Rechtbank Amsterdam, 11-01-2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:145, C/13/718627 / HA ZA 22-458
Rechtbank Amsterdam, 11-01-2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:145, C/13/718627 / HA ZA 22-458
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 11 januari 2023
- Datum publicatie
- 22 januari 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2023:145
- Zaaknummer
- C/13/718627 / HA ZA 22-458
Inhoudsindicatie
Artikel 3 en 38 Wwft: cliëntenonderzoek. Online identificatie en verificatie. Recht op fysieke identificatie? Artikel 33 Wwft: bewaarplicht. Recht op overlegging van een beschreven kopie van identiteitsbewijs? Afwijzing vorderingen.
Uitspraak
vonnis
Afdeling privaatrecht
zaaknummer / rolnummer: C/13/718627 / HA ZA 22-458
Vonnis in verzet van 11 januari 2023
in de zaak van
1. de vennootschap onder firma
SERVICEKOSTEN CONSULTANCY V.O.F.,
gevestigd te Hoofddorp,
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats] ,
eisers,
gedaagden in het verzet,
advocaat mr. B.O. Eschweiler te Amsterdam,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
INTERNATIONAL CARD SERVICES B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
gedaagde,
eiseres in het verzet,
advocaat mr. A.L. Bremmer te Amsterdam.
Partijen worden hierna aangeduid als SCK, [eiser 2] en ICS.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding van 2 maart 2022, met producties;
- -
-
het verstekvonnis van 20 april 2022, met kenmerk C/13/715211 / HA ZA 22-230 (hierna: het verstekvonnis);
- -
-
de verzetdagvaarding van 23 mei 2022;
- -
-
het herstelexploot oproeping van 7 juni 2022;
- -
-
het tussenvonnis van 20 juli 2022, waarin een mondelinge behandeling is bepaald;
- -
-
het proces-verbaal van de op 1 december 2022 gehouden mondelinge behandeling, met het daarin vermelde processtuk;
- -
-
de brief van 8 december 2022 van ICS, met opmerkingen op het proces-verbaal.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
SKC, waarvan [eiser 2] vennoot is, houdt sinds 2015 een zakelijke creditcard aan bij ICS, een dochtervennootschap van ABN AMRO Bank N.V. De creditcard is op naam gesteld van [eiser 2] Servicekosten Consultancy en wordt door [eiser 2] gebruikt voor zakelijke betalingen.
[eiser 2] houdt ook een privé creditcard aan bij ICS, waarvan hij en zijn echtgenote ieder kaarthouder zijn.
Op de overeenkomsten met SKC en [eiser 2] zijn de Algemene Card-voorwaarden ICS van januari 2021 (hierna: de algemene voorwaarden) van toepassing.
Eind 2020 is ICS gestart met het (opnieuw) controleren van de identiteit van haar klanten. Bij e-mailbericht van 4 mei 2021 heeft ICS SKC verzocht de bedrijfsgegevens te controleren en aan te vullen. Nadat [eiser 2] de gegevens van SKC had aangevuld, ontving hij dezelfde dag een e-mailbericht van ICS met het verzoek zich online te identificeren. Dit e-mailbericht luidt, voor zover hier relevant:
“(...) Nu is het tijd voor de volgende stap: online identificatie. Ook deze stap is nodig om te kunnen voldoen aan de eisen van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). In deze e-mail leest u wat er precies moet gebeuren. Alvast bedankt voor uw medewerking.
Veilig online identificeren – zo werkt het
Om uw Card(s) te kunnen blijven gebruiken, is het belangrijk dat u zich identificeert vóór 03 juni 2021. Online identificeren is veilig en gemakkelijk en duurt maar een paar minuten:
1. Haal uw persoonlijke validatiecode op in Mijn ICS Business: log in als Contactpersoon en klik op de knop ‘Codes ophalen’.
2. Bekijk de uitleg op icsbusiness.nl/id en klik op de knop Start online identificatie. Let op: de identificatie kan alleen met een smartphone.
(...)
Wat doen we met uw gegevens?
Bij ICS vinden wij uw privacy belangrijk. Wij zorgen er daarom voor dat wij uw gegevens zorgvuldig verwerken. (...)”
Volgens de door ICS op haar website weergegeven uitleg houdt de online identificatie kort gezegd het volgende in. De klant downloadt de app “ICS Identificeren” op een smartphone. De klant vult zijn geboortedatum en de ontvangen persoonlijke validatiecode in. Vervolgens kiest de klant welk identiteitsbewijs hij wenst te gebruiken voor de identificatie. De klant maakt een foto van het originele identiteitsbewijs. Een foto van een foto of een kopie van het identiteitsbewijs wordt niet goedgekeurd. Het identiteitsbewijs dient onbeschreven te zijn. Daarnaast maakt de klant een foto van zichzelf met de smartphone (selfie). Ook hiervoor geldt dat een foto van een foto niet wordt goedgekeurd. Tot slot slaat de klant beide foto’s op in de app (uploaden).
