omdat is overeengekomen om van toepassing zijnde sancties na te leven, ziet zij geen andere mogelijkheid dan de Work Contracts te beëindigen met een opzegtermijn van 30 dagen.
Op 25 maart 2022 heeft Saren per brief aan Boskalis LLC geantwoord dat de Sanctieverordening niet van toepassing is op de door Boskalis
LLC uit te voeren werkzaamheden ("SUBCONTRACTOR quoted regulation is related to dual use material export to Russia which is clearly not applicable to this WORK CONTRACT”) en Boskalis LLC gesommeerd het werk te hervatten.
Bij brieven van 30 maart 2022 heeft Saren Boskalis LLC gerappelleerd en daarbij een opinie gevoegd van het advocatenkantoor DLA Piper waarin wordt geconcludeerd dat de baggerwerkzaamheden en levering van ‘dredgers’ (baggerschepen) door Boskalis LLC niet verboden zijn op grond van artikel 3 van de Sanctieverordening en Annex II. Tenslotte heeft Saren voorgesteld overeenkomstig artikel 37.l(a) WCG tot een minnelijke regeling te komen.
Bij brief van 5 april 2022 heeft Boskalis LLC aan Saren een opinie gezonden van Wladimiroff Advocaten, waarin wordt gesteld dat het gaat om levering van vaartuigen en bijbehorende diensten, die onder artikel 2a (= 2 bis) en Annex VII van de Sanctieverordening vallen en daarom wel degelijk verboden zijn. Daarbij heeft Boskalis LLC aangeboden om, hoewel de Work Contracts zijn beëindigd, in minnelijk overleg te treden met Saren.
Bij brief van 15 april 2022 heeft Saren haar sommatie tot werkhervatting herhaald en geantwoord dat, als het standpunt van Boskalis LLC over de toepasselijkheid van de Sanctieverordening gevolgd moet worden, Boskalis LLC een vergunning (authorization) zou moeten aanvragen bij de bevoegde autoriteit om alsnog de werkzaamheden onder de Work Contracts uit te mogen voeren, maar dat zij dat heeft nagelaten.
Op 20 april 2022 heeft Saren aan Boskalis LLC geschreven dat zij een ingebrekestelling heeft ontvangen van Arctic en haar sommatie herhaald. Daarop heeft Boskalis LLC bij brief van 26 april 2022 haar standpunt gehandhaafd dat de werkzaamheden illegaal zijn onder de Sanctieverordening en dat niet te verwachten is dat een vergunning zal worden verstrekt voor de werkzaamheden.
Op 27 april 2022 heeft Saren bij CACIB vijf verzoeken tot uitbetaling onder de Bankgaranties gedaan.
Op 29 april 2022 heeft Baggermaatschappij Boskalis B.V. bij de Nederlandse overheid (Centrale Dienst voor In- en Uitvoer (CDIU) van de Douane) een vergunning ‘uitvoer/wederuitvoer sanctiegoederen naar Rusland’ in verband met het Project aangevraagd. Op 9 mei 2022 heeft de CDIU de ontvangst van de aanvraag bevestigd en gevraagd om een ontbrekend stuk, te weten een ondertekend end user certificate.
Bij notice of assignment van 29 april 2022 hebben Arctic en Saren aan Boskalis LLC gemeld dat Saren op 28 april 2022 haar rechten uit de Work Contracts, de Bankgaranties en uit een door Boskalis Westminster International B.V. verstrekte parent company guarantee van 17 maart 2021 aan Arctic heeft overgedragen.
Bij brieven van 4 mei 2022 heeft CACIB uitbetaling onder de Bankgaranties aan Saren geweigerd omdat de trekkingsverzoeken niet aan de daaraan te stellen (formele) vereisten voldeden.
Krachtens beslissing van het arbitrale hof van Moermansk van 6 mei 2022 heeft Arctic beslag laten leggen op twee schepen van Boskalis c.s. die werden gebruikt bij het Project, te weten de Nordic Giant en de Arctic Scradeway.
Arctic en Saren hebben op 16 mei 2022 in reactie op de brief van Boskalis LLC van 26 april 2022 een door Arctic ondertekend end user certificate aan Boskalis LLC gestuurd. Daarin wordt, kort gezegd, verklaard dat het bij de levering van stenen en het gebruik van vaartuigen door Boskalis LLC niet gaat om zogenaamd dual-use (zie hierna onder 4.10).
Op 18 mei 2022 heeft Saren nieuwe verzoeken gericht aan CACIB tot uitbetaling onder de Bankgaranties. Daarop is door CACIB nog niet beslist.
In een deed van 18 mei 2022 hebben Arctic en Saren vastgelegd dat Saren gerechtigd is om onder de Bankgaranties betaling te verlangen, dat de uit dien hoofde ontvangen bedragen ook aan Saren toekomen, maar niettemin in mindering zullen strekken op hetgeen Boskalis LLC aan Arctic is verschuldigd uit hoofde van de Work Contracts (na de cessie).
3 Het geschil
Boskalis c.s. vordert, kort gezegd:
1) Saren te verbieden enig verzoek tot uitbetaling onder een of meer van de Bankgaranties te doen;
2) Saren te gebieden om, voor zover zij een dergelijk verzoek al heeft gedaan, dat verzoek in te trekken;
3) Saren te verbieden om een rechtsgeldige cessie of overdracht ("assignment”') aan te gaan met betrekking tot de Work Contracts, de Bankgaranties en andere Work Contract Documents;
4) Saren te gebieden om, voor zover zij reeds een dergelijke assignment is aangegaan, deze ongedaan te maken;
5) een en ander op straffe van dwangsommen;
6) CACIB te verbieden om enige uitbetaling te doen onder enig verzoek tot uitbetaling onder de Bankgaranties aan Saren dan wel Arctic;
7) CACIB te verbieden om goedkeuring te verlenen voor de assignment van de rechten, titel, belangen en opbrengsten op en van de Bankgaranties van Saren aan Arctic; en
8) Saren te veroordelen in de proceskosten, met wettelijke rente, en de nakosten.
Boskalis c.s. voert daartoe, samengevat, het volgende aan. Vanwege de Russische inval vanaf 24 februari 2022 in Oekraïne hebben onder meer de Europese Unie, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten (additionele) economische sancties afgekondigd tegen Rusland. De Sanctieverordening, die specifiek de energiesector tot doelwit heeft, maakt de door Boskalis LLC onder de Work Contracts uit te voeren werkzaamheden onmogelijk. Het opzettelijk handelen in strijd met de Sanctieverordening is een misdrijf (art. 2 lid 1 WED). De werkzaamheden voor het Project zouden worden uitgevoerd door verschillende Europese partijen uit onder andere Nederland en België, die inmiddels vrijwel allemaal te kennen hebben gegeven de werkzaamheden niet te kunnen en zullen voortzetten in het licht van de Russische invasie in Oekraïne en de daarmee samenhangende internationale sanctiewetgeving. De Japanse en Franse aandeelhouders in Arctic hebben bovendien in maart 2022 een stop gezet op (nieuwe) investeringen in het project. Verder hebben SACE (de Export Credit Agency van Italië) en de Italiaanse Staatsbank CDP de aan het project toegezegde leningen bevroren vanwege de sancties.
Boskalis LLC heeft de Work Contracts dan ook beëindigd. Saren is het daar ten onrechte niet mee eens en heeft betalingsverzoeken onder de Bankgaranties gedaan.
