Rechtbank Amsterdam, 03-04-2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:2068, 23/6240
Rechtbank Amsterdam, 03-04-2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:2068, 23/6240
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 3 april 2024
- Datum publicatie
- 18 april 2024
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2024:2068
- Zaaknummer
- 23/6240
Inhoudsindicatie
Woo. Eisers verzoek is gericht aan een bestuursorgaan en valt onder de reikwijdte van de Woo. De rechtbank is van oordeel dat de verrichte zoekslag onzorgvuldig is geweest. Daarnaast is sprake van een motiveringsgebrek. Verweerder heeft ten onrechte categoraal geweigerd de gevonden documenten openbaar te maken met een beroep op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de hoogleraar. Verweerder moet per document, dan wel per zelfstandig onderdeel van een document, een belangenafweging maken. Bij die belangenafweging dient verweerder mee te wegen dat betrokkene, in zijn hoedanigheid als hoogleraar, minder snel bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer geniet en er ook een verzwaarde motiveringsplicht geldt.
Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 23/6240
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
en
het college van bestuur van de Universiteit Amsterdam, verweerder
(gemachtigden: mr. M.J. Wijnen-Verhoek en mr. N. van den Brink).
Inleiding
Eiser heeft bij verweerder om openbaarmaking van bepaalde informatie op grond van de Wet openbaarheid overheid (Woo) verzocht. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn verzoek.
De rechtbank heeft het beroep op 6 februari 2024 op zitting behandeld. Eiser is, met bericht van verhindering, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden.