Rechtbank Amsterdam, 14-12-2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:7646, 21/4341, 22/713, 22/714 en 22/715
Rechtbank Amsterdam, 14-12-2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:7646, 21/4341, 22/713, 22/714 en 22/715
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 14 december 2022
- Datum publicatie
- 24 januari 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2022:7646
- Zaaknummer
- 21/4341, 22/713, 22/714 en 22/715
Inhoudsindicatie
Aan eiseres zijn naheffingsaanslagen parkeerbelasting opgelegd. In geschil is of het voertuig van eiseres valt onder de categorie bromfiets, zoals eiseres stelt, zodat zij geen parkeerbelasting verschuldigd was. Volgens eiseres is de Parkeerverordening 2013 van de gemeente Amsterdam in strijd met de EU-Verordening 168/2013. De rechtbank oordeelt dat het voertuig van eiseres valt onder de categorie bromfiets, maar ook onder de subcategorie brommobiel. Op grond van de Parkeerverordening moeten brommobielen parkeerbelasting betalen als zij op een fiscale parkeerplek geparkeerd staan. De EU-Verordening kent de subcategorie brommobiel niet, maar de RVV 1990 en de Parkeerverordening wel. Dat dit onderscheid gemaakt wordt voor de heffing van parkeerbelasting is niet in strijd met de EU-Verordening, nu deze Verordening niet ziet op het heffen van parkeerbelasting.
Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummers: AMS 21/4341, 22/713, 22/714 en 22/715
[eiseres] , uit Amsterdam, eiseres
( [gem.eiseres] ),
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam, verweerder
( [gem. verweerder] ).
Inleiding
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van eiseres tegen vier naheffingsaanslagen parkeerbelasting.
Op 29 april 2021, 24 september 2021, 19 oktober 2021 en 25 november 2021 is aan eiseres een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd. Met vier bestreden uitspraken van 20 augustus 2022, tweemaal 31 januari 2022 en 1 februari 2022 op de bezwaren van eiseres heeft de heffingsambtenaar de naheffingsaanslagen gehandhaafd.
Eiseres is in beroep gegaan tegen deze vier bestreden uitspraken. De heffingsambtenaar heeft op de beroepen gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft de beroepen op 5 december 2022 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de heffingsambtenaar.