Die betalingsverzoeken leveren misbruik van de Bankgaranties op, nu Boskalis LLC niet in gebreke is maar zich (anders dan Saren) aan de toepasselijke sanctieregelgeving houdt, en Saren niets van Boskalis LLC te vorderen heeft. De Bankgaranties zijn, zoals gebruikelijk binnen de groep, op verzoek en voor rekening van BWD afgegeven. BWD zou bij uitbetaling door CACIB worden gedebiteerd en dus schade lijden. Bovendien zou uitbetaling strijd opleveren met de toepasselijke sanctieregelgeving. Dat is temeer zo, omdat de opbrengsten van die Bankgaranties aan Arctic zouden toekomen, aan wie Saren ook geprobeerd heeft haar rechten onder de Bankgaranties te cederen. Het zou voor Boskalis LLC en BWD nagenoeg onmogelijk worden om de aldus naar Rusland weggevloeide bedragen nog terug te krijgen. Aan Saren moet daarom verboden worden om betaling onder de Bankgaranties te verlangen en te verkrijgen.
Hoewel Boskalis LLC meent dat het aanvragen van een vergunning voor de uitvoer en wederinvoer van sanctiegoederen naar Rusland zinloos is en de aanvraag zal worden afgewezen, heeft zij gezien het aandringen van Saren een vergunning aangevraagd. De termijn om een aanvraag te doen eindigde op 1 mei 2022. Voordien had Boskalis LLC echter niet de benodigde "End-use Certificates / End-User Statements", ondertekend door Arctic, ontvangen. Daarom heeft Boskalis LLC de vergunningsaanvraag ingediend op 29 april 2022 zonder die bijlage.
Hangende de vergunningaanvraag heeft Boskalis LLC op grond van artikel 33.7 WCG in ieder geval uitstel van haar verplichtingen onder de contracten en is een call onder de Bankgaranties dus misbruik. De beslissing op de aanvraag kan nog acht weken duren. Voor die tijd, vanaf 27 mei 2022, gaat een algeheel verbod gelden op de levering van goederen, technologie en aanverwante diensten voor de aardgasindustrie. Van dat verbod, dat ook zal gelden voor bestaande contracten, zal geen vrijstelling mogelijk zijn. Het is daarom evident dat de vergunning niet zal worden verleend en Boskalis LLC heeft de Work Contracts dus met recht beëindigd (artikel 33.8 WCG). En als dat niet zo zou zijn, dient Saren op grond van artikel 33.7 WCG uitstel voor de nakoming te verlenen gedurende de sanctiebeperkingen.
Bij beëindiging dient nog een afrekening plaats te vinden. Alleen al op grond daarvan heeft Boskalis LLC een vordering van € 14 miljoen op Saren (nog afgezien van overige schade). Ook om die reden moet betaling onder de Bankgaranties worden tegengehouden.
Om zeker te stellen dat de uitspraak in dit kort geding ook jegens CACIB geldt, zodat Saren zich er jegens CACIB niet op kan beroepen dat de uitspraak voor CACIB niet geldt en CACIB haar gewoon moet betalen, wat CACIB in een lastige positie zou brengen, is ook CACIB gedagvaard en wordt tegen haar zekerheidshalve een uitbetalingsverbod onder de Bankgaranties gevorderd.
Boskalis c.s. vordert verder onder meer een verbod op cessie van de Work Contracts. Ter toelichting stelt zij, samengevat, het volgende. Door de beëindiging van de Work Contracts door Boskalis LLC op 22 maart 2022 zijn deze niet meer van kracht per 21 april 2022. De assignment (cessie) per 28 april 2022 is daarmee zonder effect. Voor het geval de beëindiging van de Work Contracts toch niet rechtsgeldig zou zijn, compliceert een assignment in elk geval de positie van Boskalis LLC in het licht van de toepasselijke sancties nog meer omdat de wederpartij van Boskalis LLC onder de Work Contracts door de assignment een volledig Russische wederpartij zou zijn geworden. De sanctieregelgeving zou uitvoering dan a fortiori verbieden.
Daar komt bij dat het Russische Novatek een van de aandeelhouders van Arctic is. CEO en minderheidsaandeelhouder in Novatek is Leonid Mikhelson, een Russische oligarch die sinds april 2022 op de sanctielijst van het Verenigd Koninkrijk staat.
Een andere inmiddels afgetreden bestuurder, Gennady Timchenko, die nog wel indirect minderheidsaandeelhouder in Novatek is, is ook een Russische oligarch die al sinds februari 2022 op de sanctielijsten van zowel de Europese Unie als het Verenigd Koninkrijk staat.