Verder is op de website van ICS onder het kopje “veelgestelde vragen” over de online identificatie het volgende te lezen, voor zover hier relevant:
“Waarvoor gebruiken jullie de foto van mijn identiteitsbewijs?
We gebruiken de foto van uw identiteitsbewijs voor de identificatie en de controle van uw gegevens. Via de foto controleren we of uw identiteitsbewijs echt is, en of het echt van u is. We bewaren de foto daarna als bewijs van uw identificatie. We gaan zorgvuldig om met de foto’s die u maakt bij de online identificatie, en met de andere gegevens die u met ons deelt. Meer hierover leest u in ons Privacy Statement.
Goed om te weten: de foto die u van het identiteitsbewijs maakt, en wij bewaren, krijgt een watermerk. Zodat het document echt alleen gebruikt kan worden voor uw online identificatie bij ICS. Het watermerk ziet er zo uit (...)”
Hoelang bewaren jullie mijn identificatie?
De foto van uzelf en de foto van uw identiteitsbewijs met het watermerk, bewaren wij in onze systemen zolang u klant bij ons bent. Daarna bewaren we de foto’s nog eens 7 jaar. Dat is omdat wij, net als andere bedrijven, verplicht zijn om onze administratie 7 jaar te bewaren (...)”
Bij e-mailbericht van 25 mei 2022 heeft ICS een herinnering verstuurd aan SKC, waarin ICS haar verzoek tot online identificatie heeft herhaald. Hierin heeft ICS verder geschreven, voor zover relevant:
“(...) Voorkom dat de Card(s) worden geblokkeerd
Om de Card(s) van uw bedrijf te kunnen blijven gebruiken, is het belangrijk dat de identificatie gebeurt vóór 03 juni 2021. Daarna moeten wij de Card(s) van uw bedrijf helaas blokkeren en mogelijk onze overeenkomst met u opzeggen. (...)”
[eiser 2] heeft zich niet voor 3 juni 2021 online geïdentificeerd. [eiser 2] heeft bij ICS zijn bezwaren geuit tegen het uploaden van een onbeschreven kopie van zijn identiteitsbewijs. Ter onderbouwing hiervan verwijst [eiser 2] naar de website van Autoriteit Persoonsgegevens (hierna: AP), met name de volgende passages:
“Mag ik iets op een kopie van mijn identiteitsbewijs schrijven?
Ja, dat mag. U heeft altijd het recht om een tekst door de kopie van uw identiteitsbewijs heen te schrijven. Zo beschermt u de kopie tegen identiteitsfraude.
In sommige gevallen heeft een organisatie of bedrijf een wettelijke grondslag om een volledige kopie van uw identiteitsbewijs te verwerken voor een specifiek doel.
Bijvoorbeeld wanneer u als werknemer in dienst treedt bij een bedrijf. Uw werkgever moet dan een kopie van uw identiteitsbewijs bewaren.
Maar ook in die gevallen heeft u altijd het recht om een tekst door de kopie van uw identiteitsbewijs heen te schrijven. Bijvoorbeeld: ‘Kopie voor [naam werkgever] van [datum]’.
Zo beschermt u de kopie tegen identiteitsfraude, want de volledige kopie zal niet zomaar voor een ander doel gebruikt kunnen worden.
Let op: alle persoonsgegevens (zoals de foto en het BSN) op de beschreven kopie moeten leesbaar zijn. Ook de foto moet voldoende zichtbaar zijn om u te kunnen identificeren.
Wat u op de kopie schrijft, mag dus geen afbreuk doen aan de identificerende functie van de kopie. (...)
Mag een organisatie een beschreven kopie van mijn identiteitsbewijs weigeren?
Nee, dat mag niet. Wanneer die organisatie een wettelijke grondslag heeft om een volledig kopie van het identiteitsbewijs te verwerken, dan is een beschreven kopie hiervoor genoeg.
U kunt er dus voor kiezen om op de kopie te schrijven. Dat is ook aan te raden, want zo beschermt u de kopie tegen identiteitsfraude. (...)”
Naar aanleiding van de bezwaren van [eiser 2] heeft ICS in haar e-mailberichten van 15 en 16 juni 2021 [eiser 2] onder andere uitgelegd waarom het nodig is dat hij zich online identificeert en waarom hij het identiteitsbewijs niet mag beschrijven:
“Waarom kunt u het identiteitsbewijs niet beschrijven?
U kunt het identiteitsbewijs niet beschrijven. Zoals eerder aangegeven kunnen we alleen digitaal identificeren. Bij de identificatie moet het identiteitsbewijs op echtheid worden gecontroleerd. Schrijft u iets op het document dan zorgt dit ervoor dat de echtheid van het document niet kan worden vastgesteld. (...)”
Bij e-mailbericht van 22 juni 2021 heeft ICS twee alternatieven voor het online identificeren voorgedragen, namelijk identificatie aan huis of identificatie bij de notaris. Bij de eerste variant komt een medewerker van het door ICS ingeschakelde bedrijf AMP Group bij de klant langs om hem te identificeren. De medewerker gebruikt hiervoor dezelfde software als bij de online identificatie (via de app). Bij de tweede variant kan de klant zich bij de notaris identificeren, die daarvan een akte opmaakt. In beide gevallen wordt het identiteitsbewijs op echtheid gecontroleerd door middel van een scanner. [eiser 2] heeft op dezelfde dag per e-mail gereageerd en kort gezegd te kennen gegeven dat de door ICS aangeboden alternatieven niet bespreekbaar zijn.
Op 17 december 2020 heeft [eiser 2] een klacht ingediend bij AP. Bij brieven van 17 mei 2021 en 27 januari 2022 heeft [eiser 2] zijn klacht nogmaals onder de aandacht gebracht bij AP. AP heeft hierop nog niet beslist.
Bij brief van 3 juni 2021 heeft ICS de klacht van [eiser 2] afgewezen, waarna [eiser 2] zijn rechtsbijstandverzekeraar DAS heeft ingeschakeld. Naar aanleiding van een brief van DAS van 30 juli 2021 heeft ICS bij e-mailbericht van 11 augustus 2021 aangegeven in afwachting van een inhoudelijke reactie van DAS zowel de creditcard als de privé creditcard vooralsnog niet te sluiten.
Bij e-mailbericht van 24 september 2021 heeft DAS namens [eiser 2] bezwaar gemaakt tegen het gebruik van een scanner en ICS verzocht genoegen te nemen met een beschreven kopie van het identiteitsbewijs van [eiser 2] . In reactie daarop heeft ICS op dezelfde dag te kennen gegeven geen andere alternatieven te accepteren dan de identificatie aan huis door een AMP medewerker of de identificatie bij de notaris zoals hiervoor onder 2.10 beschreven en heeft de klacht van [eiser 2] wederom afgewezen.
3 Het geschil
[eiser 2] en SCK hebben in de verstekprocedure gevorderd dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. voor recht verklaart dat ICS niet van [eiser 2] en SCK kan eisen zich op de wijze zoals door ICS wordt voorgeschreven te doen identificeren;
II. voor recht verklaart dat [eiser 2] gerechtigd is een (fysieke) identificatie te eisen, in het kader waarvan een kopie en/of scan van het originele identiteitsbewijs, zonder dat deze is gewaarmerkt, achterwege blijft;
III. voor recht verklaart dat [eiser 2] gerechtigd is zelf een waarmerk aan te brengen op een kopie van het identiteitsbewijs welke voor ICS tot opslag ex artikel 33 Wwft dient;
IV. ICS verbiedt de creditcard te blokkeren en de rechtsverhouding tussen partijen te doen beëindigen, enkel en alleen vanwege de omstandigheid dat [eiser 2] en SCK zich aan de door ICS voorgeschreven identiteitsprocedure niet wensen te conformeren;
V. ICS veroordeelt in de kosten van deze procedure.
[eiser 2] en SCK hebben hiertoe - kort samengevat - het volgende gesteld. Er bestaat geen wettelijke verplichting voor ICS voor het hanteren van de online identificatiemethode van ICS. Hooguit bestaat de wettelijke plicht voor ICS om [eiser 2] in het kader van de Wwft te identificeren. [eiser 2] is hiertoe bereid, maar uitsluitend door middel van een fysieke identificatie. Daarnaast is er geen wettelijke grondslag voor het maken van een kopie van een onbeschreven, niet gewaarmerkt identiteitsbewijs. [eiser 2] is slechts bereid een door hemzelf gewaarmerkte kopie van het identiteitsbewijs te verstrekken. Tot slot stellen [eiser 2] en SCK dat de door ICS gehanteerde methode in strijd is met de AVG en naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onacceptabel is.
Bij het verstekvonnis zijn de vorderingen van [eiser 2] en SCK integraal toegewezen en is ICS veroordeeld in de proceskosten, aan de zijde van [eiser 2] en SCK tot de dag van de uitspraak begroot op in totaal € 1.370,18 (€ 131,18 aan explootkosten, € 676,00 aan griffierecht en € 563,00 aan salaris gemachtigde). ICS heeft aan de proceskostenveroordeling voldaan.
ICS is van mening dat het verstekvonnis moet worden vernietigd en dat de vorderingen van [eiser 2] alsnog moeten worden afgewezen. ICS vordert daarom in het verzet dat de rechtbank, uitvoerbaar bij voorraad:
I. ICS ontheft van de tegen haar in het verstekvonnis uitgesproken veroordelingen;
II. de vorderingen van [eiser 2] en SCK afwijst, althans [eiser 2] en SCK niet-ontvankelijk verklaart in hun vorderingen;
III. [eiser 2] en SCK hoofdelijk veroordeelt in de proces- en nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.