Saren voert – samengevat – de volgende verweren.
Zij voert als formeel verweer dat de (Amsterdamse) voorzieningenrechter niet bevoegd is over het geschil te oordelen, behalve waar het vorderingen 1) en 2) van BWD betreft, omdat tussen Boskalis LLC en Saren een exclusief arbitragebeding geldt en omdat in de verhouding tot CACIB de Belgische rechter bevoegd is.
Inhoudelijk voert Saren aan dat zij gerechtigd is de Bankgaranties te trekken omdat zij miljoenen schade lijdt doordat Boskalis LLC de werkzaamheden heeft gestaakt en daarmee wanprestatie pleegt. Saren heeft op Boskalis LLC een vordering van tenminste € 21 miljoen. De trekkingsverzoeken zijn dus niet kennelijk bedrieglijk of willekeurig, laat staan manifestly fraudulent naar Engels recht.
Boskalis LLC kan zich volgens Saren niet achter de Sanctieverordening verschuilen, omdat de werkzaamheden niet onder de Sanctieverordening vallen en omdat Boskalis LLC, als Russische vennootschap die zich heeft verplicht in Rusland baggerwerkzaamheden te verrichten, niet onder het bereik ervan valt.
De vorderingen tegen CACIB zijn volgens Saren evenmin toewijsbaar, omdat de bankgaranties worden beheerst door Engels recht en de vorderingen daar stranden wegens de insuperable difficulty en de convenience test; BWD dient af te rekenen met Boskalis LLC en heeft dus geen belang.
Het argument van Boskalis c.s. dat een beroep op de Bankgaranties jegens BWD onrechtmatig is, is gekunsteld omdat BWD geen partij is bij de Work Contracts.
Met betrekking tot de cessie dienen in de ogen van Saren alle bezwaren te worden verworpen. Boskalis c.s. maakt niet inzichtelijk waarom zij door de cessie wordt geschaad en heeft daarom geen spoedeisend belang. Cessie van de Bankgaranties heeft bovendien niet plaatsgevonden en zal niet plaatsvinden. De vorderingen uit hoofde van de Work Contracts zijn al gecedeerd. Boskalis LLC kan hiertegen opkomen voor het bevoegde forum, arbitrage bij het SIAC. BWD heeft hier niets van te vinden. Als de cessie van de Work Contracts al inhoudelijk kan worden bezien, dan geldt, aldus nog steeds Saren, dat deze onaantastbaar is omdat de Sanctieverordening er niet aan in de weg stond. En als dit laatste niet juist zou blijken, is de cessie niet tot stand gekomen en heeft Boskalis c.s. geen belang bij (dat deel van de) vorderingen 3) en 4). Om vergelijkbare redenen leidt de stelling van Boskalis c.s. dat zij de Work Contracts heeft opgezegd en dat deze daarom niet voor cessie vatbaar zijn, niet tot toewijzing van de vorderingen.
Los daarvan is vordering 4) niet uitvoerbaar omdat Saren een retrocessie niet zelfstandig kan bewerkstelligen; daar heeft zij Arctic voor nodig, maar die is niet gedagvaard. Tenslotte meent Saren dat een belangenafweging in haar voordeel dient uit te vallen.
CACIB refereert zich aan het oordeel van de voorzieningenrechter. Zij licht nog toe dat op de Bankgaranties het recht van Engeland en Wales van toepassing is, evenals de Uniform Rules for Demand Guarantees, 748/2010 Revision (URDG). Op grond van artikel 20(a) URDG is CACIB verplicht betalingsverzoeken van Saren binnen vijf werkdagen te beoordelen. CACIB beoordeelt onafhankelijk of zij, gelet op de toepasselijke regels, tot betaling moet overgaan en acht zich niet gebonden aan de standpunten van Boskalis c.s. of Saren over de toepassing van het Engelse recht of van de Sanctieverordening.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.